Meest recent

    Enkel onder Dehaene meer stakingen dan onder Michel

    Het sociaal protest tegen het beleid van de regering-Michel leidde in 2016 tot een "bovengemiddeld" aantal stakingsdagen. Enkel onder Dehaene I werd meer gestaakt, zo blijkt uit recente cijfers van het Europese vakbondsinstituut ETUI. Een stakingsrecord zit er voor de regering-Michel niet in.
    archieffoto

    Sinds het aantreden van de regering van Charles Michel (najaar 2014) tot eind september 2016 waren er maandelijks gemiddeld 12,8 stakingsdagen per 1.000 werknemers. Enkel onder de regering van Dehaene I (1992-1995) lag dat cijfer hoger: maandelijks gemiddeld 13,4 stakingsdagen per 1.000 werknemers, zo blijkt uit ETUI-berekeningen.

    Na de algemene staking in 2014 en een normaal stakingsjaar in 2015, werd de sociale druk in 2016 opnieuw opgevoerd, aldus Kurt Vandaele, onderzoeker bij de European Trade Union Institute. Het aantal stakingsdagen vorig jaar was "bovengemiddeld", blijkt uit cijfers over de eerste drie kwartalen van 2016.

    Concreet telde 2016 op basis van de eerste negen maanden 82 stakingsdagen per 1.000 werknemers. Er waren bijvoorbeeld stakingen bij het spoor, de cipiers, een nationale betoging tegen het regeringsbeleid in mei en een algemene staking waarvoor opgeroepen werd door de socialistische vakbond in juni. Sectoren waar het meest werd gestaakt waren de metaalindustrie, de transport en logistiek, de overheid in het algemeen en de social profit. De metaalsector blijft evenwel de stakingssector bij uitstek: een kwart van de stakingsdagen was voor rekening van de metaalsector.

    Een stakingsrecord zal niet worden gebroken, verwacht Vandaele. De vakbonden hebben voorlopig geen nieuwe sociale acties gepland. "Bovendien raken politici stilaan in verkiezingsmodus, met minder opvallende ingrepen die tot sociale onrust kunnen leiden."