Meest recent

    5 anekdotes die het beleid van Donald Trump bepalen - Bert De Vroey

    Sinds Donald Trump als president aan de slag is, lijkt het Witte Huis het decor van een soap waarvan geen enkele scenarist de intriges had kunnen schrijven. Onze Amerikakenner Bert De Vroey onderzoekt de machtsstrijd met 5 anekdotes.
    analyse
    Analyse
    Copyright 2017 The Associated Press. All rights reserved.

    Bert De Vroey is Amerikakenner en buitenlandredacteur bij VRT-nieuws.

    1. De eerste clash

    Exact één week na zijn eedaflegging ondertekende Donald Trump, net voor de Amerikanen aan hun weekend begonnen, een executive order die tijdelijk een halt wou toeroepen aan de immigratie van mensen uit zeven islamitische landen. Dat was het begin van een weekend vol verwarring en discussie in de hoogste cenakels van de kersverse regering-Trump.

    Zo zat niet iedereen van meet af aan op dezelfde lijn over de draagwijdte van de maatregel. Moesten enkel reizigers, nieuwe immigranten en vluchtelingen worden tegengehouden, of zouden ook mensen met een geldige en permanente verblijfsvergunning voor de VS - een zogenaamde greencard - onder het inreisverbod vallen?

    Volgens een spectaculair verhaal dat circuleerde in de pers kwam het zelfs tot een hoog oplopende ruzie tussen Stephen Bannon, de strateeg van het Witte Huis, en minister John Kelly, bevoegd voor immigratie. Bannon wou ook de greencards uit de zeven moslimlanden buiten houden, Kelly hield vol dat dat onwettig was. Uiteindelijk kreeg Kelly zijn zin, maar niet zonder het nodige armworstelen.

    Het Witte Huis ontkende later dat Bannon en Kelly zo persoonlijk hadden geclasht. Maar dát er een stevig debat was gevoerd, leed geen twijfel.

    Het verhaal illustreerde meteen een aantal kenmerken van de nieuwe regeringsploeg; en 100 dagen later zijn die nog altijd herkenbaar. Bannon bewees onmiddellijk hoe doortastend en radicaal hij durft te zijn – zelfs zonder veel acht te slaan op wettelijke bepalingen en beperkingen.

    De bijna volledige West Wing (de medewerkers van Trump in het Witte Huis) ging ontstellend voortvarend te werk, zonder secure voorbereiding. En het was een minister die op de rem stond en de ideologen tot een reality check dwong.

    Die dynamiek speelt nog altijd. Dat er getouwtrek is tussen het Witte Huis en de departementen is geen uitzondering in Washington, maar onder president Trump krijgen die spanningen nieuwe dimensies. En ook in de West Wing zelf is er diepe onenigheid.

    Volgens de woordvoerders gaat het om een gezonde, vruchtbare opendebatcultuur. Maar het geheel oogt en werkt chaotisch, en soms nog verbijsterend amateuristisch.

    2. De ideale schoonzoon

    Begin februari, kort na het Chinese Nieuwjaar, gooide een filmpje van een klein Amerikaans meisje hoge ogen op de Chinese sociale media. Het betrof de vijfjarige Arabella Kushner, kleindochter van president Trump en dochtertje van Ivanka.

    In een Chineesachtige zwarte tuniek, en met een marionet van een Chinese draak in haar hand, zong ze een nieuwjaarsliedje in het Mandarijn. Haar moeder had het tafereeltje op Instagram gepost. De Chinezen smulden ervan.

    Arabella deed nog meer Chinese harten smelten op de nieuwjaarsreceptie van de Chinese ambassade in Washington, waar ze samen met haar moeder aanwezig was. Terwijl grootvader Trump de hele campagne lang stevig had uitgehaald naar China en de oneerlijke Chinese handelspolitiek, zocht het gezin Kushner-Trump achter de schermen toenadering tot de Chinese ambassadeur.

    Ook de weken daarna zou schoonzoon Jared Kushner, in zijn brede maar vage hoedanigheid van ‘adviseur’ van de president, de banden nog nauwer aanhalen en een belangrijke rol spelen in de voorbereiding van de Amerikaans-Chinese top op Mar-a-Lago. Toen Trump en Xi Jinping elkaar daar ontmoetten, in de wat kitscherige chic van Trumps buitengoed en club, leken ze het best met elkaar te kunnen vinden.

