Meest recent

    Het creatieve lab van… Jens Mortier: "De creatieven worden tussen 9 en 2 met rust gelaten"

    Elke zaterdag ploegen we door een creatieve dag van een creatieve mens. We beginnen ’s morgens en eindigen als het licht uitgaat. Waar haalt x/y inspiratie? Zijn er manieren om creatiever te worden? Om meer inspiratie te vinden? Deze week: Jens Mortier (49), reclamemaker, baas van de Mortierbrigade, meermaals bekroond op het wereldvermaarde Festival van de Creativiteit in Cannes. Volgende week is het daar weer zover. Jens zal erbij zijn: “de Belgen zijn niet kansloos”, klinkt het bescheiden.


    Wanneer sta je op?

    Heel lang is het zeven uur geweest, omdat ik mijn dochter naar school bracht. Nu heeft ze een brommertje en kan ze zelf rijden. Ik kan dus iets langer blijven liggen, halfacht zowat. Ik ben niet echt een ochtendmens. Ik slaap al eens graag langer uit, als dat kan voor de afspraken.

    Wat is het eerste wat je doet?

    Vroeger was dat snel een sigaret opsteken, maar daar ben ik mee gestopt, sinds 112 dagen.

    Proficiat.

    Dankjewel. In de plaats maak ik een klein ontbijtje, iets gezonds, het enige gezonde van de dag meteen. Yoghurt en granola en wat fruit erbij. En ik lees kranten. Ik heb drie kranten in de bus, nog wel degelijk de fysieke kranten. Dat is in die volgorde Het Laatste Nieuws, De Morgen en De Standaard. Het is natuurlijk niet mogelijk om ’s morgens heel diep te gaan. Omdat ik in een sportieve trip zit heb ik ook een fiets gekocht. Gisteren ben ik voor het eerst met de fiets komen werken, jawel. Het is niet zo heel ver, vijftien kilometer, maar toch. Iedereen stond hier versteld. Blijven verrassen is de kunst.(lacht)

    Daarmee vervalt mijn volgende vraag : wat doe je in de auto op weg naar het werk?

    Ik doe veel kilometers. Zodra het maar iets begint te miezeren ga ik terug met de wagen. Ik luister heel veel radio, ik switch tussen Radio1 en Studio Brussel. Ofwel eigen muziek, ik ben een enorm muziekliefhebber. Dat gaat van heel klassiek tot AC/DC. Dat proberen we in ons werk ook te hanteren, dat we heel divers kunnen zijn. Als ik echt stilsta in de wagen kijk ik smartphone, Facebook, Twitter. Ook nieuwsmedia, deredactie, HLN. Ik ben een nieuwsveelvraat. Ik probeer toch nog altijd om zeven uur thuis te zijn. Dat is onnozel. Je kan uitgesteld kijken, je kan een krant online bekijken. Maar het journaal en papieren kranten, dat zijn een paar ankerpunten in de dag. Ik heb ook de Humo, ik ben nog altijd blij als hij dinsdag in de bus zit. Noblesse oblige (lacht) (vader Guy is ex-hoofdredacteur van Humo, JH). Een boek vind ik veel leuker als ik het vast heb. Ik hou van gedrukte media.


    Ik neem aan dat Jens Mortier niet meer vaak copywritet, het echte creatieve werk in de reclame?

    Te weinig naar mijn goesting. Dat doe ik wel nog het liefste. Het klinkt blasé, maar dat is ook wat ik enigszins kan denk ik. Maar ja hoe gaat zoiets? Het evolueert, het is aan de nieuwe generatie, die probeer ik te sturen, te helpen, te inspireren, te begeleiden. We zijn intussen met bijna vijftig mensen, en heel veel fijne klanten die goeie zorgen verdienen. Ik doe wel nog Humo, samen met mijn vader, de radio. Daar komt nog heel wat copywriting bij kijken, die hij dan meteen in de vuilnisbak smijt (lacht). Hij is ook gewoon veel beter. Dus dat aanvaard ik met plezier. Verder, onlangs heb ik nog Brantano, de schoenenwinkels, binnengehaald. En dan heb ik nog met Tom Van Dijck zitten schrijven.

    Is er een moment in de dag dat je het meest creatief bent?

    De theorie zegt dat de ochtenden de beste zijn om te denken, de namiddagen om te doen. Ik denk dat dat tot op zekere hoogte klopt. Hier moeten de creatieven tussen negen en twee met rust gelaten worden, ze mogen dan niet gestoord worden voor kleine aanpassingen, meetings of zo. Die moeten kunnen werken en denken. We hebben dat onlangs geïnstalleerd, niet volgehouden, maar net weer opgelegd aan iedereen. Je moet vrij kunnen denken, je concentreren. Terwijl gewoon op café zitten, en nadenken en lachen en onnozel doen, dat dat soms momenten zijn dat de beste ideeën komen. Het is een moeilijk evenwicht hoor, dat creatieve proces.

    Is het daarom dat een deel van het bedrijf eruit ziet als een café?

