Meest recent

    Het Elysée: de residentie van maîtresses, keizers en de Franse president

    Net als haar of zijn voorgangers zal de nieuwe Franse president haar of zijn intrek in het Palais de l'Elysée in Parijs nemen, een stadspaleis uit de 18e eeuw in het 8e arrondissement. Het gebouw was ooit de thuis van enkele illustere figuren en vormde het decor voor tal van kantelmomenten in de geschiedenis van Frankrijk.
    Copyright 2017 The Associated Press. All rights reserved.

    55, Rue du Faubourg Saint-Honoré in Parijs: dat is sinds 1848 de officiële residentie van elke president van Frankrijk. Beter bekend als het Palais de l'Elysée is het vandaag het zenuwcentrum van de macht bij onze zuiderburen en is het een van de symbolen bij uitstek van het Franse politieke bestel.

    De eerste steen van dit stadspaleis is al in 1718 gelegd op een stuk grond dat de graaf van Evreux (kleine foto) had gekocht. Op dat moment was het terrein nog landelijk en moerassig en bevond het zich veeleer aan de rand van de stad.

    Tegen 1722 was het zogenoemde Hôtel d'Evreux klaar. Al gauw stond het bekend als een van de mooiste residenties van de Franse hoofdstad. Zowat alle latere eigenaars en bewoners hebben het gebouw in meer of mindere mate aangepast of verbouwd, maar toch staat het nog steeds bekend als een toonbeeld van de Franse Régence.

    Madame de Pompadour

    Bij de dood van de graaf van Evreux in 1753 zag de toenmalige Franse koning Lodewijk XV zijn kans schoon. Zijn favoriete maîtresse Madame de Pompadour (kleine foto) wou al langer een pied-à-terre in Parijs en daarom kocht hij het voor haar.

    Na haar dood keerde het terug in handen van Lodewijk XV die het in 1773 aan de financierder Nicolas Beaujon doorverkocht. In 1787 nam Louise-Marie-Bathilde d'Orléans haar intrek in het paleis, de hertogin van Bourbon. Zij was de laatste bewoner van het Ancien Régime.

    Na de Franse revolutie belandde de hertogin van Bourbon in de gevangenis. In 1795 kwam ze vrij en keerde ze naar het paleis terug. Om de eindjes aan elkaar te knopen, zag ze zich genoodzaakt het gelijkvloers te verhuren.

    Algauw vonden daar feesten en tentoonstellingen plaats waar het brede publiek op afkwam. Dat noopte de huurders tot nieuwe werken. Zo braken ze enkele bogen open zodat het volk makkelijker naar de tuinen kon doorstromen. Het was rond deze tijd dat het paleis voor het eerste de naam l'Elysée kreeg, een knipoog naar de nabijgelegen Champs Elsyées.

    Napoleon Bonaparte

    In 1805 kreeg rijksmaarschalk Joachim Murat het Elysée in handen. Hij was getrouwd met de jongste zus van Napoleon Bonaparte. Toen die laatste hem drie jaar later de troon van het koninkrijk Napels aanbood, stond hij het paleis aan hem af.

    Nauwelijks een jaar later moest Napoleon het op zijn beurt afstaan aan zijn echtgenote Joséphine de Beauharnais (kleine foto) als onderdeel van hun echtscheidingsovereenkomst. Lang moest hij het niet missen, want in 1812 gaf ze het hem terug in ruil voor... het kasteel van Laken in Brussel dat op dat moment deel van het Franse keizerrijk uitmaakte.

    In de jaren die volgden, verbleef Napoleon zelf geregeld in het Elysée tot de geallieerden hem in 1814 een eerste keer klein kregen. De Russen bezetten Parijs en niemand minder dan tsaar Alexander I nam zijn intrek in het paleis. Later zou het ook even de thuis van de hertog van Wellington zijn, de man die Napoleon in de Slag bij Waterloo finaal versloeg. Napoleon ondertekende in 1815 overigens zijn troonsafstand in het Zilveren Salon van het Elysée.

    Charles de Gaulle

    Tussen 1815 en 1820 was het de hertog van Berry die samen met zijn gezin in het Elysée woonde, maar na zijn dramatische dood stond het bijna 30 jaar leeg. Bij het uitroepen van de Tweede Republiek na de revolutie van 1848 doopte de nieuwe regering het paleis tot Elysée National en was het voortaan de officiële residentie van de Franse president.

    Op het "intermezzo" van het Tweede Keizerrijk tussen 1852 en 1870 na, is dat sindsdien zo gebleven. Ook tussen 1940 en 1946 was het Elysée tijdelijk dicht als gevolg van de Tweede Wereldoorlog.

    Na die oorlog was president Vincent Auriol (kleine foto) de eerste die het Elysée opnieuw zijn thuis mocht noemen. In de jaren die volgden zou de symbolische waarde van het paleis alleen maar toenemen, zeker nadat Charles de Gaulle in 1958 de Vijfde Republiek had uitgeroepen.

    Toch hebben hij en zowat elke president die hem heeft opgevolgd sterk overwogen een andere locatie te kiezen als officiële ambtswoning. Het Elysée ligt immers veeleer verscholen in de stad en is moeilijk te beveiligen. Toch heeft niemand ooit de stap gezet. Sinds 2010 bestaat wel een plan waarbij de president in geval van nood naar het kasteel van Vincennes zou verkassen.

    Weetjes over het Elysée

    • Het Elysée telt meer dan 365 kamers die samen goed zijn voor 11.000 vierkante meter. Alles samen werken meer dan 1.000 mensen in het paleis.
    • Sinds de Franse revolutie hebben 2 Franse keizers en liefst 23 presidenten in het Elysée gewoond.
    • Een keer is een zittende Franse president in het Elysée gestorven. Dat was Félix Faure in 1899. Hij stierf aan de gevolgen van een beroerte die hij kreeg tijdens een vrijpartij met zijn maîtresse.
    • Nicolas Sarkozy is de enige president die ooit in het Elysée is getrouwd. In 2008 gaf hij daar zijn jawoord aan Carla Bruni.