Meest recent

    "Effectief antiterreurbeleid is combinatie van preventie, repressie en interventie'

    In de strijd tegen terreur en radicalisering moet de Vlaamse overheid mensen individueel begeleiden, maar ook een breder maatschappelijk beleid voeren. Dat zegt Lore Colaert van het Vlaams Vredesinstituut in "De wereld vandaag" op Radio 1. Samen met haar collega's heeft zij aanbevelingen in een boek gebundeld.

    Wat kan de Vlaamse overheid (beter) doen om radicalisering aan te pakken? In een poging die vraag te beantwoorden heeft het Vlaams Vredesinstituut het bestaande onderzoek verzameld én naar de Vlaamse context vertaald. Het resultaat is "Deradicalisering. Wetenschappelijke inzichten voor een Vlaams beleid", een boek dat vandaag in het Vlaams Parlement is voorgesteld.

    "De Vlaamse overheid onderneemt al veel tegen radicalisering", legt Lore Colaert van het Vlaams Vredesinstituut in "De wereld vandaag" de noodzaak voor het boek uit. "Zo neemt ze verschillende goede voorbeelden uit het buitenland over, maar die zijn niet altijd wetenschappelijk onderbouwd. Bovendien kan je die modellen niet zomaar in een Vlaamse context toepassen."

    Deradicaliseringsambtenaren

    "Op vlak van preventie halen we 2 sporen uit het onderzoek die Vlaanderen moet bewandelen. Enerzijds is er een nood aan individuele begeleiding die in een vroege fase van radicalisering kan helpen. Die heeft tot doel mensen in de samenleving te integreren en hen een perspectief te bieden zodat ze niet in handen van een extremistische groep vallen."

    "Anderzijds is een bredere aanpak nodig. Lokale deradicaliseringsambtenaren stoten vaak op een aantal knelpunten die zij niet kunnen oplossen en die zo'n bredere aanpak vergen. Zo is een constructieve samenwerking nodig tussen politie en sociale diensten. De overheid moet ook de uitdagingen van de diverse samenleving aanpakken, zoals schooluitval, jeugdwerkloosheid en leefbaarheid in wijken."

    Disengagement

    Ook op vlak van deradicalisering doet het Vlaams Vredesinstituut enkele aanbevelingen. "Veel Westerse deradicaliseringsprogramma's focussen op disengagement, op een gedragsverandering. Ze zetten mensen aan om te stoppen met geweld en om niet langer deel te nemen aan militante activiteiten van een extremistische groep. Eens ze een nieuwe context vinden, toegang hebben tot werk en een vrijetijdsbesteding en weer familiebanden aanknopen, volgt daar vaak een verandering van attitude en van ideologie uit voort."

    "Ook bij ons bieden verschillende diensten zulke trajecten aan, maar ze verlopen versnipperd. De Vlaamse overheid moet een meer coördinerende rol opnemen, bijvoorbeeld door kwaliteitsstandaarden op te zetten of de keten rond een individu beter te sluiten."

    "Terreur en radicalisering aanpakken is in België een grote uitdaging omdat we een complex staatsbestel hebben", erkent Colaert. "We hebben ook minder een traditie van samenwerking tussen preventieve diensten en veiligheidsdiensten. Maar ook in het buitenland bestaat die uitdaging. Een effectief antiterreurbeleid is een combinatie van preventie, repressie en interventie, dit zowel op individueel, groeps- als maatschappelijk niveau."