Meest recent

    Trump vraagt onderzoek Congres naar "afluisterpraktijken" door Obama

    De Amerikaanse president Donald Trump vraagt het Congres een onderzoek te voeren naar mogelijke afluisterpraktijken tegen zijn persoon, voor de verkiezingen van 8 november. Hij wijst daarbij zijn Democratische voorganger Barack Obama met de vinger. Politici van beide grote partijen willen nu weten waarop die beschuldigingen gebaseerd zijn.

    "President Donald J. Trump vraagt dat als onderdeel van hun onderzoek naar Russische activiteiten, de inlichtingencommissies in het Congres hun toezichtsautoriteit uitoefenen om vast te stellen of onderzoeksbevoegdheden van de uitvoerende macht zijn misbruikt in 2016", citeert zender ABC News een verklaring van het Witte Huis.

    Nog volgens de verklaring zullen Trump en het Witte Huis geen verdere commentaar geven, tot het onderzoek naar mogelijk machtsmisbruik is afgerond. Toch noemde zijn woordvoerder Sean Spicer de situatie "erg verontrustend". 

    De Amerikaanse president Donald Trump had gisteren zijn voorganger Barack Obama ervan beschuldigd dat hij vorig jaar zijn kantoor in de Trump Tower New York heeft afgeluisterd tijdens de verkiezingscampagne .

    Een woordvoerder van ex-president Obama (foto in tekst) heeft dat meteen ontkend en veel Democratische politici spreken over "nonsens" en "laster". Ook James Clapper, onder Obama hoofd van de inlichtingendiensten, ontkent met klem dat de Trump Tower werd afgeluisterd.

    Zowel Democratische als Republikeinse Congresleden willen intussen een onderzoek om te weten of er al dan niet iets aan is van de beschuldigingen. De Republikein Marco Rubio, vorig jaar nog presidentskandidaat, wil weten waarom Trump zich baseert voor zijn beschuldigingen.

    Trump speelt hoog spel met "nieuw Watergate"

    Het gaat om zeer ernstige beschuldigingen en het is uitzonderlijk dat een zittende president zijn voorganger op een dergelijke harde manier aanvalt. Veel commentatoren verwijzen ook naar het Watergate-afluisterschandaal van 1972 dat uiteindelijk de Republikeinse president Richard Nixon (foto in tekst) tot aftreden dwong. Nixon had toen kritische journalisten en politieke tegenstanders laten afluisteren, maar dat werd ontdekt.

    Een president heeft het recht niet om mensen in eigen land te laten afluisteren. Dat kan enkel door de politie en dan nog via gerechtelijk bevel als er vermoedens zijn over mogelijke criminele activiteiten of als de nationale veiligheid in het gedrang zou komen.

    Volgens enkele media in de VS heeft de federale politie FBI vorig jaar van een speciale rechtbank de toestemming gevraagd om sommige leden van de campagne van Trump te volgen omdat ze verdacht werden van illegale contacten met Russische diplomaten en spionnen. Die vraag werd eerst afgewezen, maar in oktober zou er groen licht zijn gekomen. Van die berichten is er evenwel geen enkele bevestiging. Hoe dan ook zou er geen sprake zijn van een illegale inbreuk als die toestemming ook echt verleend werd.

    Sowieso dreigt er een grote politieke rel in de VS, zeker als Trump zijn beschuldigingen niet hard kan maken. Anderzijds kunnen die beschuldigingen ook bedoeld zijn om de aandacht af te leiden van onderzoeken naar illegale of verdachte contacten van toplui van de regering-Trump met Rusland. Dat heeft al tot het ontslag geleid van de nationale veiligheidsadviseur Michael Flynn en ook de positie van minister van Justitie Jeff Sessions zou hierdoor in het gedrang komen. Sessions zou onder eed gelogen hebben over zijn contacten met Russen vorig jaar. Dat kan ook voor hem leiden tot ontslag.