Meest recent

    In de nachtrechtbank van New York: "Het leven is hier één brok ellende"

    “Na al die jaren werken in de rechtbank, breekt mijn hart nog elk dag”, zegt de medewerkster van de strafrechter. Maria del Carmen kan de tragiek van de nachtrechtbank van New York maar niet gewoon raken. Björn Soenens trok voor zijn Amerikaanse Kroniek naar Night Court in Manhattan.
    expert
    Björn Soenens
    Björn Soenens is Amerikacorrespondent voor VRT NWS. Hij woont in Brooklyn, New York. U kunt onze man in de VS volgen op zijn journalistenpagina op Facebook, en op Twitter @bsoenensvrt.

    De nachtrechtbank is stilaan een toeristische attractie. In een wereldstad als New York zijn er duizenden plekken om te zien voor je sterft. Er is Rockefeller Center. The Empire State Building. Central Park. Lady Liberty. Of je loopt op een maandagmiddag – onderweg naar een werkafspraak in The New School for Arts and Journalism in The West Village – plotseling ‘Little’ Steven Van Zandt tegen het lijf.

    De man maakt een praatje en gaat vriendelijk mee op de foto. Een blij heldenmomentje. Van Zandt, de topgitarist van de E Street Band, de eeuwige kompaan van Bruce Springsteen en voor mij onsterfelijk in zijn rol van Silvio Dante in The Sopranos.

    New York is een bijzondere stad. Een plek die vermoeit maar nooit slaapt. Tussen de theaters en het bruisende nachtleven, is er ook een nachtelijke rechtbank. Tussen alle ‘larger than life’-attracties ligt – een beetje verscholen en zonder wegwijzer - Night Court. Adres: 100, Centre Street, in Lower Manhattan, aan de grens met Chinatown.

    Het is één van de drukste rechtbanken van Amerika. Je kan de zittingen zomaar bijwonen. Eerst moet je wel door een metaaldetector: riem uit, horloge uit. Daarna kan je de rechtszaal binnen. No pictures, please.

    Het is kwart voor tien in de avond, in Criminal Court. Je hoort en ziet een rechter beslissen over een man die zijn vriendin probeerde te wurgen, iemand die een sixpack bierblikjes heeft gestolen in de buurtwinkel, een verkrachter, een moordenaar, en een paar drugverslaafden. Ziedaar het dieet voor een nachtje in de rechtbank. Elke zaak duurt hoogstens tien minuten, een kwartier. Dit is echt snel recht. Snelrecht.

    Griffiers lopen voortdurend rond te zeulen met stapels papier, pv’s, bewijsstukken, gerechtelijke bevelen. Advocaten stoppen alles behoedzaam in tientallen kartonnen mapjes. Agenten brengen aan een hoog tempo geboeide verdachten binnen en buiten: mannen en vrouwen, geketend aan handen en voeten. Dit is confronterend. Dit is law and order in ’t echt.

    Night Court in Manhattan is een beroemde rechtbank, of liever: een rechtbank waar ook beroemde mensen verschijnen. Gangsta rapper Sean ‘Diddy’ Combs aka Puff Daddy moest zich hier ooit voor de rechter verantwoorden na een schietpartij in een nachtclub.

    Dominique Strauss-Kahn aka DSK mocht hier geboeid en ongeschoren opdraven in mei 2011. De toenmalige baas van het IMF werd beschuldigd van verkrachting van een zwart kamermeisje in het Sofitel Hotel New York.

    Zelfs wijlen David Bowie stond hier terecht. Dat was in de hete zomer van 1976 toen hij betrapt werd op een paar grammen weed. Martin Sheen, de beroemde acteur, werd hier 66 keer voorgeleid en voor de nachtrechter gebracht. Night Court was een tijd lang de tweede thuis van Martin Sheen.

    100.000 arrestaties passeren elk jaar deze rechtbank. Per nacht worden wel 70 zaken afgehandeld, ergens tussen halfzes ’s avonds en één uur ’s nachts. De Amerikaanse wet neemt het recht van verdachten om snel na hun arrestatie voor de rechter te komen ernstig.

