Meest recent

    De 5 boeken die het leven van striptekenaar Merho hebben veranderd

    Zondag, rustdag. Een ideaal moment om uzelf in de zetel te nestelen met een uitstekend boek. Daarom polsen we iedere zevende dag van de week naar het favoriete leesvoer van een bekend gezicht. Vandaag vertelt striptekenaar Merho over zijn vijf lievelingsboeken. "Ik vind het fantastisch om in een biografie te lezen dat grote mensen met dezelfde problemen worden geconfronteerd als ikzelf."

    Album 26, De schat van Mata Hari, De Wollebollen, De kus van Mona: het zijn enkele van Merho’s (68) meest bekende Kiekeboestrips. Maar ook hij heeft zijn mosterd als klein manneke ergens anders moeten halen, bij Hergé bijvoorbeeld. "Mijn oudere neef had thuis enkele strips van Hergé liggen. Ik vond die mooi gecartooneerde afbeeldingen zo beklijvend dat ik ze doodgraag wou lezen, maar dat kon ik op dat moment nog niet. Toen ik eindelijk leerde lezen, wou ik dat meteen uittesten op die strips. Maar dan bleken ze nog in het Frans te zijn ook."

    Toch duurde het nog een eindje vooraleer Merho een stripalbum had. "In die tijd waren strips heel duur. Je liep dus niet zomaar naar de winkel, maar je moest wachten tot het Kerstmis of je verjaardag was." De eerste strip die hij las was "Raket naar de Maan" van Hergé. "Thuis was ik een nakomertje, dus ik leefde altijd een beetje in mijn eigen fantasiewereldje. Van zodra ik mijn eerste strip had gekregen, zag ik de onbeperkte mogelijkheden ervan in. Een strip maken is net zoals een film maken, maar dan achter een tekentafel. En jij bent zowel de scenarist, als de regisseur, als je personages. Je bent God over je eigen universum."

    Ondanks zijn beroep is Merho geen gepassioneerde striplezer. "Ik zag hetzelfde gebeuren met Willy Vandersteen en ik vond dat aanvankelijk raar. Eenmaal ik zelf volop van 's ochtends tot 's avonds in het vak zat, overkwam mij hetzelfde: je bekijkt stripverhalen veel te technisch." Hij leest vooral misdaadromans en biografieën van mensen met wie hij een of andere affectie heeft. "Biografieën zijn zeer leerzaam omdat je jezelf er vaak in tegenkomt. Ik vind het fantastisch om te lezen dat grote mensen, zoals Hergé, met dezelfde problemen worden geconfronteerd als ikzelf."

    1. The complete peanuts - Charles M. Schulz

    "In Frankrijk worden stripverhalen beschouwd als literatuur. In België daarentegen behoort een kookboek er meer onder dan een strip." Om die reden noemt Merho er toch één op. Een van de meest succesvolle en grootste striptekenaars van de 20e eeuw is volgens hem Schulz, die bekend werd met zijn krantenstrip "Peanuts". 50 jaar lang bracht hij het verhaal van de kleine jongen Charlie Brown en zijn hond Snoopy. Links en rechts werd er wel eens een bundel uitgegeven, maar het is pas na zijn dood in 2000 dat het integraal en chronologisch werd uitgegeven.

    "De sterkte van Schulz zit hem in zijn personages. Het zijn kinderen, maar hij laat die acteren als volwassenen met dezelfde angsten en dezelfde struggles for life. Door die kinderlijke twist, wordt alles nog grappiger. Hiervoor moet je een uitstekende observator en filosoof zijn. Zijn oudste strips dateren al van 1950 en het is fantastisch om te zien hoe die humor na al die tijd nog steeds overeind blijft."

    Bovendien is het verzamelde werk van Schulz voor Merho ook bijzonder leerzaam. Net zoals in "Peanuts" verschijnen er in "De Kiekeboes"-reeks wel eens personages ten tonele die aanvankelijk niet goed lijken te werken, waardoor ze weer snel verdwijnen. "En soms slaat het na een paar jaar wel aan en laat je die terug opduiken. Het is fijn om te zien hoe Schulz zijn personages introduceert en hoe die evolueren na verloop van tijd en hoe hij speelt met herhaling."

    2. Peyo L'enchanteur – Hugues Dayez

    De Belgische stripmarkt was gedurende de eerste generatie in Franstalige handen. De beste boeken die over strips zijn geschreven zijn volgens Merho dan ook in het Frans geschreven. "Die lichting van striptekenaars heeft ons grote figuren opgeleverd, zoals Peyo, de man die ons De Smurfen heeft gegeven. "Peyo L’enchanteur" is een van de mooiste stripbiografieën die ooit is geschreven."

