Meest recent

    Hollywood, stop de sequels!

    Pasen is een periode van hoop. Daarom vroeg deredactie.be aan een aantal experten van de VRT wat ze hopen voor hun expertise. Vandaag deel 3: wat hoopt Ward Verrijcken voor de filmsector?
    analyse
    Ward Verrijcken
    Ward Verrijcken is filmjournalist voor VRT Nieuws.

    Ward Verrijcken is filmjournalist voor VRT Nieuws.

    Het is paasvakantie en er spelen drie grote trekkers in de Belgische bioscopen: de derde Smurfen-film, de actieprent "Power rangers" met de bekende figuren uit de gelijknamige tv-reeks en natuurlijk "Beauty and the Beast", de Disney-remake van hun eigen tekenfilm. En dat zijn absoluut niet de enige films in dit bioscoopjaar die teruggrijpen naar beproefde formules.

    Hollywood leeft op een dieet van sequels, prequels, remakes, reboots en spin-offs. Is dat creatieve bloedarmoede of een noodzakelijk kwaad om nog te kunnen scoren aan de box office?

    Zet u schrap. Nog vóór de zomervakantie mag u verwachten: een achtste "Fast and the furious", een tweede "Guardians of the galaxy", een zesde "Alien" , een vijfde "Pirates of the Caribbean" en een vierde "Transformers".

    Het getuigt allemaal van weinig originaliteit. De trend om alles te recycleren, lijkt nu echt wel z'n kookpunt te bereiken. Het is makkelijker om verhalen op te bouwen rond bestaande helden - of monsters, in het geval van "Alien" - dan de kijkers kennis te laten maken met nieuwe, originele ideeën. Die kijkers zullen wel kritiekloos aan hun nostalgie toegeven, luidt de commerciële logica.

    Frappant voorbeeld: in juli komt er een nieuwe "Spider-Man" in de zalen. Tom Holland speelt deze keer de superheld, van wie het verhaal weer helemaal van voor af aan verteld wordt. Maar in 2002, toch niet zo héél lang geleden, werd er al eens een moderne trilogie rond "Spider-Man" verfilmd, toen met Tobey Maguire in de hoofdrol.

    En in 2012 en 2014, gìsteren als het ware, volgde dan een reboot met Andrew Garfield. En toch rekent Hollywood erop dat we opnieuw, voor de derde keer in vijftien jaar, massaal gaan kijken naar de lotgevallen van de student die superkrachten ontwikkelt nadat hij gebeten werd door een spin.

    Het toverwoord is "franchise" - als het ware een filmwereld die gecreëerd wordt waarin personages, vaak superhelden, kunnen opduiken in sequel na sequel, en/of in prequels en spin-offs. Zo werd de nieuwe Spider-Man vorig jaar al even geïntroduceerd in de meest recente "Captain America", naast de andere superhelden genaamd Avengers. Kunt u nog volgen?

    Disney zet de toon. Het entertainment-imperium bestaat nu eigenlijk uit vier filmfabrieken die zulke franchises optimaal uitbuiten. Vooreerst is er Marvel, die produceren al die superhelden-films rond Iron Man, Thor en Captain America. Daarnaast heb je Lucasfilm, de producer van "Star Wars". In december komt "Episode VIII: The last jedi" uit en er wordt ook al naarstig gewerkt aan een spin-off rond het populaire personage Han Solo.

    Binnen Disney pluizen ze hun eigen catalogus uit en scoren ze nu met remakes van hun tekenfilms: "Alice in Wonderland" en "Cinderella" met echte acteurs, en momenteel "Beauty and the Beast".

    Kwaliteit?

    En ten slotte is er Pixar, de geniale animatiestudio die nu ook aan de lopende band aan het sequelen is. Vorig jaar zagen we "Finding Dory", het vervolg op "Finding Nemo", en deze zomer komt "Cars 3" uit. Momenteel wordt er ook werk gemaakt van een vierde "Toy story". Daar hou ik m'n hart wel voor vast. De "Toy story"-trilogie was zo perfect dat een vervolg wat onnodig en zelfs riskant lijkt, want als die vierde film niet hetzelfde niveau haalt, kan dat de artistieke erfenis van de eerdere drie films alleen maar besmeuren.

    De centen

    De harde economische realiteit is natuurlijk dat met al die films onwaarschijnlijk veel geld wordt verdiend. De kans bestaat dat "Beauty and the Beast", bijvoorbeeld, een box office scoort van een miljard dollar.

    En dan hebben we het nog niet gehad over de merchandising van al die filmformules, wat vaak nóg meer geld opbrengt. U weet wel: Lego-dozen van "Star Wars", donsdekens van "Cars", brooddozen met de prinsessen van "Frozen" (daar wordt trouwens ook een vervolg op gemaakt, gepland voor 2018).

    Met andere woorden: de filmfans lusten er wel pap van, veel pap zelfs. Waarom zou Hollywood hen al dat lekkers dan ontzeggen?

    Maar toch, op deze manier wordt het filmjaar opgedeeld in botweg twee delen: het blockbuster-seizoen, nu volop aan de gang en gericht op tieners; en vanaf het najaar het Oscarseizoen, wanneer iets "ernstiger" films, genre "La la land" en "Moonlight", elkaar beconcurreren voor gouden beeldjes.

    Wat zien we echter in de herfst van dit jaar? Dat ook de serieuze cineasten op de nostalgietrein springen. In oktober komt "Blade runner 2049" uit, het vervolg op de sciencefictionklassieker uit 1982, godbetert.

    En zelfs Al Gore waagt zich aan een sequel op zijn gevierde documentaire "An inconvenient truth", passend maar weinig origineel getiteld: "An inconvenient sequel".

    Vluchten kan dus écht niet meer. Maar laat ons hopen: er zijn nog verrassingen op komst.