Meest recent

    4 lessen uit Portugal die goed zijn voor je portemonnee - Wim Vermeersch

    In Portugal zijn socialisten aan de macht en die voeren een heel ander beleid dan de trojka wil. Met succes. Het gaat economisch beter met het land en de portemonnee van de Portugezen. Portugal bewijst dat er wel een alternatief is. 'TINA' is dus dood.
    opinie
    Opinie
    AP2007

    Wim Vermeersch is hoofdredacteur van het politieke maandblad “Samenleving en politiek”.

    Het gaat goed met Portugal. Na het EK voetbal vorige zomer en deze week het Eurovisiesongfestival. Maar het land heeft nog meer te vieren: Ook op economisch vlak gaat het stilaan beter. Met dank aan de socialistische regering-Costa.

    Die is bijna 1,5 jaar aan de macht, investeert fel in sociaal beleid en haalt tegelijk makkelijk de Europese begrotingsdoelstellingen. Daarmee heeft ze koelbloedig ‘TINA’, het discours dat ‘There Is No Alternative’ (onder meer Bart De Wever (N-VA) herhaalt dit steeds) voor het besparingsbeleid om de begroting te doen kloppen, vermoord. Hoe heeft ze dat precies gedaan?

    Een links blok vormen

    Op 26 november 2015 zag een bijzondere minderheidsregering het licht, geleid door premier Antonio Costa van de Partido Socialista en geruggensteund door de Communistische Partij, Links Blok en de Groenen vanuit het parlement. Een historische coalitie, want daarmee werd een van de grootste taboes doorbroken: een regeerakkoord van linkse partijen, die sinds de Anjerrevolutie in 1974 op gespannen voet met elkaar leefden.

    Vanwaar deze bijzondere constructie? Simpel: Portugal hing in 2015 murw bespaard in de touwen. Het beleid van de centrumrechtse regering-Pedro Passos Coelho (2011-2015) en de trojka hakte zo zwaar op het land in dat het onmogelijke (samenwerking op links) mogelijk werd.

    Wat is TINA?

    In de trojka-jaren kregen de Portugezen namelijk het mantra te horen dat opofferingen nodig waren en dat er geen alternatief was voor de strategie ‘eerst te snoeien om daarna opnieuw te kunnen bloeien’. TINA, weet je wel, there is no alternative. De Portugezen hadden ‘boven hun stand geleefd’ en de broeksriem moest worden aangetrokken.

    Volgens het beproefde recept werd gesnoeid in ambtenarenlonen, pensioenen en uitkeringen, bespaard op sociale dienstverlening, gedereguleerd op de arbeidsmarkt, en geprivatiseerd in nationale elektriciteits-, post- en luchtvaartmaatschappijen.

    Resultaat? In de trojka-jaren emigreerden een half miljoen Portugezen, gingen meer dan een kwart miljoen banen verloren en leefde 1 op de 4 kinderen onder de armoedegrens.

    Griekse toestanden

    Het bezuinigingsbeleid pakte dus erg negatief uit voor de bevolking, maar ook de macro-economische cijfers kleurden dieprood: op geen enkel moment haalde Portugal het door Europa gevraagde begrotingstekort van 3% (in 2015 bedroeg dat zelfs 4,4%), het werkloosheidscijfer groeide van 11,9% in 2010 naar 12,5% in 2015 (met pieken van 15,8% in 2012 en 16,5% in 2013) en ook de staatsschuld bleef schrikbarend stijgen.

    Een dramatisch rapport dus, waardoor Portugal tot op de dag van vandaag onder curatele van Europa staat. Portugal gleed in sneltempo af naar een derdewereldland. Griekse toestanden.

    Met weinig zicht op beterschap, gezien de ijzeren greep van de trojka.

    Een ander economisch beleid kan wel

    Maar eind 2015 kwam de linkse minderheidsregering-Costa aan de macht. Bij haar aantreden was het wantrouwen groot. Dit was een wankele constructie, een kaartenhuisje, dat geen twee weken zou standhouden.

    In Portugal sprak de centrumrechtse oppositie over ‘luchtfietserij’. In Europa vreesde de Duitse minister van Financiën, Wolfgang Schäuble, "dat Portugal opnieuw het vertrouwen van de financiële markten zou verliezen".

    Maar kijk, vandaag bijna 1,5 jaar later blijkt dit kaartenhuisje een stevige constructie. De regering-Costa investeert fel in sociaal beleid en haalt tegelijk makkelijk de Europese begrotingsdoelstellingen.

    Een ‘links’ beleid, hoe ziet dat eruit?

    Al in de eerste dagen schroefde de nieuwe regering-Costa een aantal zichtbare maatregelen van de vorige regering terug: vier geschrapte feestdagen werden in ere hersteld, adoptie voor homoseksuele koppels en artificiële inseminatie voor alle vrouwen (niet enkel heteroseksuele en getrouwde) werden mogelijk gemaakt, en de ingevoerde schoolexamens voor 10- en 12-jarigen opnieuw afgeschaft.

    Het waren symboolmaatregelen, een breuk met de vorige regering, die de eenheid van deze onuitgegeven linkse coalitie moest benadrukken.