    In Vlaanderen is "De Kiekeboes" de best verkochte stripreeks. "Naar Vlaamse normen doen "De Kiekeboes" het inderdaad heel goed, maar je mag niet vergeten dat er een verschil is tussen Vlaanderen en de Angelsaksische wereld. Dit vak doe je niet om rijk mee te worden." De enige Europese strip die het echt wereldwijd heeft gemaakt, is "De Smurfen" van Peyo, die aanvankelijk enkel als nevenfiguurtjes figureerden in een andere strip "Johan en Pirrewiet".

    Peyo is in de jaren "80 naar Amerika getrokken en de studio die toen de Flinstones maakte, zag iets in die smurfen. "Maar hij is er niet gelukkiger op geworden. In deze biografie lees je echt hoe het allemaal boven zijn hoofd begon te groeien. Hoe hij van tekenaar plots zakenman werd: constant op en neer vliegen naar Amerika, tientallen processen van plagiaat. En het enige waarnaar hij echt verlangde, was om terug in Brussel rustig achter zijn tekentafel te kunnen zitten in plaats van al dat succes."

    3. Ik ben pelgrim – Terry Hayes

    "Ik ben in de eerste plaats iemand die verhalen maakt die de striptekenaar dan visualiseert", vertelt Merho. "Dit boek geeft me altijd de goesting om ook terug verhalen te bedenken en die neer te pennen."

    Terry Hayes is een auteur die volgens Merho de klappen van de zweep kent. "Ik ben Pelgrim" gaat over een spion die ook een boek geschreven heeft over forensisch onderzoek. Wanneer hij in New York een vermoorde vrouw aantreft, valt het hem op dat de moordenaar zijn werk gebruikt heeft om de identificatie van de persoon te verhinderen.

    "Wat ik zo bewonder aan misdaadauteurs is de manier waarop ze hun verhalen weten te construeren en een plot weten te maken." Dat is ook de reden waarom Merho wou dat Toni Coppers, een Belgische misdaadauteur, zich zou ontfermen over de nieuwe reeks "Fanny K.". "Toni kent de reeks en hij houdt van de reeks. En met zijn achtergrond als misdaadauteur weet hij een goed basisscenario te schrijven. Het grootste werk zat hem eigenlijk in het vinden van een goede tekenaar. Fanny is zo’n icoon geworden in Vlaanderen, dat Vlaamse tekenaars moeilijk wisten ervan los te komen." Merho vond uiteindelijk een Franstalige tekenaar die er onbevangen tegenover stond en waarbij het wel direct lukte om van Fanny een moordgriet te maken.

    4. Dead famous - Ben Elton

    "Dead famous" is een mix van het televisieprogramma "Big Brother" en het gezelschapsspel "Cluedo". "Ben Elton, bekend als scenarist van de televisieseries "Blackadder" en "The thin blue line", heeft een genre ontwikkeld dat ik heel leuk vind. Het is een komische thriller op een manier dat alleen een Engelsman dat kan.”

    Een groep van tien mensen moeten gedurende een lange tijd en afgesloten van de buitenwereld samenleven onder het toeziend oog van dertig camera’s en veertig microfoons en een gigantisch kijkpubliek. Plots wordt een kandidaat vermoord en moet inspecteur Colerdige de schuldige proberen te ontmaskeren. "Het is een beetje zoals Agatha Christies Poirot: de manier waarop de politie-inspecteur alle kandidaten afgaat en hoe iedereen wel een motief heeft om de moord te hebben gepleegd."

    5. Verzameld werk - Willem Elsschot

    "Elsschot is een schrijver van wie ik elk jaar op zijn minst één boek opnieuw probeer te lezen. Het is zo prachtig door zijn eenvoud." Merho durft zelfs de vergelijking te maken met Dick Bruna, de geestelijke vader van Nijntje. "Er gaat een heel denkwerk vooraf aan iets uitpuren tot het minimum. Proberen te schrijven of te tekenen met een beperkte woordenschat, klaar en duidelijk, zonder enige ballast. Dat was voor die tijd zeer modern. Maar Elsschot zag zichzelf meer als een man met weinig verbeelding." Elsschot schreef gewoon over wat hij had meegemaakt: over zijn vrouw en kind, bijvoorbeeld, hoe zij veranderen. Het doet Merho denken aan een quote van Annie M.G. Schmidt: "Het moet niet echt gebeurd zijn, zolang het maar waar is."

    "Elsschot is denk ik een van de enige auteurs uit die periode die nog veelvuldig gelezen wordt." Onlangs is Merho te weten gekomen van de schoonzoon van Willy Vandersteen, een goede vriend en leermeester van Merho, dat de geestelijke vader van "Suske en Wiske" Elsschot wel goed kende. "Soms kwam Vandersteen Elsschot tegen als hij op café ging en voerde hij hem naar huis. Ik had toen heel graag een vlieg willen zijn en zo hun gesprekken in de auto kunnen afluisteren."