Meest recent

    Biografie Luc de Vos: "Hij kon iedereen doen geloven dat ze hem écht kenden"

    Op 29 november 2014 overleed Gorkizanger Luc De Vos. Bijna 2,5 jaar na zijn dood is er zijn langverwachte biografie "VOS", die vandaag uitkomt. Die is niet van de hand van een bevriende Vlaamse schrijver, wel van Nederlands muziekjournalist, schrijver en zelfverklaard Gorkifan Léon Verdonschot. Een interview.
    BELGA/MAETERLINCK

    “Ik ben me ervan bewust dat het niet evident is dat een Nederlander het levensverhaal van een Vlaamse volksheld als Luc neerschrijft”, steekt auteur/muziekjournalist Verdonschot van wal. “Maar ik heb dit zélf voorgesteld aan Lucs manager Noelle en zijn vrouw Sandra. Ik was eerlijk gezegd stomverbaasd dat nog geen enkele Vlaamse schrijver daarmee bezig was. Als er iemand een biografie verdient, dan Luc wel.”

    Verdonschot (foto) kende Vos en zijn entourage al langer. “Ik heb Gorki tal van keren live gezien, en Luc meermaals geïnterviewd. Tot het obsessieve toe (lacht). Vlak na Luc begrafenis sprak ik met Noelle over een koffie af dat ik Lucs biografie zou schrijven, als 6 maanden later niemand anders op de kar was gesprongen. En zo geschiedde. Mijn enige voorwaarde was dat zowel Noelle als Sandra volledig akkoord zouden gaan.”

    48 interviews en 13 dozen chaos

    Verdonschot kreeg dubbel groen licht, én hun expliciete hulp. “Noelle bezit de rechten op Lucs nummers, en Sandra beschikt over een bijzonder rijk archief. 13 dozen chaos eigenlijk, vol krantenknipsels en foto’s (lacht).

    "Ze hebben allebei hun hart geopend en een bijzonder grote bijdrage geleverd aan het boek. Ik wilde ook dat ze het eindresultaat écht goed vonden. Al is het geen boek geworden voor muziekkenners, wel voor iedereen die Vos een warm hart toedroeg. En Vlaanderen hield massaal van Vos, en dat ging veel breder dan zijn muziek alleen.”

    Naast alle archiefmateriaal en De Vos’ uitgebreide oeuvre deed Verdonschot tientallen interviews. In totaal sprak hij 48 mensen die de zanger bijzonder goed gekend hebben. “Ik vroeg Noelle en Sandra wie dicht bij Luc had gestaan, en die mensen verwezen me op hun beurt weer door. Zo verzamelde ik een schat aan informatie. Voor veel gesprekken ben ik naar zijn thuisbasis Gent, of zijn geboortedorp Wippelgem afgezakt. Dat moest ik wel doen om me te kunnen inleven. En dat gebeurde zeker: op café met collega’s, of al wandelend met zijn jeugdvrienden”, vertelt hij. “Want in zijn eigen verhalen of teksten durfde Luc dingen al eens te romantiseren of op te blazen. In die zin zijn er ook verschillende waarheden over zijn leven, waar ik de ruimte voor laat in mijn boek. In de eerste versie streefde ik naar de pure, harde waarheid, maar die bestaat niet. In het eindresultaat laat ik meer ruimte voor de paradox en heb ik mijn journalistieke reflex wat laten varen. “

    Teksten als titels

    Sympathie voor Vos heeft Verdonschot zeker te over. “Die adoratie voor hem in Vlaanderen: daar kijken Nederlanders met grote ogen naar. Nochtans heb ik nooit begrepen waarom Gorki bij ons niet is doorgebroken”, zegt hij. “Was het té Vlaams? Ik vind Luc zonder twijfel de beste tekstschrijver uit het hele Nederlandse taalgebied. Zo raadselachtig, melancholisch en poëtisch tegelijk. Al die dingen zitten ook in mijn persoonlijke Gorkifavoriet “Zal ik het ooit begrijpen". Geen radiohit, maar Gorki is zo veel meer dan “Anja”, “Mia” en “Lieve kleine piranha”.”

    De teksten van Vos’ nummers vormen ook de rode draad doorheen zijn biografie. “Elk hoofdstuk begint met een stuk tekst uit een Gorkinummer en niet met een getal. Eigenlijk had Luc zijn levensverhaal op die manier zelf al geschreven, want veel nummers zijn autobiografisch. Ik ben gaandeweg pas écht beginnen begrijpen waar zijn muziek over ging.”

    Donkere kant

    Luc De Vos had als schrijver/entertainer ook een donkere kant, die Verdonschot in “VOS” niet schuwt. “Terwijl ik het boek aan het schrijven was, kwam ik steeds meer te weten over Lucs karakter. Ik ben zeker niet enkel lovend over hem, maar al was hij nog een onmogelijk mens, dan bleef zijn muziek nog overeind. Luc was een complex figuur, vol tegenstellingen: een intelligent man die tegelijk wereldvreemd was. Als rockzanger bleef hij bijna tot zijn 30e bij zijn moeder wonen. Verleidelijk voer voor amateurpsychologen.”

    Ook Vos’ overlijden aan een zogenoemd “acuut orgaanfalen” spreekt 2,5 jaar nog steeds tot de verbeelding. “Toch heb ik me omtrent zijn dood aan de pure feiten gehouden, al kan ik begrijpen dat het hoofd van menig Vlaming bij de omstandigheden van zijn dood op hol slaat”, zegt hij. “Natuurlijk is het een publiek geheim dat Luc in zijn laatste levensjaren een stevige drinker was. Nochtans is zijn doodsoorzaak wat ze is, het romantische beeld van de gekwelde kunstenaar ten spijt. Dat hij overlijdt op de verjaardag van zijn zoon, is een tragisch toeval. Bruno krijgt in ons boek daarom ook letterlijk het laatste woord over zijn bekende vader.”

    Heeft Verdonschot nu het gevoel heeft dat Vos écht kende, na al hun ontmoetingen? “Interessante vraag”, zucht hij. “Luc was in elk geval enorm goed in mensen het gevoél geven dat ze hem kenden. Maar in werkelijkheid hield hij altijd een bepaalde afstand. Ik heb van tal van mensen gehoord: “ik beschouw Luc als een vriend, al ken ik hem eigenlijk niet zo goed”. Luc De Vos is een mysterie, zelfs voor zijn naaste omgeving. Hij trok een rookgordijn op, waarbinnen hij mensen toch een warm gevoel wist te geven”, vertelt hij. “Ik hoop dat Lucs levensverhaal de waardering voor zijn boeken en muziek doet toenemen. Mijn bewondering voor hem is gaandeweg alleen maar gegroeid.”

    Anekdote: Jeroen Meus, held van Luc De Vos

    Tijdens het schrijven kwamen tal van ludieke anekdotes over De Vos naar boven. “Luc was bijna obsessioneel met eten bezig. Als hij ergens moest optreden, dan vroeg hij niet naar de zaal, wel naar het dichtstbijzijnde restaurant. Alles wat exotischer was dan de klassieke Belgische of Franse keuken vond hij vreselijk. Hij zocht dan zelf een alternatief. Luc heeft zijn keyboardspeler ooit naar België gestuurd voor een frituur, nadat hij in Nederland “barbaarse ovenfrieten” had gekregen. (lacht) En het programma “Dagelijkse kost” was heilig voor Luc: wat er ook op de planning stond, hij moést dat gezien hebben. Jeroen Meus was zijn grote held.”