Meest recent

    Verenigde Staten draaien de geldkraan open

    In deze rubriek geven we een overzicht van de grote en kleine gebeurtenissen tijdens de Eerste Wereldoorlog deze weeek honderd jaar geleden. De Verenigde Staten draaien de geldkraan open voor hun bondgenoten, Frans leger staakt het offensief aan de Chemin des Dames en april wordt een ramp voor Geallieerde luchtmacht.

    De Amerikaanse president Wilson heeft een wet ondertekend die het mogelijk maakt de Geallieerde landen grote bedragen te lenen.

    In totaal kunnen de Verenigde Staten nu tot 3 miljard dollar aan kredieten verschaffen aan de Geallieerden. Dat is meer dan alles wat Groot-Brittannië en Frankrijk sinds het begin van de oorlog samen geleend hebben bij Amerikaanse banken.

    Het geld moet in principe worden gebruikt om goederen te betalen die in de Verenigde Staten worden gekocht. In de praktijk gaat de Amerikaanse overheid rechtstreeks de Amerikaanse leveranciers van de Geallieerden betalen.

    Promotieposters voor de Liberty bond's (Library of Congress)

    Daarmee geeft Amerika zijn nieuwe bondgenoten een enorme steun, nog voor er één Amerikaanse soldaat in de strijd kan worden geworpen. Groot-Brittannië, Frankrijk, Rusland, Italië en ook België moeten zich voorlopig geen kopzorgen meer maken over geld.

    Om aan dat geld te geraken, gaat de Amerikaanse schatkist een volkslening uitschrijven van maximaal 5 miljard dollar. Daarbij wordt een beroep gedaan op het patriottisme van de beleggers. Minister van Financiën McAdoo spreekt daarom van ‘Liberty bonds’ (vrijheidsobligaties).

    Intussen zijn delegaties van zowel Groot-Brittannië als Frankrijk in Washington aangekomen voor besprekingen over concrete vormen van samenwerking.

    In het Amerikaanse Congres woedt intussen een forse discussie over het al of niet invoeren van militaire dienstplicht. Nogal wat Congresleden willen het houden bij een leger van vrijwilligers.

    Volgens de tekenaar van de Chicago Daily Tribune is vooral de Duitse keizer daar blij mee en de krant roept zijn lezers op om de Congresleden onder druk te zetten voor het invoeren van dienstplicht (Chicago Daily Tribune, 19 en 24 april 1917)

    Amerikaanse dag in Parijs en Londen

    In Parijs en Londen is op 20 april een Amerikaanse dag gehouden. Het enthousiasme over de Amerikaanse deelname aan de oorlog is onverminderd groot.

    In Parijs was er een plechtigheid in de Sorbonne en bij het standbeeld van Washington op de Place Iéna. In Londen wapperden, uitzonderlijk de Britse en Amerikaanse vlaggen samen op de Victoria-toren van het parlement.

    Uitvaart generaal von Bissing

    In Brussel is een uitvaartplechtigheid gehouden voor de overleden gouverneur-generaal von Bissing.

    Kolonel-generaal Moritz baron von Bissing overleed op 18 april in het kasteel Drie Fonteinen bij Vilvoorde. Hij was 73 en al een tijd ziek.

    Generaal von Bissing stond sinds november 1914 aan het hoofd van het ‘Generalgouvernement Belgien’, dat het grootste deel van bezet België en een aangrenzend gebied in Frankrijk omvat.

    Hij is vooral bekend door zijn vervlaamsing van de Gentse universiteit (door velen smalend “von Bissing-universiteit” genoemd) en de recent ingevoerde bestuurlijke scheiding van België.

    Von Bissing (links) tijdens een plechtigheid op het Paleizenplein in Brussel

    Meteen na zijn dood moesten alle schouwburgen, cinema’s, concertzalen en dergelijke drie dagen gesloten blijven.

    Von Bissings stoffelijk overschot werd de dag na zijn overlijden overgebracht van het kasteel Drie Fonteinen naar de concertzaal van het Brusselse conservatorium. Die zaal dient sinds de bezetting als protestantse garnizoenskapel.

