Meest recent

    Vlaming betaalt te weinig voor transport

    De belastingen en heffingen die Vlamingen op onder meer (salaris)wagens en vliegtuigtickets betalen, volstaan niet om de maatschappelijke kosten van die vervoersmiddelen te dekken. Dat schrijven De Standaard en Het Nieuwsblad op basis van een rapport van Transport & Mobility. In sommige gevallen zouden de bijdragen tot vijf keer hoger moeten liggen.

    Hoeveel betaalt de Vlaming voor de maatschappelijke kosten die zij of hij veroorzaakt door zich te verplaatsen? Op die vraag zocht Transport & Mobility in Leuven een antwoord in het onderzoeksrapport Internalisering van externe kosten van transport in Vlaanderen.

    Het rapport maakt een onderscheid tussen twee soorten kosten: private kosten en marginale externe kosten. Die eerste categorie betreft kosten die de gebruiker rechtstreeks uit eigen zak betaalt. In het geval van een personenwagen gaat het bijvoorbeeld om de aankoop van het voertuig, verzekeringen, onderhoud en brandstof. In het geval van openbaar vervoer of groepsvervoer gaat het om de prijs van een ticket.

    De tweede categorie zijn kosten die de gebruiker onrechtstreeks veroorzaakt door zich te verplaatsen. Het gaat dan onder meer om kosten als gevolg van fileleed, luchtvervuiling en de uitstoot van broeikasgassen, maar ook uitgaven in de gezondheidszorg die hieruit voortvloeien.

    Dieselwagens

    In principe betaalt de gebruiker allerlei belastingen en heffingen om ook de marginale externe kosten te dekken. Alleen volstaan die bijdragen lang niet om dat volledig te doen, zo concludeert Transport & Mobility. Het gevolg is dat de maatschappij en de overheid het leeuwendeel van die marginale externe kosten voor hun rekening nemen.

    Zo veroorzaakt een bestuurder van een dieselwagen per 100 kilometer een maatschappelijke kostprijs van 20,50 euro. Alle belastingen die zij of hij betaalt, dekken hiervan slechts 42 procent. Een bestuurder van een benzinewagen doet het beter. Hier bedraagt de maatschappelijke kostprijs per 100 kilometer 20,74 euro waarvan zij of hij 85 procent betaalt via belastingen.

    Salariswagens

    Een pak slechter is het gesteld met bestuurders van een salariswagen op diesel. Ook zij veroorzaken een maatschappelijke kostprijs van 20,50 euro per 100 kilometer, maar betalen hiervan slechts 21 procent via belastingen en heffingen.

    Bestuurders van een wagen op aardgas doen het nog slechter met een bijdrage van amper 17 procent van de 20,45 euro maatschappelijke kosten die zij per 100 kilometer veroorzaken. De belastingen en heffingen die deze bestuurders betalen, zouden met andere woorden ruim vijf keer hoger moeten liggen om alle maatschappelijke kosten die ze veroorzaken te dekken.

    Vliegtuig versus fiets

    Vliegtuigreizigers spannen weinig verrassend de kroon. Wie een lagekostenvlucht neemt, veroorzaakt een maatschappelijke kostprijs van liefst 199,9 euro per 100 kilometer. Tegelijk dekken vliegtaksen amper 8 procent van dit bedrag.

    Wie fietst, levert dan weer een bijdrage aan de maatschappij. Zowel gebruikers van een gewone fiets als een elektrische fiets veroorzaken een maatschappelijke kostprijs die lager ligt dan de winst die de overheid onder meer in de gezondheidszorg boekt. Fietsers zijn immers gezonder en leiden langer een kwaliteitsvol leven.