Meest recent

    Macron zonder partij? Et alors, Giscard had er ook nauwelijks één

    De centrist Emmanuel Macron wordt volgende zondag de achtste president van de Vijfde Republiek in Frankrijk. Opvallend is dat hij geen echte partij achter zich heeft. Hoe kan hij dan zijn ambitieuze programma realiseren, is de vraag van velen. Toch is er een min of meer vergelijkbare situatie uit 1974, toen voormalig president Valéry Giscard d'Estaing ook uit niets een meerderheid rond zich wist te vergaren.
    AP1974

    Macron steunt op En Marche!, geen politieke partij, maar een beweging die hij pas vorig jaar heeft opgericht om zijn weg naar het Elysée te plaveien. In juni zijn er parlementsverkiezingen en is natuurlijk de vraag of En Marche! in zo'n korte tijd kan uitgroeien tot een echte partij met structuur.

    Nu is dat niet helemaal uitgesloten, zelfs als het maar deels lukt, want Macron (foto in tekst) kan een alliantie van gelijkgezinden en nuttige opportunisten rond zich verzamelen. Er gaapt nu een groot vacuüm in de Franse politiek, nu de twee grote traditionele partijen van links en rechts ineen lijken te storten.

    Macron moet ook niet van niks beginnen. Al voor de verkiezingen schaarden gematigde PS'ers zoals minister van Defensie Jean-Yves Le Drian en die van Buitenlandse Zaken Jean-Marc Ayrault zich achter hem, net als PS-kopstuk Ségolène Royal. Die hebben ervaring zat.

    En Marche! kreeg eerder al de steun van de centrumpartij MoDem van François Bayrou en wat zou gematigde conservatieven ervan weerhouden om op de winnende trein te stappen nu hun eigen partij Les Républicains verscheurd dreigt te worden door afrekeningen na de onverwachte nederlaag.

    L'histoire se répète?

    Geschiedenis is een boeiend vak en er is zowaar een vrij recent precedent van een jonge hervormingsgezinde Franse president die bijna zonder partij een grote beweging en meerderheid rond zich verzamelde.

    Even terug naar de lente van 1974 na het overlijden van de gaullistische president Georges Pompidou. De gaullistische partij UDR was in de Vijfde Republiek de erfgenaam van "président fondateur général" Charles de Gaulle. De UDR was de machtspilaar bij uitstek en beschikte behalve over het presidentschap ook steevast over een meerderheid in het parlement als leidende groep binnen een alliantie van rechtse en centrumpartijen.

    De dood van Pompidou zette het machtsevenwicht binnen de UDR echter op de helling. Parlementsvoorzitter, gewezen premier en verzetsheld Jacques Chaban-Delmas beschouwde zichzelf als de gaullistische kandidaat bij uitstek, maar kreeg te maken met een revolte van jonge parlementsleden onder leiding van Jacques Chirac.

    Daarom haalde de socialist en erfvijand van de overleden de Gaulle, François Mitterrand, in de eerste ronde de meeste stemmen voor de centristische minister van Economie Valéry Giscard d'Estaing (foto in tekst). Die schaarde dan de anti-linkse stemmen achter zich en werd in mei 1974 tot nieuwe president gekozen, een beetje als een "accident de parcours".

    Opgang en neergang van de "giscardiens"

    Giscard was geen gaullist, maar had midden de jaren 60 een klein liberaal centrumpartijtje uit de grond gestampt, de Républicains Indépendents (RI). Bij de verkiezingen van 1973 was dat slechts de vierde partij na de gaullistische UDR, de socialisten en de communisten met 55 zetels op een totaal van 577 in het parlement.

    Verzameld rond de president werd die kleine partij -al snel omgevormd tot Union pour la Démocratie Française (UDF)- gesteund door de "UDR-rebellen" van Chirac de nieuwe steunpilaar van de centrumrechtse alliantie. Chirac werd premier onder Giscard en samen konden die relatief jonge politici heel wat hervormingen en moderniseringen doordrukken.

    De persoonlijke en presidentiële ambities van Chirac leidden in 1976 tot zijn ontslag, maar de centrumrechtse alliantie rond Giscard bleef overeind. In 1978 haalde de UDF van Giscard 123 zetels.

    Na de nederlaag bij de presidentsverkiezingen van 1981 tegenover de socialist Mitterrand kalfde de partij van Giscard geleidelijk af en ten nadele van de neogaullisten van Chirac en in 2002 ging de UDF op in de UMP, de nieuwe brede conservatieve partij van Chirac. De "giscardiens" bleven een belangrijke factor in die UMP, onder meer via Jean-Pierre Raffarin, premier onder president Chirac tussen 2002 en 2005.

    Er is overigens nog een opmerkelijke parallel tussen Giscard en Macron. Beiden zijn erg pro-Europees. Als Frans president bouwde Giscard ook op Europees vlak een stevige alliantie uit, met de Duitse sociaaldemocratische bondskanselier Helmut Schmidt (foto in tekst). Samen zouden die Europa verder vorm geven, onder meer met het begin van een Europese top van staatshoofden en regeringsleiders en met het Europees Monetair Systeem rond de ecu, de voorloper van de euro.