Meest recent

    Prijzen in horeca en van telecom stijgen sneller in ons land dan in buurlanden

    De prijzen in de horeca, van telecom- en van culturele diensten stijgen in ons land veel sneller dan in onze buurlanden. Dat blijkt uit een studie in opdracht van minister van Economie Kris Peeters (CD&V). Samen zijn de prijsstijgingen goed voor de helft van het verschil in inflatie tussen ons land en Nederland, Frankrijk en Duitsland.
    © lev dolgachov - creative.belgaimage.be

    In de periode 2008-2016 kwam de totale inflatie in België uit op 1,5 procent tegenover 1,1 procent in de drie grote buurlanden. Het inflatieverschil over de hele periode komt zo uit op 3,6 procentpunten. Het verschil kan volgens de studie uitgevoerd door een werkgroep met de Nationale Bank, het Planbureau, het Prijsobservatorium en de FOD Economie voor 45 procent verklaard worden door de diensteninflatie.

    Het verschil in diensteninflatie wordt voor twee derde verklaard door een snellere prijsstijging bij de restaurants en cafés (39 procent) , door de telecom (16 procent), en door culturele diensten (12 procent).

    In de horeca ligt de oorzaak van de prijsstijgingen bij de witte kassa, die de lonen van het horecapersoneel heeft doen stijgen. Die loonkosten rekenen de horeca-uitbaters door aan de klanten.

    In de telecomsector daalden de prijzen minder snel dan in de buurlanden en zijn vooral de bundels duurder. Wie een bundel heeft, en dus met al zijn telecomdiensten bij één operator zit, is niet snel geneigd om van operator te veranderen. Daardoor kunnen die makkelijk hun prijzen verhogen.

    Peeters besliste vorige zomer om een analyse te vragen omdat de diensteninflatie systematisch hoger ligt dan in de buurlanden. De resultaten tonen volgens de vicepremier aan dat de diensteninflatie niet eenvoudigweg hoger is door alleen de regeringsbeslissingen. Anderzijds dragen "gereguleerde diensten", zowat een derde van de diensten, waarbij de overheid de prijs deels of volledig bepaalt, sinds 2012 wel bij tot een snellere inflatie tegenover de buurlanden. Gereguleerde diensten zijn onder meer onderwijs, huisvuilophaling en gezondheidszorg. Maar volgens Peeters zijn die diensten geen voldoende verklaring voor de hogere inflatie.

    De minister gaat nu de werkgroep vragen om de diensteninflatie jaarlijks te monitoren en aanbevelingen te doen. Voor de horeca verwacht Peeters dat het verschil de komende jaren zal afnemen omdat de sector in een overgang zit en voor de telecom verwacht Peeters veel heil van de "easy switch", die vanaf juli het de consument gemakkelijker moet maken over te stappen voor bundels.