Meest recent

    Revolutie in Rusland, einde van de tsarentroon

    In deze rubriek brengen we de grote en kleine gebeurtenissen tijdens de Eerste Wereldoorlog deze week 100 jaar geleden. In Rusland zegeviert de revolutie en treedt tsaar Nicolaas II, zijn broer weigert hem op te volgen. Frankrijk wisselt weer eens van regering en in Picardië vindt onverwacht een grote Duitse terugtocht plaats.

    Nikolaas II is afgetreden als keizer van het Russische Rijk. In de namiddag van de 15de maart (2 maart voor de Russische kalender) ondertekende hij een akte van troonsafstand in de wagon van zijn keizerlijke trein.

    Die trein bevond zich al een paar dagen in de stad Pskov, ten zuiden van Petrograd. Nicolaas zat daar vrijwel vast door de staking van het spoorwegpersoneel.

    Aleksandr Goetsjkov, de minister van Oorlog in de pas gevormde voorlopige regering, was samen met het monarchistische parlementslid Vasili Sjoelgin, naar Pskov gereisd om zijn abdicatie te vragen.

    Nicolaas ontving hen in alle kalmte. Hij had de dag daarvoor al zijn beslissing genomen, nadat hij per telegraaf de mening zijn legercommandanten had geraagd. Alle generaals, stafchef Aleksejev voorop, drongen aan op zijn abdicatie.

    Rechts de tsaar en tsarina en hun zoon in de keizerlijke treinwagon in betere tijden, links de ondertekening door de tsaar van zijn troonafstand

    De tsaar stelde wel één eis. Hij treedt niet alleen zelf af, maar ook voor zijn minderjarige zoon Aleksej.

    Dit leek een probleem. Formeel kan de keizer niet zomaar zijn eigen opvolger uitsluiten. Bovendien wilde de voorlopige regering dat Aleksej in naam tsaar zou worden en dat Nicolaas’ broer Michael een regentschap zou waarnemen. Maar de 12-jarige tsarevitsjj is ongeneeslijk ziek is en zijn vader wil van hem niet gescheiden worden.

    Goetsjkov en Sjoelgin stemden daar uiteindelijk mee in. Het belangrijkste was dat Nicolaas opstapt. Alleen dat zou de tsarentroon nog kunnen redden.

    Nicolaas zelf bleef de hele tijd onverstoorbaar. Hij leek zelfs opgelucht dat hij van een zware last bevrijd is. Hij heeft gevraagd om zo snel mogelijk terug te keren naar zijn gezin in Tsarkoje Selo, de keizerlijke residentie nabij Petrograd.

    Keizerin Alexandra reageerde heel anders toen ze de abdicatie van haar man vernam. Ze trilde en begon daarop te huilen.

    Aankondiging van de troonafstand van Nicolaas II door de sovjet (revolutionaire stadsraad) van Petrograd

    Grootvorst Michael weigert de tsarentroon

    Grootvorst Michael Aleksandrovitsj, de broer van de afgetreden Russische tsaar, weigert deze op te volgen. 27 uur na de troonsafstand van zijn broer ondertekende Michael een document waarin hij van de troon afzag en opriep de Russische voorlopige regering te gehoorzamen.

    Een verrassing is dit niet. De voorlopige regering heeft daar zelf op aangedrongen.

    De conservatieven en ook de liberale minister Miljoekov eisten nog dat de monarchie als instelling zou blijven bestaan. Anders zou elk legitiem gezag in Rusland kunnen verdwijnen, vreesden ze. De meer progressieve ministers, zoals Kerenski, legden hen uit dat het volk geen nieuwe tsaar zal dulden.

    Grootvorst Michael naast zijn broer Nicolaas ( Welt im Bild, 28 maart 1917)

    De stemming in Petrograd is duidelijk. De portretten van Nicolaas II zijn overal verdwenen, de meeste standbeelden van de Russische tsaren zijn vernield en ook andere symbolen van de Russische monarchie worden verwijderd.

    Toen de monarchistische minister Goetsjkov in een toespraak tot arbeiders de abdicatie van Nicolaas aankondigde en daarop “Leve keizer Michael !” riep, werd hij uitgejouwd.

    Michael zelf was niet enthousiast. De verlegen grootvorst was totaal verrast door het nieuws dat hij tsaar werd. Hij vreesde voor de gevaren. Toen bleek dat hij van de regering geen garantie kon krijgen voor zijn persoonlijke veiligheid, was zijn beslissing genomen.

    De keizerlijke adelaar boven een van de poorten van het winterpaleis is afgedekt

    Proclamatie voorlopige regering

    De voorlopige regering van Rusland heeft meteen een aantal beslissingen afgekondigd.

    In heel Rusland gelden voortaan persvrijheid en vrijheid van vergadering. Elk onderscheid op basis van klasse, godsdienst of nationaliteit is afgeschaft. Soldaten krijgen buiten hun dienst volledige burgerrechten.

