Meest recent

    Putjes in bospad in Wichelen gevuld met menselijke beenderen

    In Serskamp, een deelgemeente van Wichelen, zijn beenderen gevonden in een bospad. Arbeiders van de gemeente hadden de putjes in het bospad gevuld met grind van de plaatselijke begraafplaats, en waarschijnlijk zijn de beenderen zo op het pad terechtgekomen. Het zou gaan om "historische restanten", beenderen uit ontruimde graven die herbegraven zijn. Dat is immers het lot van bijna iedereen die begraven wordt.
    Menselijke beenderen in de grond (archieffoto).

    Wandelaars in Serskamp wisten onlangs niet wat ze zagen toen ze menselijke beenderen en grafopschriften vonden op een bospad in de Onnebossen.

    Daar hadden gemeentearbeiders putjes opgevuld met grind van de begraafplaats. De begraafplaatsen van Wichelen zijn onlangs verfraaid en de grindpaden zijn vervangen door graspaden. Een deel van het afgevoerde grind is daarop gebruikt om de putjes te vullen. Het bospad zal afgegraven worden en er komt een nieuwe grindlaag.

    De gemeente zit zeer verveeld met de zaak en heeft een intern onderzoek bevolen.

    Volgens de gemeente gaat het om "historische restanten", beenderen uit graven die ontruimd zijn, en opnieuw begraven in een verzamelgraf. Dat is immers uiteindelijk het lot van zowat iedereen die begraven wordt.

    Ontruiming van graven

    In Vlaanderen worden regelmatig graven ontruimd. De termijn waarop dit gebeurt, hangt af van het feit of men gekozen heeft voor een gratis graf of voor een concessie.

    Een gratis graf wordt meestal ontruimd na 10 jaar, bij een concessie gebeurt dat als de familie afstand doet van het graf, bijvoorbeeld na 30 jaar, of als er geen familie meer is. 

    Een ontruiming gebeurt meestal door een gespecialiseerde aannemer, die de stoffelijke resten dan herbegraaft op dezelfde begraafplaats. De resten van verschillende mensen komen dan meestal terecht in verzamelgraven, ook knekelputten genoemd. Die zijn veel dieper dan een klassiek graf. Dat is ongeveer zo'n anderhalve meter diep, een knekelput is wel vier tot vijf meter diep.

    Een individuele herbegraving op een andere plaats gebeurt bijna nooit, omdat dat veel te duur is. In kleine gemeenten gebeurt het soms nog wel, dat wordt dan "een lichaam schudden" genoemd.

    Bijna overal in Vlaanderen gebeurt de ontruiming van graven op deze manier, hier en daar wordt er geëxperimenteerd met alternatieven. 

    Een mogelijkheid is de resten naar een crematorium te brengen voor verbranding, maar daar zijn een aantal problemen mee. De crematoria zitten er niet op te wachten omdat er tussen de resten veel aarde en zand zit, en dat geeft problemen tijdens de verbranding omdat het zand een soort glasachtig restproduct wordt. Er zijn ook ethische bezwaren: niet iedereen wil gecremeerd worden, en het is onmogelijk om dat voor iedereen te controleren.

    Er zijn ook gemeenten die een ossuarium of beenderhuis aangelegd hebben, een huisje op de begraafplaats waar de beenderen uit ontruimde graven bewaard worden.Dat is echter duur, onhygiënisch en op een bepaald ogenblik moet een dergelijk ossuarium ook ontruimd worden.