Meest recent

    Belgen wordt een Turks referendum niet gegund – Bart Maddens

    Volgens hoogleraar politieke wetenschappen Bart Maddens wordt het nieuwe Turkse systeem na het referendum paradoxaal genoeg democratischer dan het onze: de Turken zullen zelf kunnen kiezen wie aan het hoofd komt van de uitvoerende macht.
    opinie
    Opinie
    Copyright 2017 The Associated Press. All rights reserved.

    Bart Maddens doceert politieke wetenschappen in Leuven. Hij volgt de communautaire discussies op de voet.

    Reizen door een land vlak na een poging tot staatsgreep, ik deed het vorig jaar in juli en ik kan het iedereen sterk aanbevelen. De toeristische attracties liggen er desolaat bij. Je hoeft nergens in de rij te staan. Zeker, de talrijke wegblokkades zien er grimmig uit. Maar de politieagenten zijn de vriendelijkheid zelve zodra ze merken dat je een van de weinige toeristen bent. Het openbaar vervoer is gratis. Op die manier wil men zoveel mogelijk mensen naar de steunmanifestaties voor het regime krijgen, op de zogenaamde ‘democratische pleinen’. Als je de talrijke foto’s van Erdogan voor lief neemt, dan kun je op die pleinen zelfs gratis eten en drinken krijgen.

    Of interessanter nog: je kon aan de deelnemers vragen wat hen precies bezielde. En dat was bij de meesten, merkwaardig genoeg, een vurig geloof in de democratie. Wij zijn niet zoals de Arabische landen, hoorde ik vaak. Daar kan een democratische president worden afgezet door het leger. In Turkije niet, hier overwint de democratie. En Erdogan? Die kan bij een volgende verkiezing de laan worden uitgestuurd.

    Dat discours was nogal bevreemdend omdat het in schril contrast stond met het onmiskenbare totalitaire sfeertje in het land. Maar toch. De meeste mensen waarmee ik sprak, leken mij oprechte democraten. Het verbaast mij dan ook niet dat een overwinning van het ja-kamp bij het referendum van volgende week zondag allesbehalve een uitgemaakte zaak is. Maar omgekeerd is het nog maar zeer de vraag of een ja-stem gezien moet worden als een keuze tegen de democratie. Ook al is de nieuwe grondwet in heel wat opzichten problematisch, zeggen dat Turkije daarmee een dictatuur wordt lijkt toch wat kort door de bocht.

    Genuanceerder beeld

    Het is allemaal net iets genuanceerder dan wat we in de media lezen. Om te beginnen klopt het niet dat Turkije overstapt naar een presidentieel systeem. Typisch voor zo'n systeem is dat de regering en het parlement volledig onafhankelijk van elkaar functioneren. President Trump kan het Amerikaanse congres niet ontbinden, en het congres kan er niet voor zorgen dat Trump vervroegd voor de kiezer moet verschijnen. Maar in het nieuwe Turkije krijgen de president en het parlement die bevoegdheid wel. Wat dat betreft zitten we dus eerder in een parlementaire logica van wederzijdse afhankelijkheid tussen de wetgevende en de uitvoerende macht.

    Alleen wordt die uitvoerende macht wel rechtstreeks verkozen. Bovendien is die verkiezing altijd gekoppeld aan de parlementsverkiezing. Dat maakt het nieuwe Turkse model vrij uniek. Het gelijkt nog het best op een parlementair systeem met rechtstreekse verkiezing van de eerste minister, zoals dat in de jaren negentig van toepassing was in Israël. Ten tijde van de nieuwe politieke cultuur gingen er ook bij ons stemmen op om zo'n rechtstreekse premierverkiezing in te voeren. Op die manier wilde men ervoor zorgen dat de kiezer, binnen een parlementair systeem, meer vat zou krijgen op de samenstelling van de regering. Anders gezegd: de macht over de coalitievorming zou dan verschuiven van de elite naar het volk.

    Goed principe

    Toegegeven, zo'n rechtstreekse verkiezing van de regeringsleider creëert allerlei praktische problemen. Dat heeft men in Israël ondervonden. Maar het principe is wel goed. Paradoxaal genoeg wordt het nieuwe Turkse systeem wat dat betreft democratischer dan het onze: de Turken zullen zelf kunnen kiezen wie aan het hoofd komt van de uitvoerende macht. Wij daarentegen zijn overgeleverd aan de wisselvalligheden van de coalitievorming. Krijgen we na 2019 premier Michel, De Wever, Peeters, of Di Rupo? We weten enkel dat het niet of nauwelijks zal afhangen van onze stem.

    De Turken zullen voortaan om de vijf jaar op dezelfde dag hun president en hun parlement verkiezen (tenzij de verkiezingen worden vervroegd op initiatief van hetzij de president, hetzij het parlement). De Venice Commission van de Raad van Europa fronst hierbij de wenkbrauwen. Vijf jaar zonder enige verkiezing is toch wel erg lang, vindt men daar. Want daardoor komt het principe van de democratische verantwoordelijkheid in het gedrang. Precies. Maar wat dat betreft hebben wij de Turken alvast geen lessen te leren. Want bij ons duurt de periode zonder federale of regionale verkiezingen sinds de zesde staatshervorming even lang.

    Men maakt er ook veel misbaar over dat president Erdogan zal kunnen aanblijven tot 2029 en misschien zelfs langer, als de kiezer dat wil. Maar hoe zit het bij ons? Het Belgische staatshoofd wordt aangesteld voor het leven, op de wijze van het ancien régime. Ook al heeft hij meer dan louter ceremoniële bevoegdheden, hij hoeft voor de uitoefening daarvan geen verantwoording af te leggen aan de kiezer. Wat dat betreft zitten wij nog steeds in het Ottomaanse tijdperk, dat Turkije al in 1922 heeft afgesloten.

    Junta van partijvoorzitters

    Onze regeringsleider mag een onbeperkt aantal legislaturen aanblijven. Maar de echte macht zit geconcentreerd bij een junta van partijvoorzitters. Hoe akelig veel macht die hebben, werd een paar jaar geleden indringend beschreven door politicoloog Wilfried Dewachter, in zijn boek De trukendoos van de Belgische particratie: een Europese schande. Die echte machthebbers worden aangesteld door de partijleden en niet door de kiezers. Gelukkig is de macht gespreid over verschillende partijen. Maar daar zorgt de kiezer voor. Als er in België ooit één partij de absolute meerderheid haalt, dan wordt de voorzitter daarvan haast even machtig als Erdogan.

    De campagne voor het Turkse referendum verloopt niet correct, vernemen we ook. Het nee-kamp komt amper aan bod in de media. Dat zal wel zo zijn. Maar anderzijds: de Turken mógen zich wel uitspreken over hun nieuwe grondwet in het stemhokje. Dat is ons nooit gegund. Niks referendum in België. Als de partijvoorzitters het eens zijn over een grondwetsherziening, dan wordt die met de karwats door het parlement gejaagd en dan moeten de burgers zwijgen.

    Moraal van het verhaal? Kritiek leveren op Erdogans nieuwe grondwet is goed. Ook voor eigen democratische deur vegen is nog beter.