    Alle politieke gevangenen krijgen amnestie. De politie wordt ontbonden en vervangen door een volksmilitie met verkozen officieren.

    Er komen vrije verkiezingen voor een grondwetgevende vergadering. Die zal beslissen over de regeringsvorm van het land (monarchie of republiek).

    Gevangengenomen politiemannen in burger worden afgevoerd. De algemeen gehate politie was alle gezag verloren en werd in de revolutiedagen afgeschaft.

    Deze maatregelen werden afgesproken met de sovjet van Petrograd. Die heeft met grote meerderheid beslist dat de stakingen in de hoofdstad worden stopgezet.

    Over de voortzetting van de oorlog wordt niets gezegd. Daarover heerst grote verdeeldheid. Aan de verschillende fronten duurt de strijd voort, ondanks de onrust onder de troepen.

    Hoe dan ook gaat de strijd door. Aan het Kaukasische front halen de Russische legers zelfs successen. Zopas werd de Armeense stad Van opnieuw veroverd.

    De soldaten lijken intussen tevreden dat ze veel meer rechten hebben gekregen. Ze mogen nu op straat roken, cafés bezoeken, deelnemen aan politieke vergaderingen, enzovoort.

    De begrafenis in Petrograd van de helden van de revolutie: de betogers die in de eerste revolutiedagen door de politie en militairen werden neergeschoten (Library of Congress, Collectie James Pringle)

    Buitenlandse reacties op de Russische Revolutie

    In het buitenland weet men nog niet goed wat te denken van de revolutie in Rusland.

    In de Geallieerde landen zijn de gevoelens meestal positief. Men verheugt er zich over dat er een einde is gekomen aan het autoritaire tsarenbewind en dat er nu vrijheid en democratie in Rusland kunnen heersen.

    De socialisten in het Geallieerde kamp zijn trots over de rol van de arbeiders in de revolutie en de aanwezigheid van een socialist in de Russische regering.

    De Britse premier Lloyd George zei onder luid applaus in het parlement dat vrije volkeren de beste verdedigers zijn van hun eigen vrijheid. Daarmee drukt hij duidelijk de hoop uit dat een vrij Rusland een betere bondgenoot wordt in de oorlog.

    De voorpagina van de Franse kranten Excelsior en Le Journal van 17 maart 1917. Het nieuws van de troonafstand van Nicolaas is doorgedrongen, maar beide kranten denken nog dat de zoon van de tsaar of zijn broer Michael de troon zal overnemen.

    Vooral in Le Journal is de toon jubelend ( "Rusland is bevrijd") en de krant is overtuigd dat de nieuwe regering de oorlog zal voortzetten.

    Toch klinkt in de Geallieerde pers hier en daar de vrees of Rusland nog verder aan de oorlog zal deelnemen.

    De meeste kranten proberen optimistisch te doen. Sommigen beweren zelfs dat de entourage van de tsaar met de Duitsers wilde onderhandelen en dat de revolutie dat voorkomen heeft.

    Duitse kranten, en ook de Belgische kranten die onder Duitse controle staan, geven vooral nieuws over de toenemende chaos en anarchie in Rusland en de oproepen tot vrede.

    Volgens het Duitse satirische weekblad Lüstige Blätter heeft de dood de macht overgenomen van de tsaar (31 maart 1917), volgens de Nederlandse tekenaar Louis Raemaekers rijst uit de as van het oude reactionaire regime een nieuw en machtig Rusland.

    Twee Russische karikaturen: de tsaar op zoek naar zijn troon, en de tsaar zoekt zijn koets ( maar alleen een gevangeniswagen staat klaar)

    Duitsers trekken kilometers terug in Frankrijk

    Aan het westelijk front vindt een grote Duitse terugtrekking plaats, de grootste sinds de Duitse nederlaag aan de Marne in september 1914.

    Dat gebeurt in Picardië, van de Aisne tot het gebied ten noorden van de Somme.

    Op 16 maart konden de Britten tot hun eigen verbazing ongehinderd Bapaume bezetten, de stad die ze tijdens het bloedige Somme-offensief van vorig jaar nooit hadden kunnen bereiken.

    Tegelijk rukten Franse troepen triomfantelijk Roye binnen, de meest westelijke positie van de Duitsers ten zuiden van de Somme.

    De dag daarop volgde de bevrijding van Péronne, een andere stad aan het Somme-front. Noyon, de stad in Duitse handen die het dichtst bij Parijs lag, is eveneens zonder slag of stoot opgegeven. Soissons, dat meer dan twee jaar onder Duits vuur lag, is helemaal ontzet.

    De Geallieerden zijn verrast, maar opgetogen, te meer daar de Duitsers nauwelijks weerstand bieden. Alleen het slechte weer werkt tegen. De Franse pers slaat triomfkreten. Ze ziet er het begin in van een Duitse ineenstorting.