    Maar het beleid ging verder dan symboliek. Niet lang daarna verhoogde de regering het minimumloon tot 600 euro, schrapte ze een aantal medische kosten, vergrootte ze de toegang tot een aantal sociale voordelen en maakte ze de privatisering van een aantal publieke transportbedrijven (waaronder de nationale luchtvaartmaatschappij TAP) ongedaan.

    Een ‘linkse’ begroting, hoe ziet dat eruit?

    2016

    De eerste grote test was de begrotingsopmaak voor het jaar 2016. De ambtenarenlonen werden in ere hersteld, de btw voor restaurants verlaagd, de inkomenstoeslag voor de laagste inkomens geschrapt, het sociale energietarief geautomatiseerd en de schoolboeken voor studenten in hun eerste jaar gratis gemaakt.

    Het ging hard, want nog in datzelfde jaar volgden het herstel van de 35-urige werkweek voor ambtenaren, en grote investeringen in het kleuteronderwijs en eerstelijnsdokters.

    2017

    Met de begrotingsopmaak voor het jaar 2017 sloeg de regering-Costa definitief de bladzijde van het besparingsbeleid om: een aantal pensioenen gingen omhoog, er was een tweede verhoging van het minimumloon, een toeslag op inkomens werd geschrapt, en de schoolboeken werden voor de eerste vier jaar gratis gemaakt.

    Ook werd het kindergeld voor arme gezinnen, dat de voorbije jaren niet werd uitbetaald en gold voor kinderen tot 1 jaar, uitgebreid naar kinderen tot 3 jaar, en kwam er een extra belasting op onroerend goed boven de 600.000 euro.

    2018

    Ook voor de begroting van 2018, die dit najaar moet worden goedgekeurd, liggen de ambities hoog. Er staan twee vlaggenschepen op de agenda: het moet opnieuw mogelijk worden promotie te maken in de publieke administratie en men hoopt een meer progressieve inkomensbelasting in te voeren.

    Wie gaat dat betalen?

    Deze maatregelen moeten toch bakken geld kosten, hoor ik u denken? Kan een armlastig land als Portugal, met een hoge staatsschuld en hoog overheidstekort, zich wel zo’n ambitieus sociaal beleid veroorloven? Wel, de macro-economische cijfers zijn ronduit indrukwekkend.

    Het overheidstekort bedroeg in 2016 zo’n 2,1%, netjes onder de door Europa gevraagde 3%. Dat was Portugal nog nooit gelukt, en meteen het laagste percentage sinds het land een democratie werd.

    In 2016 groeide het bbp met 1,4%, in het laatste kwartaal zelfs met 2%. Dat is meer dan het eurozone-gemiddelde (1,7%) en het derde beste resultaat van de eurozone.

    De werkloosheid klokte af op 11,2%, in het laatste kwartaal van 2016 zelfs op 10,5%. Dat is het laagste percentage sinds april 2009. In 2016 werden 100.000 nieuwe jobs gecreëerd. In december 2016 waren er 73.500 werklozen minder dan in december 2015.

    Ook het consumentenvertrouwen haalde in januari van dit jaar zijn hoogte niveau sinds 2000.

    Portugal doet het dus beter dan Europa voorspelde

    Het nieuwe politieke pad dat de regering-Costa is ingeslagen - een beleid dat het inkomen van de mensen verhoogt en in publieke diensten investeert - kan dus betere cijfers voorleggen dan de dominante strategie die in Zuid-Europa door Europa wordt opgelegd.

    Europa baseert de maatregelen op arbeidsmarktflexibiliteit, deregulering, lage lonen, minder sociale rechten en een slanke overheid.

    Met andere woorden: op minder dan 1,5 jaar tijd heeft de Portugese regering-Costa ‘TINA’, het discours dat ‘There Is No Alternative’ voor het besparingsbeleid om de begroting te doen kloppen, vakkundig vermoord.

    Welke lessen vallen te trekken uit de ‘Portugese oplossing’?

    Les 1.

    Een links beleid, gericht op economische groei, werkgelegenheid en de strijd tegen ongelijkheid, is perfect compatibel met de Europese begrotingsdoelstellingen. Die kunnen wel degelijk worden behaald door te investeren in plaats van te bezuinigen.

    Les 2.

    Samenwerking op links loont. De Portugese casus toont voor uiterst linkse partijen aan dat het lonender is wat meer pragmatisme aan de dag te leggen en voor centrumlinkse partijen dat de natuurlijke partners zich op links en niet in het centrum bevinden.

    Les 3.

    Socialistisch beleid loont electoraal. De Portugese burger kan dit beleid wel smaken. In de peilingen stijgt de Partido Socialista richting een absolute meerderheid en neemt de voornaamste centrumrechtse oppositiepartij, SDP, een gestage duik.

    Les 4.

    TINA is een leugen. Terwijl in Griekenland verder wordt gesnoeid in de al karige lonen en pensioenen en er voor de gewone Griek weinig reden tot beterschap is, lijken de Portugezen opnieuw een duurzaam groeipad te bewandelen.

    Besluit:

    De ‘Portugese oplossing’ kan andere armlastige EU-lidstaten tot voorbeeld strekken. Er is wel degelijk een alternatief. Dat heeft de moord op TINA in Portugal bewezen.