Meest recent

    Corsicaanse betogers verstoren meeting van Le Pen

    Vijftien dagen voor de eerste ronde van de presidentsverkiezingen in Frankrijk hebben betogers een verkiezingsmeeting van de extreemrechtse presidentskandidate Marine Le Pen verstoord op Corsica.

    De ordedienst van het Front national (FN) trachtte een vijftiental betogers de zaal uit te zetten waar Le Pen haar aanhang in de stad Ajaccio zou toespreken. De zaal werd ontruimd nadat het tot schermutselingen was gekomen en er traangas was ingezet.

    De actie tegen Le Pen is opgeëist door de Corsicaanse nationalistische groepering Ghjuventu Indipendentista (Jeugd voor onafhankelijkheid, nvdr.). "Nooit zullen we deze partij, waarvan de gewezen leider (Jean-Marie Le Pen) de doodstraf had gevraagd voor de Corsicaanse politieke gevangenen, in alle veiligheid naar het eiland laten komen", schreef de groep op Twitter.

    De entourage van Le Pen wijst met een beschuldigde vinger naar de Corsicaanse "nationalisten". De kandidate van het Front National hield haar meeting uiteindelijk in een andere zaal in Ajaccio.

    Na de bijeenkomst kwam het weer tot relletjes tussen jonge tegenbetogers en de politie. De ordediensten gebruikten andermaal traangas om de betogers uiteen te drijven. 

    (lees verder onder de tweet)

    Corsicaans en Frans nationalisme: ongemakkelijke combinatie

    Het Front National geldt als de vaandeldrager bij uitstek van het Franse nationalisme, voor een sterk centraal gezag in Parijs. Zoiets ligt moeilijk op Corsica, waar en sterke nationalistische stroming al decennialang streeft naar meer autonomie van Parijs, of zelfs naar onafhankelijkheid.

    In het verleden hebben Corsicaanse nationalisten wel vaker aanslagen gepleegd om hun eisen kracht bij te zetten, maar de laatste jaren is het geweld geluwd, mede omdat Parijs het eiland enige autonomie heeft toegekend. In 2015 heeft de nationalistische eenheidslijst Pè a Corse (Voor Corsica, nvdr.) de regionale verkiezingen gewonnen met 35,5 procent van de stemmen Het Front National haalde toen amper 9,1 procent van de Corsicaanse stemmen.