    De nationalistische anti-Chinese retoriek was helemaal weg. In de plaats werkte Trump aan een pragmatisch-constructieve relatie, waarbij de Chinezen meteen ook werden ingeschakeld in een intensievere en agressievere diplomatie tegenover Noord-Korea.

    Velen zagen in die stille koerswijziging de hand van Jared Kushner, de ‘schaduwminister’ van Buitenlandse Zaken die de voorbije maanden voortdurend aan invloed gewonnen heeft.

    3. Sessies rond Sessions

    De wat broos ogende minister van Justitie Jeff Sessions werd gezien als een van Trumps trouwste bondgenoten in de regering. De aartsconservatieve politicus had Trump al vroeg in de verkiezingscampagne gesteund – toen menig Republikein de kansen van de New Yorkse vastgoedmagnaat nog weghoonde. Sessions startte dus met veel krediet. Maar begin maart jaagde de minister zijn baas en president ongewild in de gordijnen.

    Sessions was in opspraak gekomen omdat hij tijdens de verkiezingscampagne twee keer contact had gehad met de Russische ambassadeur. Niet zozeer dat feit op zich was belastend, wel zijn ontkenning van al dat soort contacten in zijn hoorzitting voor de senaat.

    Omdat de pers bleef spitten naar aanwijzingen dat Trump tijdens de campagne ongezond nauwe connecties had gesmeed met Moskou, kwam die onthulling bijzonder ongelegen. Vooral omdat Sessions, als minister van Justitie, de hoogste politieke verantwoordelijke zou zijn voor het juridisch onderzoek dat naar die Rusland-connecties werd gevoerd.

    Met een soort ouderwets zuidelijk fatsoen besloot Sessions zich aan dat onderzoek te onttrekken. Zo zou hij vrij blijven van de verdenking dat hij - en mét hem de regering-Trump - die enquête zou willen sturen of beïnvloeden. De minister riep de pers bijeen en maakte dat besluit bekend.

    Een dag later riep een ziedende president zijn topmedewerkers samen in het Witte Huis. In plaats van opgelucht, omdat Sessions hem voor verdere verdachtmakingen leek te behoeden, was Trump woedend.

    Het besluit van de minister was in zijn ogen een teken van zwakte en een buiging voor de oppositie. Bovendien verweet hij zijn staf in de West Wing dat ze die besluitvorming niet beter bewaakt en gestuurd hadden.

    Vooral zijn stafchef Reince Priebus (foto) kreeg naar verluidt de volle laag, en mocht voor het weekend zelfs niet meevliegen naar Florida. Journalisten verklaarden dat ‘bronnen’ in het Witte Huis de president als ballistic omschreven: een woede-uitbarsting als een raket.

    De episode illustreerde drie dingen.

    Ten eerste werd duidelijk dat Trump geen louter passieve speelbal zou zijn van de krachten en machten die hem omringen. De president maakte zijn eigen analyse en trok zijn eigen conclusies, en liet als het nodig was blijken wie er de baas was.

    Ten tweede toonde hij andermaal zijn diepe afkeer van verliezen: zelfs een elegant gebaar als de stap opzij die Sessions had gezet, is in zijn ogen een nederlaag. Die grondhouding kan gevaarlijk zijn, want rancune en gekwetste trots zijn zelden een goede basis voor rationele besluitvorming - en zeker niet in de wereldpolitiek.

    En ten derde was dit ook de emotionele Trump: nauwelijks geneigd om af te wegen en te berekenen. De emotionele kant van de president kwam enkele weken later ook op een andere wijze aan het licht.

    4. Hard vanuit het hart

    Donald Trump kijkt graag televisie. Meestal vindt hij Fox-TV wel fijn; hun praatprogramma’s inspireren hem tot tweets en soms zelfs tot beleidsdaden. Maar in de week van 3 april waren het andere beelden die hem raakten: kinderen die naar adem snakten, levenloze lichaampjes, beademingstoestellen en wanhopige brancardiers.

    De aanval in het noorden van Syrië met chemische wapens schokte de president klaarblijkelijk diep en oprecht. Hij begon zijn mening over de Syrische president Assad te herzien. Had hij die eerst nog aanvaard als de niet te passeren schurk met wie Amerika IS klein zou krijgen - na de gifaanval dacht hij daar anders over.

