Meest recent

    Pentagon test afweersysteem voor intercontinentale ballistische raketten

    Het Pentagon gaat volgende week een test doen voor het onderscheppen van een intercontinentale ballistische raket, het type raket dat Noord-Korea wil ontwikkelen. Dat heeft de Missile Defence Agency gemeld. De test is gepland voor dinsdag.
    KCNA via KNS
    Vorige zondag testte Noord-Korea nog een raket.

    Vanop de Marshalleilanden, in de Stille Oceaan, zal een intercontinentale raket worden gelanceerd, die gestopt moet worden door een afweerraket, die afgeschoten wordt vanop de Vandenberg-basis van de US Airforce in Californië. De test moet de efficiëntie testen van het defensiesysteem tegen intercontinentale raketten dat gebaseerd is in Alaska en in Californië. Daarnaast wil het Pentagon een lancering van een intercontinentale ballistische raket door Noord-Korea op een nauwkeurige manier simuleren, aldus functionarissen aan CBS News.

    De laatste gelijkaardige test vond plaats in 2014. Die test was succesvol maar de drie vorige mislukten. Het gaat nu echter om de eerste test met het type intercontinentale ballistische raket dat Noord-Korea wil ontwikkelen. Het onderscheppen van een intercontinentale raket is volgens het Pentagon een extreem complex proces, dat neerkomt op het stoppen van een kogel met een andere kogel.

    Het Pentagon beschikt over een reeks raketafweersystemen. Volgens critici is het systeem dat werd ontwikkeld om een mogelijke Noord-Koreaanse intercontinentale raket te onderscheppen echter een van de minst betrouwbare, aldus CBS. Het systeem bestaat uit radars en andere sensoren die verspreid zijn over de hele wereld om vijandelijke raketlanceringen te detecteren, en een afweerraket die de gedetecteerde raket vernielt in de ruimte.

    Noord-Korea heeft al talrijke rakettesten uitgevoerd, en heeft als doel een intercontinentale nucleaire raket te ontwikkelen die de VS kan raken. De VS hopt op een succesverhaal nu er steeds meer dreigende taal klinkt in Noord-Korea, en de spanning tussen de twee landen oploopt sinds het begin van de ambtstermijn van president Donald Trump.