Meest recent

    Canadees succes tegen de heuvelrug van Vimy

    In deze rubriek geven we een overzicht van grote en kleine gebeurtenissen tijdens de Eerste Wereldoorlog deze week honderd jaar geleden. Canadese troepen veroveren de heuvelrug van Vimy, de Fransen zetten zware aanval in bij de Chemin des Dames, Russische revolutionair Lenin met Duitse hulp terug in Rusland, in Berlijn staken 300.000 arbeiders, ...

    De Britse aanval, met Canadese troepen in een hoofdrol, tegen de heuvelrug van Vimy, ten noorden van Arras, is een succes geworden.

    De Duitsers zijn volledig verdreven van de heuvel die ze 2 ½ jaar bezet hielden. Om zelf niet vanaf te heuvel beschoten te worden, hebben ze zich 5 km teruggetrokken.

    De dorpen Vimy en Givenchy zijn door de Britten veroverd, gevolgd door de mijnstad Liévin en zelfs een buitenwijk van Lens.

    Canadese troepen organiseren hun nieuwe posities op de heuvelrug van Vimy, onderaan afvoer van gewonden en Duitse krijgsgevangenen via een smalspoor

    Dit succes kwam er vooral door de Canadezen, die vier van de vijf deelnemende divisies leverden. Het is de eerste keer in deze oorlog dat alle Canadese divisies samen opereren. De Canadezen tellen overigens 3600 doden en 7000 gewonden.

    Ook ten oosten van Arras hebben de Britten terrein gewonnen, maar hier hebben de Duitsers een tegenaanval ingezet.

    Foto's van Duitse militairen die de Canadezen krijgsgevangen hebben genomen

    Vanwege de betekenis van de slag bij Vimy voor de Canadezen werd na de oorlog op de heuvelrug een groot Canadees oorlogsgedenkteken gebouwd.

    Bezoekers worden er rondgeleid door jonge Canadese studenten, die de kans krijgen om zo een half jaar naar Europa te komen. Op 9 april vond er een grote Frans-Canadese herdenking plaats in aanwezigheid van de Franse president Hollande en de Canadese premier Trudeau (foto AP).

    Franse aanval aan de Aisne

    De Fransen hebben een bijzonder zwaar offensief ingezet langs de rivier de Aisne.

    Tussen Reims en Soissons zijn meer dan 50 divisies ingezet.
    De hoofdaanval vindt plaats aan de Chemin des Dames, een 25 km lange weg die even ten noorden van de Aisne boven een heuvelrug loopt en in Duitse handen is. Die heuvelrug vormt een natuurlijke barrière.

    De voorafgaande dagen bestookte de Franse artillerie de Duitse stellingen met miljoenen granaten. In de ochtend van 16 april gaf de Franse opperbevelhebber Nivelle het bevel tot de aanval met de woorden: “Het uur is aangebroken, moed, vertrouwen en leve Frankrijk!”

    Om zes uur ’s morgens bestormde de infanterie de flanken van de Chemin des Dames. Maar de Duitse mitrailleurs begonnen meteen te schieten. De vijand was geenszins uitgeschakeld door de voorbije bombardementen.

    Er vinden sindsdien onafgebroken stormlopen plaats. Toch stromen er zegebulletins binnen. De Geallieerde pers klinkt opgewonden. De Geallieerden zijn nu weer helemaal in het offensief.

    Voor het eerst zetten de Fransen ook pantservoertuigen met rupsbanden in. Meer dan honderd Franse ‘tanks’ vielen aan ten oosten van de Chemin des Dames, maar de grote meerderheid raakte beschadigd of viel in panne.

    Gecamoufleerd zwaar Frans Schneiderkanon van 155 mm, in de omgeving van de Chemin des Dames (Albums Valois, BDIC)

    Senegalese tirailleur keert terug van het front in het plaatsje Paissy (Albums Valois, BDIC)

    Lenin terug in Rusland

    Op 16 april is de prominente Russische socialist Lenin in Petrograd aangekomen.

    Lenin (pseudoniem van Vladimir Iljitsj Oeljanov) is de feitelijke leider van de bolsjewieken, de radicale vleugel van de Russische Sociaaldemocratische Arbeiderspartij. Hij verbleef bijna tien jaar in ballingschap. Sinds het begin van de oorlog woonde hij in Zwitserland.

    Al die tijd had hij zware kritiek tegen de arbeiderspartijen die in de meeste oorlogvoerende landen hun regering steunen. Maar hij is geen pacifist. Volgens hem moeten de arbeiders de oorlog ombuigen tot een internationale revolutie.