    De Duitsers wilden voor hem eerst een plechtigheid in de Sint-Goedelekerk, maar voor de kerkelijke overheid was een niet-katholieke ceremonie in een katholieke kerk uitgesloten. Zoals de meeste Pruisische aristocraten was de generaal lid van de Pruisische evangelische staatskerk.

    De rouwstoet trekt door de Regentschapsstraat in Brussel

    Een rouwstoet begeleidde de lijkkist die op een affuit naar het Noordstation werd gevoerd. Daar werd de kist op de trein naar Berlijn geplaatst, waar de begrafenis plaatsvindt.

    Behalve Duitse militairen in groot ornaat liepen er in de stoet protestantse dominees, de buitenlandse diplomaten die nog in Brussel zijn en enkele Vlaamse activisten, waaronder de inmiddels bekende Pieter Tack en Emiel Ver Hees.

    Er waren maar weinig omstaanders en nog minder mensen namen hun hoed af toen de stoet passeerde.

    Het stadsbestuur weigerde de straatlantaarns met rouwsluiers te omfloersen. De klokken van de voornaamste kerken werden door Duitse soldaten geluid, want het personeel van de kerken weigerde dit te doen.

    Frans leger staakt offensief

    De Franse massale aanval aan de Chemin des Dames is opgeschort.

    Na een week vechten zijn de Fransen het grootste deel van de helling tussen de Aisne en de Chemin des Dames ingenomen, maar de weg zelf is maar op een breedte van enkele kilometers bereikt. Om Craonne, het voornaamste dorp langs de weg, is zonder resultaat gevochten.

    In vijf dagen hebben de Fransen zo’n 120.000 man verloren, waarvan 30.000 doden. Een ongezien aantal.

    De Geallieerde pers probeert de zaken zo positief mogelijk voor te stellen, maar toch… De hoop van generaal Nivelle, om in één, hoogstens twee dagen een doorbraak te forceren, is ijdel gebleken.

    Een gewonde Franse soldaat wordt klaargemaakt voor een operatie in een hospitaal in de buurt van Soissons (Albums Valois, BDIC)

    Het offensief zou niet worden afgeblazen, maar voortgezet in de vorm van beperkte, meer gerichte aanvallen.

    Ten westen van de Chemin des Dames hebben de Fransen wel vooruitgang geboekt bij Soissons. Ze verheugen zich op de verovering van het fort van Condé.

    Ook de Britten hebben hun offensief bij Arras voorlopig stopgezet. Een nieuwe aanval langs de Scarpe botste op hevige weerstand en de Duitsers zetten een tegenaanval in.

    In fort Condé brengen Franse militairen achtergelaten Duitse munitie naar een bomput, om ze daarna te vernietigen (24 april 1917, Albums Valois, BDIC)

    Op 19 april is de kathedraal van Reims getroffen door zwaar Duits geschut, foto gepubliceerd door L'Illustration op 28-4-1917

    Spaanse premier stapt op

    De Spaanse regeringsleider, de graaf van Romanones, heeft ontslag genomen na verwijten dat hij zich te hard had opgesteld tegenover Duitsland.

    Aanleiding was de torpedering van het Spaanse schip ‘San Fulgencio’ door een Duitse U-boot op 9 april.

    Toen de regering een forse protestnota naar Berlijn stuurde waarin het verbreken van de diplomatieke betrekkingen in het vooruitzicht werd gesteld, kreeg Romanones de wind van voren van de rechtse partijen en ook van koning Alfonso XIII, die Spanje buiten de oorlog wil houden.

    Eerder kreeg de liberale premier verwijten van links dat hij te vriendelijk was voor Duitsland.

    In tegenstelling tot bijna overal elders vindt men de voorstanders van een Spaanse deelname aan de oorlog eerder bij links en de tegenstanders bij rechts. Beide kanten staan vrijwel met getrokken messen tegenover elkaar.

    Rechts koning Alfonso, links in het midden graaf van Romanones tussen zijn ministers toen hij eind 1917 kort weer even eerste minister werd.

    In het leger en bij de nationalistische rechterzijde heerst een zeer anti-Britse stemming, omdat Groot-Brittannië nu al twee eeuwen Gibraltar bezet, terwijl Duitsland eerder respect krijgt en het katholieke Oostenrijk als een oude vriend wordt beschouwd.