    Le Journal van 20 maart 1917 is opgetogen over de Duitse terugtrekking en heeft het over 200 'bevrijde' dorpen. In de tekening luistert een tevreden man in bezet gebied naar de naderende Franse kanonnen.

    Excelsior van 22 maart 1917 toont foto's van Duitse verwoestingen in het gebied dat ze hebben achtergelaten: een brug bij Noyon, en een weg in Roye.

    In de Duitse pers is de toon anders. Men zegt dat dit alles past in het plan van de grote krijgsheer Hindenburg. De Duitsers zijn vol vertrouwen in hem.

    De Franse en Britse troepen die oprukken, doen het met gemengde gevoelens. Ze bevrijden honderden dorpen, maar zijn het nog wel dorpen? Ze zijn onherkenbaar en leeg. De bevolking is verdwenen.

    De verwoestingen zijn er niet door de gevechten gekomen: ze zijn het gevolg van systematische vernielingen. Vrijwel alle kerken en fabrieken zijn vernield. Van de trotse middeleeuwse burcht van Ham, een twintigtal km ten westen van Roye, is niet veel over.

    Meteen hernemen zicht de verwijten aan het adres van de Duitsers. Er is opnieuw sprake van “Hunnen” en “Vandalen”.

    Postkaarten van de burcht van Ham, voor en na

    Regeringscrisis in Frankrijk: Ribot vervangt Briand

    De Franse regering-Briand heeft haar ontslag ingediend.

    Dat gebeurde amper enkele dagen na het ontslag van generaal Lyautey als minister van oorlog. Dit vertrek was een zware klap voor Aristide Briand. Zijn kabinet werd gedomineerd door linkse ministers. Lyautey was zeer gerespecteerd en genoot het vertrouwen van rechts.

    Amper drie dagen later heeft de demissionaire minister van Financiën Alexandre Ribot een nieuwe regering gevormd. De 75-jarige Ribot, een gematigd republikein uit de Pas-de-Calais, was al vier keer eerder premier.

    Centraal de nieuwe premier Alexandre Ribot, links minister van justitie Viviani, rechts minister van sociale voorzorg Bourgeois

    Veel ministers uit het vorige kabinet blijven hun post behouden. Ribot neemt Buitenlandse Zaken over van Briand.

    De nieuwe minister van Oorlog is de onafhankelijke socialist Paul Painlevé, een befaamd wiskundige die eerder minister van Onderwijs was.

    Ribot is al de derde premier sinds de oorlog begon. Er is veel kritiek op de Franse politici die ook in oorlogstijd blijven regeringscrisissen veroorzaken.

    De Franse president Poincaré vraagt zijn nieuwe, wiskundig begaafde minister van oorlog Painlevé wanneer Duitsland gaat vallen.Painlevé antwoordt: "Spijtig genoeg zitten in vergelijking veel onbekenden, en nog erger zijn de bekenden: (de Duitse legerleiders) Hindenburg en Lüdendorff".

    (Wiener Caricaturen, 8 april 1917, Oostenrijkse Nationale Bibliotheek)

    Frans slagschip getorpedeerd

    In de Middellandse Zee is het Franse slagschip ‘Danton’ vergaan. Nabij Sardinië werd het door twee torpedo’s uit een Duitse U-boot werd getroffen.

    De ‘Danton’ voer van Toulon naar Korfoe. Aan boord waren meer mensen dan normaal want het vervoerde ook zeelieden die op andere oorlogsschepen gingen dienst doen.

    Het schip zonk in een half uur. Twee andere Franse schepen konden 806 opvarenden redden. 296 anderen zijn omgekomen, waaronder de commandant.

    De laatste ogenblikken van de Danton, van de inslag van de torpedo's tot het zinken. Dit is een van de weinige schepen waarvan er foto’s bestaan van de laatste momenten ( uit Le Miroir, april 1917).

    Von Bissing voert bestuurlijke scheiding door

    De Duitse gouverneur-generaal von Bissing heeft een verordening uitgevaardigd waardoor België in twee ‘bestuurlijke gebieden” (Verwaltungsgebiete) wordt ingedeeld.

    Het gaat concreet om Vlaanderen en Wallonië, hoewel de verordening geen namen geeft aan de gebieden. Brussel wordt tot Vlaanderen gerekend en wordt er zelfs de hoofdstad van, in Wallonië wordt Namen hoofdstad.

    Het is de bedoeling de Belgische ministeries op te splitsen in aparte Vlaamse en Waalse administraties. Voor het Ministerie van Wetenschappen en Kunsten (onderwijs) is dat vorig jaar al gebeurd. In de Vlaamse afdeling kregen toen activisten als Pieter Tack leidende posten. Dat heeft tot veel wrijving met de hoge ambtenaren geleid.

    Extreme Vlaamsgezinden dringen al een tijd aan op “bestuurlijke scheiding”, waarbij Vlaanderen en Wallonië zelfbesturende staten zouden worden. Hoever de Duitse bezetter daarin wil gaan, is niet duidelijk.