    In de lijn van de interventionistische Bill Clinton in de jaren 90, liet Trump een serie kruisraketten afvuren op een luchtmachtbasis die gezien werd als een steunpunt in het chemischewapenprogramma van Assad. Wat hij tijdens de campagne nog fel had bestreden - Amerika als de politieman van de wereld - bracht hij nu zelf al in de praktijk.

    Later zou de zoon van de president, Eric Trump, in een interview verklaren dat zijn zus Ivanka (foto) haar vader daarin beïnvloed had. Het moederhart, geraakt door het Syrische kinderleed, zou hem aangepord hebben tot harde maatregelen. Nog wat later ontkende Ivanka dat.

    Hoe het ook zij, Trump had met zijn optreden een bocht gemaakt. Het America First-discours was naar de achtergrond verdrongen. Er was een vleugje humanitaire inspiratie in het buitenlands beleid geslopen. Ook bij de VN, in de persoon van VN-ambassadrice Nikki Haley, kwam dat accent nu sterker tot uiting.

    En Ivanka sprak onlangs zelfs in Duitsland op een conferentie over vrouwenrechten. Ze deelde het podium met Angela Merkel, uitgerekend de wereldleider die het meest van alle buitenlandse gasten in het Witte Huis door de president geschoffeerd en beledigd was.

    Want zo wispelturig en beïnvloedbaar is Donald Trump: op het ene moment overhandigt hij de kanselier brutaalweg een zogenaamde factuur met een berekening van wat Duitsland de NAVO nog verschuldigd zou zijn, om even later met emotie in de stem over migrantenkinderen te spreken.

    5. Arme Spicer

    Hoewel het militaire effect van de aanval op de Syrische luchtmachtbasis naderhand hoogst beperkt bleek, bouwde Trump er een tot dan toe ongezien krediet mee op. Hij toonde tegelijk krachtdadigheid en menselijkheid, en wist daarmee brede segmenten van het publiek te bekoren.

    Hoe potsierlijk is het dan, als die nieuwe glorie kort daarna overschaduwd wordt door een onvoorstelbaar dwaze uitspraak van je woordvoerder. Toen Sean Spicer verklaarde dat ‘zelfs Hitler geen chemische wapens inzette tegen zijn eigen bevolking’ spreidde hij zo’n verbijsterende historische onwetendheid over de gaskamers ten toon, dat veel van de nieuw verworven goodwill meteen weer wegvloeide.

    Alsof het Witte Huis opnieuw door de mand viel - als onbekwaam, slecht voorbereid, chaotisch, dom, provocerend, wereldvreemd.

    Sean Spicer is in zekere zin de perfecte metafoor voor het beleid van het Witte Huis. Hij communiceert zoals er bestuurd wordt: onaf, met fouten, met haken en ogen, soms kregelig en agressief, en dikwijls tegenstrijdig.

    De arme man moet afgaan op wat adviseurs en ministers hem voor de briefing in het oor hebben gefluisterd. Hij moet evenwicht voorwenden waar dat ontbreekt, en eensgezindheid waar die ver te zoeken is.

    Ook president Trump zoekt zijn weg in dat krachtenveld, en na 100 dagen heeft hij nog steeds geen vaste greep op het geheel.

    Momenteel zijn er tendensen te onderscheiden:

    1 Een verminderde invloed van ideoloog Stephen Bannon, en een groter gewicht van rationele generaals als James Mattis (minister van defensie) en Herbert McMaster (nationaal veiligheidsadviseur).

    2 Ook de positie van Jared Kushner is versterkt; samen met Ivanka vertegenwoordigt hij een meer gematigde en mondiale lijn.

    Die veranderingen kunnen de wereld misschien gerust stellen:

    Trumps soep wordt dan toch niet zo heet gegeten als ze werd opgediend.

    Maar wat zegt het over het democratisch gehalte van het Witte Huis, als we al blij moeten zijn met de versterkte macht van de dochter en de schoonzoon van de president?

    Dat associeer je eerder met een vorstelijke hofhouding dan met een moderne democratie.

    Bovendien blijft de chaos te groot, het getouwtrek te constant, de president te emotioneel en te kneedbaar om diepe en vaste lijnen te zien in het beleid, laat staan om betrouwbare voorspellingen te doen. Ook na 100 dagen blijft Trumps Witte Huis nog pijnlijk onberekenbaar.

    100 dagen Trump: we legden uw vragen voor aan Bert De Vroey