    Tot midden de jaren 90 van de vorige eeuw - toen de misdaad veel prominenter aanwezig was - liep de rechtbank de hele nacht door, tot 8 uur in de ochtend. Dat waren de gevaarlijke jaren, toen elk jaar ruim 2000 moorden en 120.000 overvallen werden gepleegd in New York.

    De Lonely Planet noemt Night Court als plek ‘underground and unique’. Nou. Je kunt hier inderdaad ook voor banale zaken voor de rechter moeten. Als je zwartrijder bent op de metro, riskeer je een celstraf. Brommen omdat je een ritje van 2,75 dollar niet hebt betaald. ‘Fare beating’ heet dat in het jargon.

    NYPD Blue

    Ik heb een plekje gevonden op de tweede rij in de rechtszaal. Voor me zitten twee geboeide verdachten, één met hechtingen aan wenkbrauwen en neus, een ander met een lege blik en een kop vol drugs.

    Het lijkt wel alsof ik in de opnames zit van de beroemde politiereeks NYPD Blue. Met heel veel verhalen, en voortdurend nieuwe plotwendingen. Tussen het publiek zie ik ook smekende ogen kijken, ogen die opengesperd hopen op vrijlating van de verdachte op borgtocht.

    “The people wants a bail set at 5,000 dollars”. De nachtrechtbank is ook een geldmachine. Trouwens, nu valt het me pas op: boven de troon van de rechter hangt in koeien van letters: IN GOD WE TRUST. Iemand schreef ooit: ‘In God we trust, and all the others pay cash’.

    Zo is het maar net, hier in de nachtrechtbank. Een piepjonge procureur leest intussen driftig alle aanklachten in detail voor. Een man is betrapt op het verstoppen van cocaïne in een speelgoedpop. Misdaad en straf, alsof ik in de roman van Dostojevski zit.

    Hier leer je veel over keuzes maken en de kwalijke gevolgen ervan. Mensen die van het ene probleem naar het andere sukkelen, tot een rechter hun leven weer op de rails probeert te zetten, met verplichte ontwenning (‘rehab’), of door een paar dagen verplichte gemeenschapsdienst. “Good luck!”, hoor ik de rechter tegen verdachte Antonio zeggen, een hervallen drugverslaafde uit de Bronx.

    Een klein drama ontvouwt zich op de rij in het gangpad naast mij. Een jonge vrouw, nog geen 30 jaar oud, in de boeien geslagen en voor de zoveelste keer opgepakt en voorgeleid: hevig druggebruikster, agressief, heeft agenten in functie afgedreigd: “I’ll blow your fucking brains out!”

    De jonge vrouw is moeder van een kind van zes, maar ze kan haar opvoedingstaak niet aan. Geregeld slaat ze het kind bont en blauw. De vrouw zit op nog geen twee meter van mij. Ze wordt streng toegesproken door haar advocate, en vervolgens draait ze zich om naar de politieofficier. Ze kijkt hem indringend en verleidelijk aan, draait traag met haar tong tussen haar lippen. Hier is weinig alternatieve interpretatie mogelijk. Ze biedt hem woordeloos een ‘blow job‘ aan. Alles om weer vrij te zijn, zie je haar denken.

    Ogenblikken later – haar aanbod is net ruwweg afgewezen door de arm der wet – wordt ze ineens woedend. Ze begint te razen als ze hoort dat ze enkel vrij kan komen na een borgsom van 3000 dollar.

    Bail bonds

    Weet u dat er aan de overkant van de straat ‘bail bonds’ worden verkocht? Zo’n bail bond is een soort lening om jezelf vrij te kopen. Je betaalt een deeltje meteen – laten we zeggen zo’n tien percent – en de rest geef je in onderpand (je huis, juwelen of je auto). Bail bonds dienen om de verdachte te dwingen de volgende afspraak voor de rechter na te leven. Indien niet, dan moet je het hele bedrag ophoesten. Kom je wel opdagen, dan betaal je enkel het voorschot.

