Zeker 30 vluchtelingen gedood bij luchtaanval in Syrië

In het noorden van Syrië zijn zeker 33 doden gevallen bij een luchtaanval op een school die dienst deed als opvangcentrum voor vluchtelingen. De luchtaanval vond plaats ten westen van Raqqa, het bolwerk van de terreurgroep IS in Syrië. Volgens het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten werd de aanval wellicht uitgevoerd door de internationale coalitie tegen IS.
Archieffoto

De luchtaanval vond vanmorgen vroeg plaats in de buurt van het dorp al-Mansoura dat in handen is van IS. Volgens Rami Abdel Rahmane van het Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten in Londen, een ngo met een breed netwerk aan informanten in Syrië, zijn wellicht gevechtsvliegtuigen van de door de Verenigde Staten geleide internationale coalitie verantwoordelijk voor het bombardement.

Intussen zijn er al minstens 33 lichamen geteld. In het gebouw woonden een 50-tal gezinnen, allen vluchtelingen uit Raqqa, Aleppo en Homs. "Maar men is nog steeds bezig met lichamen vanonder het puin te halen", aldus Abdel Rahmane. "Er zijn nog maar twee mensen levend bevrijd."

IS heeft niet alleen de stad Raqqa in handen, maar ook een groot deel van de gelijknamige provincie. In het gebied wordt al enige tijd een verbeten strijd geleverd: een alliantie van Syrisch-Koerdische strijders, gesteund door de internationale coalitie tegen IS, voert momenteel een offensief uit om Raqqa te heroveren.

De internationale coalitie tegen IS is sinds 2014 in Irak en Syrië actief en heeft in die periode in beide landen al zeker 220 burgerslachtoffers gemaakt. Eind vorige week nog kwamen bij een luchtaanval op een moskee in het door de rebellen gecontroleerde dorp al-Jinah in het noorden van Syrië meer dan 40 burgers om. Het Observatorium voor de Mensenrechten wees toen ook met een beschuldigende vinger naar de Amerikanen, maar het Pentagon ontkende dat een moskee was geviseerd.