    Het uitbreken van de revolutie in Rusland heeft zelfs Lenin verrast. Pas na een maand slaagde hij er in om met een aantal andere linkse ballingen via Duitsland en Zweden naar Rusland terug te keren.

    Dat hij toestemming kreeg om over Duits grondgebied te reizen, doet vermoeden dat de Duitse overheid voordeel ziet in de terugkeer van deze “revolutionaire defaitist” naar Rusland.

    Bij zijn aankomst in het Finland-station van Petrograd kreeg Lenin een enthousiast onthaal

    Meteen na zijn aankomst had Lenin zware kritiek op de bolsjewieken in Petrograd. Die hadden - zoals vrijwel iedereen – in hun krant ‘Pravda’ opgeroepen om de voorlopige regering in Rusland te steunen.

    Lenin vindt echter dat de voorlopige regering een “bourgeoisregering” is die valse beloften geeft en nog altijd een “imperialistische roofoorlog” voert. En dat is niet wat de arbeidersklasse wil.

    Enkele dagen na zijn terugkeer heeft Lenin in een toespraak enkele stellingen geformuleerd, die helemaal ingaan tegen de sfeer van verzoening en eendracht die er tussen partijen bestaat.

    Hij wil dat de bolsjewieken streven naar een tweede revolutie. Doel daarvan is niet meer een parlementaire republiek, maar een “republiek van sovjets van arbeiders- en boerenafgevaardigden”. Deze moet radicale maatregelen nemen, zoals de onteigening van het grootgrondbezit en de nationalisatie van de banken.

    In de sovjets van arbeidersafgevaardigden, die nu zowat overal in Rusland zijn opgericht, zijn de bolsjewieken in de minderheid. Lenin wil dat ze nergens samenwerken met de “kleinburgerlijke opportunisten” (mensjewieken, socialisten-revolutionairen…) die de meerderheid vormen.

    De voorbije dagen hebben de Russische militairen, die in Frankrijk vechten, net de eed van trouw aan de voorlopige regering afgelegd.

    In Berlijn en andere grote Duitse steden wordt steeds meer gestaakt.
    Alleen al in Berlijn zouden er ruim 300.000 stakers zijn in meer dan 300 bedrijven.

    Oorzaak zijn de enorme tekorten aan voedsel sinds de afgelopen winter (niet voor niets de “koolrapenwinter” genoemd). Men spreekt dan ook van de “broodstaking”.

    Maar honger of niet, het is duidelijk dat steeds meer gewone Duitsers de oorlog meer dan beu worden

    Oproep van de Duitse opperbevelhebber von Hindenburg en van generaal Groener, de verantwaardelijke voor de voedseldistributie en oorlogsindustrie, om niet te staken en de productie van wapens en munitie niet stil te laten vallen, uit 'respect voor de mannen aan het front'.

    De revolutionaire vakbondsleider Richard Müller werd gearresteerd omdat hij tot staking zou oproepen, maar het nieuws van zijn arrestatie heeft de onrust nog doen toenemen.

    Wellicht heeft ook het nieuws van de revolutie in Rusland de gemoederen in Berlijn verhit. Er is trouwens sprake van geheime contacten tussen Duitse en Russische socialisten.

    Aanschuiven bij een levensmiddelenwinkel in Berlijn, voorjaar 1917

    De Duitse bezetter heeft enkele Belgische ambtenaren gearresteerd wegens “actief verzet tegen de uitvoering van wettelijke voorschriften”.

    Het gaat om secretaris-generaal Sauveur van het Ministerie van Binnenlandse Zaken, directeur-generaal Klompers en directeur Maréchal van de dienst Middelbaar Onderwijs. Ze waren een week eerder alle drie op non-actief werden gesteld nadat ze geweigerd hadden om aan de door de Duitsers opgelegde bestuurlijke scheiding mee te werken.

    Daarop hebben twee inspecteurs en een boekhoudkundig controleur van onderwijs hun loyaliteitsverklaring aan de Duitse overheid ingetrokken. Ook zij zijn gearresteerd.

    De in Den Haag verschijnende krant L'Echo Belge schrijft dat de ambtenaren zijn bestraft wegens een 'vaderlandslievende' misdaad (3 mei 1917)

    Alle ambtenaren hadden zo’n loyaliteitsverklaring moeten afleggen bij het begin van de bezetting. De meesten deden dat omdat ze ervan uit gingen dat de Duitsers het oorlogsrecht zouden respecteren.

    De aangehouden ambtenaren zullen naar Duitsland worden gedeporteerd. Secretaris-generaal Sauveur mag vanwege zijn slechte gezondheid in België blijven.