    De rechtse meerderheid wil Spanje strikt neutraal houden, hoewel het land economisch volledig afhankelijk is van de Geallieerden.

    De linkerzijde kiest duidelijk voor de Entente. Ze voelt veel sympathie voor het republikeinse en antiklerikale Frankrijk, waar de conservatieven van gruwen.

    Bovendien denken veel linkse politici en intellectuelen dat een deelname van Spanje aan de oorlog van het achterlijke land een democratie zal maken en voor een sociale revolutie zal zorgen, zoals er in Rusland aan het gebeuren is.

    Nogal wat Spanjaarden, en dan vooral Catalanen, vechten als vrijwilligers in het Franse leger. Soms dragen ze daarbij zelfs de Catalaanse vlag. In Catalonië worden openlijk steunmanifestaties voor de Entente gehouden.

    De koning heeft een andere liberaal, Manuel García Prieto, tot premier benoemd. Hij wil een strikt neutrale koers varen.

    Anti-Brits Spaans schotschrift 'Los Reyes sin corona' over de vorsten die tijdens WOI hun land verloren zijn, en dat, volgens de tekst, was telkens de schuld van de Britten.

    Het eerste 'slachtoffer', koning Albert van België, lijkt het noorden wat kwijt, nadat de Duitsers hem een flinke schop hebben gegeven, terwijl 'John Bull' meewarig toekijkt.

    Weer Duitse raid in Nauw van Calais

    Een dozijn Duitse torpedoboten zijn in de avond van 20 april vanuit Zeebrugge doorgedrongen tot in het Nauw van Calais. Een half jaar geleden hadden de Duitsers al een eerste soortgelijke aanval uitgevoerd.

    De ingang van het Kanaal wordt zeer streng bewaakt door een speciale marine-eenheid, de Dover Patrol. Zes torpedoboten namen Calais aan de Franse kust onder vuur, zes andere Dover aan de Engelse zijde.

    Twee Britse destroyers, de ‘Broke’ en de ‘Swift’ vielen de Duitsers aan. De ‘Swift’ torpedeerde een Duitse boot, terwijl een ander (de G42) geramd werd door de ‘Broke’. De inzittenden van de G42 ramden de ‘Broke’ en er vond een gevecht van man tegen man plaats. Nadat beide schepen losgemaakt waren, beschoten ze elkaar nog. De ‘G42 zonk terwijl de ‘Broke’ zwaar beschadigd naar Dover terugkeerde.

    In de daaropvolgende dagen voerden Duitse destroyers een aanval uit op de Engelse haven Ramsgate en een op Duinkerke in Frankrijk. Britse vliegtuigen vielen dan weer Duitse schepen aan bij Blankenberge, waarbij één destroyer tot zinken werd gebracht.

    Een Duitse torpedoboot verlaat de haven van Oostende

    “Bloedige april” in de lucht

    De maand april lijkt desastreus te worden voor de Geallieerde luchtvloten.

    Sinds 1916 hadden de Geallieerden aan het westelijk front een duidelijk overwicht in de lucht, maar daarin lijkt nu verandering te zijn gekomen.

    De gevechten rond Arras dreigen voor de Britse piloten een bloedbad te worden. In de eerste week van de maand verloren de Britten alleen al 75 vliegtuigen. Voor de hele maand zijn er nu al meer dan 200. In de meeste gevallen werd de piloot gedood.

    Het succes lijkt voor een deel te danken aan het nieuwe Duitse jachtvliegtuig, de Albatros D.III

    Vooral de Duitse elitegroep Jagdstaffel 11 boekt grote successen. Die staat sinds begin dit jaar onder bevel van ritmeester Manfred baron von Richthofen. In een half jaar is hij opgeklommen tot de meest succesvolle Duitse luchtheld.

    Sinds hij het bevel voert, laat baron von Richthofen zijn vliegtuig rood schilderen. Dat heeft hem de bijnaam de “rode baron” gegeven.

    Manfred von Richthofen in de cockpit van zijn Albatros omringd door leden van Jagdstaffel 11  (Bundesarchiv Bild)