Meest recent

    Peugeot-Citroën koopt Opel van General Motors

    De Franse autogroep PSA en de Amerikaanse tegenhanger General Motors hebben een akkoord aangekondigd over de verkoop van het GM-filiaal Opel. Het Duitse Opel en het Britse zustermerk Vauxhall worden dus een onderdeel van Peugeot-Citroën dat zo de tweede autogroep van Europa wordt. PSA betaalt 1,3 miljard euro voor de Duitse autobouwer. Daarbovenop wordt er nog 0,9 miljard betaald voor de financiële tak van GM in Europa.
    Copyright 2017 The Associated Press. All rights reserved.

    PSA Peugeot Citroën wil met de overname van Opel en het Britse zustermerk Vauxhall een "Europese autokampioen" worden en de op een na grootste worden, na Volkswagen. Bovendien neemt PSA in joint venture met de Franse bank BNP Paribas Fortis de Europese financieringstak GM Financial over voor 0,9 miljard euro. De autogroep boven de merken Peugeot, Citroën en DS legt zo 1,8 miljard euro op tafel.

    De deal zat er al een tijdje aan te komen. PSA, het moederbedrijf boven Peugeot en Citroën, had al zo goed als carte blanche gekregen van zowel de Duitse, de Britse als de Franse overheden en van de machtige Duitse metaalvakbond IG Metall. PSA had onder meer de Duitse regering gepaaid met de belofte om zich te houden aan afspraken van General Motors inzake werkgelegenheid en het behoud van de drie vestigingen in Rüsselsheim, Kaiserlautern en Eisenach.

    De Franse regering -met 13,7% hoofdaandeelhouder in PSA- steunde de overname voluit, ook op voorwaarde dat er in eigen land geen banen zouden sneuvelen. De overname van Opel-Vauxhall past overigens in een Franse industriële strategie om grote Europese "kampioenen" uit te bouwen naar het model van vliegtuigbouwer Airbus. 

    Voor PSA betekent de overname de "grote sprong vooruit". De groep verdringt zo de alliantie Renault-Nissan als grootste Franse autoproducent en wordt in Europa de nummer twee na de Volkswagen Groep, die onder meer ook Audi, Skoda en Seat omvat. 

    Bovendien hoopt PSA op een forse kostenbesparing tot twee miljard euro, onder meer door het gebruik van gemeenschappelijke platformen, motoren en besparingen door de ontwikkeling van elektrische wagens. PSA krijgt zo ook de technologie en de patenten van Opel en Vauxhall in handen.

    Nog een voordeel: bij een brexit is PSA dan zowel vertegenwoordigd in de EU-markt als in de Britse. Zo kan PSA in de vestigingen van Vauxhall dan ook Peugeots en Citroën voor de Britse markt produceren. Het is een opmerkelijke ommekeer voor PSA dat drie jaar geleden nog van de ondergang gered moest worden door een kapitaalinbreng van de Franse staat en de Chinese groep Dongfeng.

    GM was de verliezen bij Opel beu

    Voor General Motors, dat Opel in 1929 had overgenomen, betekent de deal het vertrek uit Europa, maar tegelijk is GM dan weer verlost van zijn Europese zorgenkind Opel. Sinds 1999 heeft de Duitse autobouwer geen winst meer geboekt en die verliezen moesten telkens worden ingeschreven in de jaarrekeningen van de Amerikaanse moedergroep.

    Enkele jaren geleden stond Opel-Vauxhall te koop, maar de deal met de Canadees-Oostenrijkse producent van auto-onderdelen Magna ging niet door. Ook toen kwam PSA even aan het raam kijken, maar liep toen weg wegens gebrek aan kapitaal.

    Opel hoopt nu bij PSA een veilige haven binnen te varen. Wel zijn de beloften om tot 2018 geen enkele baan te schrappen en tot 2020 geen enkele vestiging in Duitsland te sluiten, niet echt ver in de tijd meer.

    Er is ook ongerustheid in Spanje, na Duitsland de grootste autoproducent in Europa. In dat land is er een overlap de twee fabrieken van PSA en een grote van Opel in Zaragoza. Tegenover Madrid heeft PSA geen beloften gedaan, maar anderzijds is het wel goedkoop produceren in Spanje.