Meest recent

    "Europees Parlement moet beter controleren waaraan parlementsleden onkostenvergoeding besteden"

    Het Europees Parlement controleert onvoldoende waaraan de Europees Parlementsleden hun onkostenvergoeding spenderen. Dat zegt journalist Kristof Clerix van Knack in "De afspraak". Hij werkte mee aan een internationaal onderzoek naar die vergoedingen.

    4.342 euro: zoveel mag elk lid van het Europees Parlement elke maand aan onkosten uitgeven, dit bovenop hun loon van 8.484 euro bruto en dagvergoedingen. Dat is een forfaitair bedrag, maar toch moeten ze zich aan bepaalde regels houden om het uit te geven. Alleen blijkt nauwelijks toezicht op het naleven van die regels te bestaan, zo heeft Kristof Clerix van Knack ontdekt.

    Hij werkte mee aan het internationale onderzoek The MEPs Project dat die onkostenvergoedingen onder de loep neemt en is tot enkele opvallende conclusies gekomen over de Belgische Europees Parlementsleden.

    "Europees Parlementsleden mogen hun onkostenvergoeding uitgeven aan het huren van een kantoor, kantoorbenodigdheden, abonnementen op tijdschriften, administratie en zo meer", zegt Clerix vanavond in "De afspraak". "Zolang de uitgaven in het kader van hun functie gebeuren, is het ok."

    Huren bij de eigen partij

    Uit het onderzoek blijkt dat veel Europees Parlementsleden het grootste deel van hun onkostenvergoeding aan de huur van een kantoor uitgeven. Hoewel elk parlementslid sowieso een kantoor in het Europees Parlement in Brussel én in het Europees Parlement in Straatsburg heeft, willen sommigen nog een of meer andere kantoren huren.

    "We hebben alle 21 Belgische Europees Parlementsleden naar hun kantoren gevraagd en 9 onder hen blijken geen extra kantoren te huren. Dat werpt meteen de vraag op waaraan ze maandelijks hun onkostenvergoeding van 4.342 euro spenderen."

    "Drie parlementsleden blijken een kantoor in de gebouwen van hun eigen partij te huren: Kathleen Van Brempt (SP.A), Maria Arena (PS) en Philippe Lamberts (Ecolo). Het Europees Parlement staat dit toe, zolang die kantoren zijn afgesloten en de parlementsleden ze voor hun functie gebruiken. Ander ruikt dit naar partijfinanciering."

    "Ik heb die drie kantoren bezocht en moest vaststellen dat het om open kantoren ging die ze met anderen delen en zonder naamplaatje. Toen ik Van Brempt hierover inlichtte, trok zij gealarmeerd naar het Europees Parlement, maar daar stelde men haar gerust dat ze geen regels overtrad. De regels worden dus aangepast à la tête du client."

    Ook het bestedingspatroon van Gerolf Annemans (Vlaams Belang) is een interessante casus. "Hij bevestigt dat hij 2 kantoren in Brussel huurt, goed voor een totale huurprijs van 3.700 euro per maand. Op basis van onze gegeven heeft geen enkel ander Europees Parlementslid zulke dure kantoren."

    39 miljoen euro aan publiek geld

    "Dit onderzoek bewijst dat het Europees Parlement de onkostenvergoedingen van zijn leden beter moet controleren", besluit Clerix. "Jaarlijks geeft het 39 miljoen euro aan publiek geld aan deze vergoedingen uit. Hierbij gelden regels, maar elke vorm van controle ontbreekt."

    "Sommige Europees Parlementsleden willen zelf duidelijkere regels en meer controle, maar het bestuur van het parlement staat daar weigerachtig tegenover. Meer dan een jaar geleden heeft de plenaire vergadering een resolutie gestemd die vraagt om duidelijkere regels. Het heeft 13 maanden geduurd voor het bestuur deze vraagt oppikte."

    Guy Verhofstadt

    Opmerkelijk tot slot: op 27 april heeft het Europees Parlement gestemd over een amendement van de Groene fractie dat pleit voor duidelijkere regels, een aparte bankrekening voor onkosten en zo meer.

    Alle Belgische Europees Parlementsleden stemden vóór dit amendement of voor delen ervan. Slechts 1 onder hen stemde uitgesproken tegen: Guy Verhofstadt (Open VLD). Zijn partij voert aan dat hij fractieleider van de liberale ALDE-fractie is en dat hij hoort te stemmen volgens de lijn die de meerderheid van zijn fractie heeft vastgelegd.

    Het volledige gesprek met Clerix kan u hieronder bekijken. Meer informatie over zijn onderzoek en over zijn bevindingen vindt u op de website van Knack.