    De maatregelen voor de bestuurlijke scheiding zelf duren onverminderd voort. Een Duitse verordening heeft het arrondissement Nijvel (Waals-Brabant) losgemaakt van de provincie Brabant en ingelijfd bij Henegouwen.

    Duitse militairen voor het intussen afgebroken Noordstation in Brussel ( stadsarchief Brussel )

    De scholen in bezet België mogen weer open. Ze waren een paar maand gesloten om brandstof te besparen.

    Voorwaarde is wel dat de lokalen niet worden verwarmd. Op sommige plaatsen is het dan ook te koud om les te geven en zijn de kinderen weer naar huis gestuurd.

    Intussen is de Brusselse schepen van onderwijs Émile Jacqmain tot een maand gevangenisstraf veroordeeld, omdat hij het bevel om de scholen te sluiten niet had opgevolgd.

    De musea, die om dezelfde reden gesloten waren, kunnen weer hun deuren openen. De winkels mogen ’s avonds tot 8 uur open blijven. Vanaf 15 mei wordt dit 9 uur.

    Munt uitgegeven na de oorlog ter ere van Émile Jacqmain met aan de keerzijde de toren van het Brusselse stadhuis

    Voor het eerst sinds de Verenigde Staten de oorlog hebben verklaard is een Amerikaanse militair gesneuveld. De man, de jonge piloot Edmond Genet, vloog wel in Franse dienst, bij de Escadrille Lafayette.

    Op 17 april is zijn vliegtuig neergeschoten en kwam hij om, hij is met militaire eer begraven. Zijn kist was bedekt met de Franse en Amerikaanse vlag.

    Genet nam begin 1915 dienst in het Franse Vreemdelingenlegioen, en is begin 1917 overgestapt naar de Escadrille Lafayette.

    Zowel Italianen als Britten hebben een akkoord gesloten met de Senoessi’s, de islamitische sekte die hen vanuit Libië aanviel, met Duitse en Turkse steun.

    Sinds de Italianen in 1913 Libië (toen een deel van het Ottomaanse Rijk) veroverden, waren de Senoessi’s – eigenlijk een soefi-orde - tegen hen in opstand. Ze controleerden grote delen van Cyrenaica (het oosten van Libië).

    Vanaf 1915 vielen ze het door de Britten gecontroleerde Egypte binnen. Ze hoopten daarmee de Britten aan het Suezkanaal in problemen te brengen en de Egyptische bevolking tot een “heilige oorlog” aan te zetten. Dat lukte echter niet.

    Vorige maand werden de Senoessi’s definitief uit Egypte verdreven. Er vonden al geruime tijd gesprekken plaats met de jonge Mohammed Idris, die vorig jaar zijn oom heeft opgevolgd aan het hoofd van de orde. Idris was vanaf het begin tegen de oorlog.

    Er is nu afgesproken dat de Italianen Idris erkennen als emir in het binnenland van Cyrenaica, met de Britten als informele bondgenoot.
    Van een ontwapening van de Senoessi’s is geen sprake. De situatie in Libië, waar de strijd meer dan 10.000 mensenlevens heeft geëist, blijft chaotisch.

    Links emir Idris, rechts Brits bevoorradingskonvooi in de Libische woestijn.

    Idris werd in 1951 koning van het onafhankelijke Libië, tot hij in 1969 door ene kolonel Khadaffi werd afgezet.

    Het Zuid-Amerikaanse land Bolivië verbreekt zijn diplomatieke betrekkingen met Duitsland.

    De beslissing gebeurt onder de druk van de Verenigde Staten. De Boliviaanse intelligentsia en hogere klassen waren al verontwaardigd toen vorig jaar een Nederlands schip werd getorpedeerd waarop zich de Boliviaanse gezant in Berlijn en zijn gezin bevonden.

    De Boliviaanse economie profiteert intussen van de oorlog. Bolivië is ’s werelds grootste tinproducent en vooral de Britten kopen massaal tin aan voor de oorlogsindustrie.

    De pro-VS-houding van Bolivië heeft wellicht ook iets te maken met de slechte verhouding met buurland Chili, dat openlijk pro-Duits is. 33 jaar geleden verloor Bolivië door een oorlog zijn kustgebied aan Chili.

    Indiaanse arbeiders sorteren ertsen in een Boliviaanse mijn (postkaart, circa 1916).

    Tijdens een plechtigheid heeft de Franse president Poincaré aan maarschalk Joffre zijn maarschalksstaf overhandigd. Eind 1916 is Joffre tot maarschalk benoemd, maar dat was niet meer dan een doekje voor het bloeden, want de generaal moest wel het opperbevel over het Franse leger afstaan.

    lees ook