    (lacht) Het is hier een voormalige opslagplaats van de brouwerij Haacht. We waren het aan onszelf verplicht om hier een toog te hebben. Dat is een belangrijke plek waar mensen elkaar tegenkomen, waar wordt nagedacht, waar mensen een pintje drinken, waar wordt gelachen. Heel veel reclamebureau’s zijn design-pareltjes, maar staan soms ver van de werkelijkheid.


    Ken je zoiets als writer’s block, als het maar niet wil komen?

    Ik heb die stress gehad, zeker toen ik begon. Dan was er toch regelmatig wat angstzweet mee gemoeid. Ik denk dat dat ook geldingsdrang was, dat je iets goed wil doen. Een stukje onzekerheid ook, dat je het niet goed weet aan te pakken. Gaandeweg gaat het wel beter. Je kweekt ook een zekere ervaring, waarop je kan terugvallen in tijden van nood. Er zijn bepaalde reclametechnieken waarvan we zeker zijn: dit werkt. De kunst is om daar niet op te moeten terugvallen. We streven natuurlijk naar iets nieuws. Alleen, je weet niet wanneer dat komt, dat goed idee. Dat duurt maar drie seconden, dat kan nu komen, of over drie weken.

    Heb je methoden om je hoofd leeg te maken. Sport of mediteren of zo?

    Te weinig. Als ik al iets sportief doe, dan merk ik wel welk een energie dat geeft. Ik ben nooit een sportieve mens geweest. Voortdurend met werk bezig. Nu probeer ik me tegen mezelf te beschermen, rustmomenten in te lassen. Autoracen dat is geen sport hé (lacht). De Formule1-boys dat zijn sportieve mannen. Maar in ons geval is het amateuristisch, vooral dikzakken in midlife die een beetje willen racen (lacht). Ik ben 49. Daarom ben ik ook gestopt met roken, je moet je geluk niet pushen. Dus ik probeer daaraan te werken: wat fietsen, beetje roeien, ik heb een roeimachine gekocht, zwemmen. Ik merk ook als ik met vakantie ben: na een week begin ik tot rust te komen. Dan staat mijn hoofd weer open voor nieuwe dingen. Dan kan ik de day-to-day overstijgen, nadenken over wat we kunnen doen. Zijn er innovaties, producten, diensten die we kunnen aanbieden?


    Hoe neem je moeilijke beslissingen?

    Ik denk wel lang na voor ik iets doe. Ik ga nooit impulsief ergens in vliegen. Als ik nood heb aan een klankbord, dan vind ik dat altijd wel. Ik ben geen koppige mens. Weloverwogen klinkt heel saai. Maar belangrijke beslissingen, daar moet je niet te licht overgaan. Vaak zijn daar mensen mee gemoeid, centen.

    Maar niet twijfelen?

    Nee, ik voel meteen of iets juist zit of niet. Dan laat ik een goeie combinatie van hart en buik spreken, en hoofd. Twijfel, nee. Wel in een creatief proces. Ik zie dat aan mijn vader ook wel, terwijl hij die radiospot aan het inspreken is, blijft hij zoeken, maar is dat twijfel? Nee, dat is nooit tevreden zijn, altijd beter willen.


    Wat is het laatste wat je doet voor je gaat slapen?

    Mijn avonden zijn redelijk rustig. Ik ben wel een heavy user van de Netflixen en de Play More’s van deze wereld. Canvas ook. Ik kijk heel graag naar goeie series, films en documentaires. Dat is een stukje ontspanning en ik leer er ook altijd van. Wij zijn mensen die verhalen moeten kunnen vertellen. Dus ik vind het wel fijn om te kijken hoe dat op hoog niveau gebeurt. Helemaal net voor het slapen gaan lees ik nog een beetje in de Humo. Een interview of twee, en dan gaat het licht uit.

    De dag eindigen met Humo?

    Ja, echt wel. Dat is een ritueel dat er is ingeslopen door de jaren heen. In de weekends is dat anders, dan ben ik met mijn vriendin. Of met vrienden eten en drinken à volonté, met veel plezier. Dan ga ik niet meer in de Humo lezen, catch my drift.

    Literatuur, boeken?

    Jawel, maar dan vooral als ik met vakantie ben. Ik wil graag doorlezen. Ik lees heel veel en snel. Mijn vader geeft mij goeie tips en goeie boeken.

    Zoals?

    Ian McEwan was een goeie. Dan die Zuid-Afrikaan, die thrillers schrijft, Deon Meyer. Ik koop ook regelmatig werkgerelateerde boeken over creativiteit. Ik heb van thuis altijd moeten lezen, en ik ben daar heel dankbaar voor, dat was niet altijd even leuk.

    Was er een opgelegde literatuurlijst ten huize Mortier?

    Nee, geen specifieke titels. Dat waren wel degene die mijn ouders ook wel apprecieerden: Remco Campert, Kees van Kooten, Tim Krabbé. Maar niet die die je op school moet lezen. Gaandeweg neem je dat ook aan.

    Laatste vraag : heb je een levensmotto?

    Zoiets in één zin of zo? Niet meteen. Ik ga het je doorsturen.

    En dat voor een copywriter?

    (lacht) Ik heb geen grote citaten waarnaar ik leef. Ofwel is dat heel dom ofwel heel geniaal.