Meest recent

    Open VLD en CD&V over Kazachgate: "Wetsvoorstellen hadden niets te maken met Chodiev"

    Open VLD en CD&V zeggen dat hun wetsvoorstellen over een minnelijke schikking om fraudegevallen af te kopen niets te maken hadden met de omstreden zakenman Patokh Chodiev. Dat hebben ze gezegd in de Kamercommissie Kazachgate. Die hoort vandaag Kamerleden en fractiemedewerkers die begin 2011 actief waren binnen de commissie Financiën.
    Patokh Chodiev, de man rond wie Kazachgate draait.

    De Kazachgate-commissie onderzoekt in welke omstandigheden de zogenoemde "afkoopwet" -de wet op de verruimde minnelijke schikking- in 2011 tot stand kwam. De Oezbeekse zakenman Patokh Chodiev zou erin geslaagd zijn die wet sneller door het parlement te krijgen, met de hulp van de voormalige Senaatsvoorzitter Armand De Decker (MR). Chodiev en twee zakenpartners waren de eersten die van de wet konden gebruikmaken.

    De onderzoekscommissie hoort vandaag een reeks Kamerleden en fractiemedewerkers die begin 2011 actief waren binnen de commissie Financiën. Carina Van Cauter van Open VLD zei dat de regeling voor een minnelijke schikking gebaseerd was op een ruimer voorstel van CD&V. Het eigen Open VLD-voorstel was te beperkt om toe te passen op het fraudegeval van Chodiev.

    "Ons voorstel had duidelijk de bedoeling om een onderscheid te maken tussen de "kruimelfraude" enerzijds en anderzijds de grote georganiseerde fraude. Het dossier-Chodiev zou in ons voorstel niet voor een minnelijke schikking in aanmerking zijn gekomen", aldus Van Cauter.

    "Wetsvoorstel CD&V kwam van top van het gerecht"

    CD&V ontkent eveneens dat hun wetsvoorstel iets te maken had met Chodiev. Kamerfractieleider Servais Verherstraeten wees erop dat de regeling er is gekomen om de Antwerpse diamantsector te behouden en dat de tekst was opgesteld door de top van het gerecht.

    "Voor de regio van Antwerpen is deze sector (de diamantsector, red.) een zeer belangrijke werkgever. Bedrijven overwogen om hun activiteiten buiten België onder te brengen. Zo dienden we in die periode het wetsvoorstel over de verruimde minnelijke schikking in. Het was de tekst van het college van procureurs-generaal die we van het kabinet-Justitie hadden ontvangen."