    Miss Washington – zo heet mijn geketende buurvrouw op de tweede rij – kreunt amechtig bij het horen van haar borgsom. “O my god! O my god!”, krijst ze voor zich uit, terwijl ze hard haar ene been op en neer wipt. Mood swing baby. Twee minuten later laat ze zich alsnog gelaten naar haar gevangeniscel terugbrengen.

    Ze heeft geen dollar. Ze bezit geen cent. Dit is helaas een straatje zonder eind, een verkwist leven. Al is dat maar een somber vermoeden.

    Terwijl Miss Washington wordt weggebracht, komt de volgende zaak al voor. Rico is een illegale immigrant. Hij is die avond opgepakt. De rechter stelt hem voor de keus: of onmiddellijke deportatie, of wachten op een proces waar een jury zal beslissen over zijn lot, mogelijk inclusief een celstraf. Een vrolijk dilemma is het niet.

    Een advocaat houdt vijf minuten later een gepassioneerd betoog voor mededogen. Zijn cliënt: een jongeman die aan zijn voeten vast is geketend. De strafpleiter wil contact afdwingen voor deze kerel met zijn moeder. De rechter weigert. Moeder en zoon zitten voor verschillende feiten allebei in de gevangenis. Contact is verboden.

    De tragiek in de nachtrechtbank is ronduit stuitend. Dat vertelt mij ook Maria del Carmen die hier al vijftien jaar tolkt voor Russischsprekende verdachten. “I still feel weird and depressed when I do my job here”, zegt ze met gedempte stem tijdens een pauze in de gang.

    Ze heeft grootvaders zien binnenbrengen die hun kleinkind hadden verkracht, mannen die hun vrouw voor het slapengaan verrot sloegen, koelbloedige moordenaars. Ze probeert mij en zichzelf af te leiden van de tragiek door over haar man te beginnen, Eddie Gomez, de gerenommeerde basgitarist die samenspeelde met wijlen de wereldvermaarde jazzpianist Bill Evans. Werkelijk elke ontmoeting in New York zit vol verrassingen. Wat een stad!

    Moeders

    Op de gang zie ik de moeders zitten met hun kinderwagens. Met hun kinderen die uren geleden al in hun bed hadden moeten liggen, maar nu, in de late uren, op de nachtrechtbank verblijven. Moeders vol wroeging en zelftwijfel: ze willen dat hun man stopt met ze te slaan, maar ze willen ook diezelfde man terugnemen. Vaak komt de man jarenlang niet meer naar huis. Ja, er zijn veel arme, alleenstaande moeders in New York.

    In de rechtszaal komt nog een man bij de rechter. Slonzige kleren, pet achterstevoren, een broek die slobbert rond zijn kruis. De man heeft net voor 100.000 dollar juwelen gestolen. Hij is op heterdaad betrapt.

    Wellicht moet hij lang achter de tralies: gewapende overval, bedreiging met een dodelijk wapen, schending van probatievoorwaarden. Borgsom: 50.000 dollar. Het leven op de nachtrechtbank is één brok ellende. Pure tragiek, laat op de avond, in een wereldstad die nooit tot bedaren komt.

    “Give him back the time he’s done …"

    Ik loop een beetje gedeprimeerd naar buiten. Ik moet de overvloed aan emoties en gedachten kunnen wegspoelen. I need a drink. Achter de nachtrechtbank ligt mijn redding en troost: de Whiskey Tavern. Ik bestel er een High West American Prairie Bourbon. Klinkt goed, maar mijn keel brandt.

    Ik moet opletten, één borrel is meer dan genoeg. Of straks moet ik nog voor de rechter van Night Court. Voor ik buiten stap, op weg naar metrolijn F aan Delancey Street, drink ik nog een groot glas water van de kraan. Ik hoor muziek uit de jukebox schallen.

    “Give him back the time he’s done…Put in a prison cell, but one time he could-a been the champion of the world…” Bob Dylan’s Hurricane. Toeval in het leven bestaat niet.