Meest recent

    De tanden van Europa – Hendrik Vos

    2,4 miljard, dat zijn een twee, een vier en acht nullen. Het is ook de hoogte van de boete die de Europese Commissie vorige week aan Google gaf. Het bedrijf zal er niet van over de kop gaan, maar het is toch een betrekkelijk indrukwekkend bedrag, zeker omdat er ook nog een dwangsom bovenop kan komen. Het is bijvoorbeeld veel meer dan de helft van wat België jaarlijks aan defensie uitgeeft.
    opinie
    Opinie

    Hendrik Vos en Rob Heirbaut schrijven om de twee weken beurtelings een opinietekst, respectievelijk analysetekst, over Europese politiek. Vos is hoogleraar aan de Universiteit Gent, waar hij directeur is van het Centrum voor EU-studies. Heirbaut is VRT-journalist, gespecialiseerd in de EU.

    Google gaat in beroep bij de Europese rechters, maar de Commissie doet haar huiswerk grondig en gedegen als het over zulke dossiers gaat. De kans dat de rechters de boete ongegrond verklaren, is klein. Misschien wordt er straks over het bedrag nog wat gesjacherd, maar de grootteorde ligt vast. Finaal zal Google wel betalen. Google is trouwens niet de eerste in de rij die de boetes tot boven het miljard ziet oplopen. Microsoft dokte de voorbije jaren in totaal ook al ruim twee miljard euro af.

    Neoliberaal of treiteraar?

    De Europese Unie is in de eerste plaats een grote supermarkt. Voor bedrijven zijn er geen grenzen: ze kunnen personeel aanwerven uit alle lidstaten en hun producten en diensten kunnen zonder obstakels, barrières en papierwerk overal in de Unie worden aangeboden. Daarom wordt wel eens gezegd dat de Unie een neoliberaal project is, waar vooral de grootste bedrijven dik aan verdienen.

    Toch is die markt geen vrij westen. Producten moeten aan allerlei voorwaarden voldoen. In vergelijking met de rest van de wereld is de Unie met voorsprong de meest gereglementeerde markt. Er gelden duizenden regels die de veiligheid van speelgoed, voedsel, medicijnen, … waarborgen. Bedrijven die hier actief zijn, moeten zich bovendien houden aan milieunormen en een aantal sociale afspraken. De grote telecomoperatoren hebben er zich zelfs bij moeten neerleggen dat ze sinds 15 juni geen extra’s meer mogen vragen voor telefoon en dataverkeer vanuit het buitenland. Al die Europese regelneverij wordt door de ondernemingen wel eens als getreiter beschouwd.

    Bedrijven mogen bovendien de vrije concurrentie niet in het gedrang brengen, en ook dat is vastgelegd in harde wetten. Ze mogen niet te groot worden, geen prijsafspraken maken en geen misbruik maken van hun machtspositie.

    En dat doet Google klaarblijkelijk wel. Door te foefelen met de zoekmachine, wordt de eigen prijsvergelijkingsdienst bevoordeeld. Bedrijven die geen advertentieruimte kopen bij Google worden met opzet in de zoekresultaten van onderen weggemoffeld.

    Speelbal

    Het is erg moeilijk om op te treden tegen een gigantisch bedrijf als Google. Geen enkele overheid kan, durft of wil het proberen. Maar de Europese Unie doet het dus wel, en dat heeft alles te maken met haar belangrijkste machtsmiddel: ze is een markt met ruim 500 miljoen relatief welvarende consumenten.

    Zoiets bestaat nergens anders in de wereld. Na de brexit zullen er nog altijd 450 miljoen inwoners overblijven. Als de Unie echt een vuist maakt, kan Google wel degelijk in de problemen raken. Bedrijven van die omvang kunnen het zich niet permitteren om die enorme markt met zoveel koopkracht te verliezen, of verzeild te raken in procedures en conflicten die op den duur een eigen dynamiek kennen en alleen maar tot verlies kunnen leiden.

    Als pakweg de Britten straks, buiten de Europese Unie, zouden proberen om Google binnen de lijntjes te laten lopen, zal de strijd veel moeilijker zijn. Het zou op het bedrijf nooit dezelfde indruk maken dan wanneer de Unie met een boete zwaait. Grote verliezen op de Britse markt zouden voor Google niet prettig zijn, maar het zou niet op een catastrofe uitdraaien.

    Precies omwille van de grootte van de markt is de Europese Unie niet veroordeeld om een speelbal te zijn van dat soort bedrijven. Zij heeft de macht om wel degelijk haar tanden te tonen.

    Niet de eerste keer

    Het is de Commissie die in de gaten moet houden of de concurrentieregels gerespecteerd worden. Als ze overtredingen vaststelt, kan ze boetes opleggen. Dat gebeurt met grote regelmaat en soms zijn die boetes erg hoog. We hadden het al over Microsoft, maar dat is lang niet het enige bedrijf dat de factuur zag oplopen.

    In 2016 kregen de grote vrachtwagenfabrieken van MAN, Volvo/Renault, Daimler, Iveco en DAF een straf van in totaal haast drie miljard euro omdat ze jarenlang onderlinge prijsafspraken hadden gemaakt. Ook de autoruitenproducenten kregen een paar jaar geleden een miljardenboete opgelegd om dezelfde reden.

    Intel, de producent van computerchips, vervalste de markt en moest ruim een miljard betalen. Facebook kwam er enkele maanden goedkoper van af: bij de overname van WhatsApp had het bedrijf misleidende informatie verspreid, en daarvoor moest Facebook 110 miljoen euro boete ophoesten.

    Meestal gaan die bedrijven in beroep. En meestal verliezen ze dat beroep. De boete die wordt opgelegd, wordt ook daadwerkelijk betaald en komt in de Europese begroting terecht. Bedrijven zijn er immers als de dood voor dat ze van de lucratieve Europese markt zouden vliegen.

    En hoe zat dat dan met Apple?

    Een klein jaar geleden was er het bericht dat Apple maar liefst 13 miljard moest ophoesten. In dat geval ging het echter niet om een boete die de Europese kas zou kunnen spekken.

    Het zat zo: Apple had met de Ierse fiscus een regeling uitgewerkt waarbij het bedrijf amper belastingen hoefde te betalen. Bedrijven hoeven in Ierland sowieso maar weinig taksen te betalen, maar voor Apple kwam er dan nog eens een speciale deal bovenop. Dat was niet eerlijk, vond de Commissie. Apple moest behandeld worden zoals andere Ierse bedrijven, en moest dus de ontdoken belastingen en de intrest erop terugbetalen aan de Ierse staat.

    Ook België belandde anderhalf jaar geleden in zo’n situatie: een veertigtal bedrijven kreeg hier een speciale belastingregeling, en dat vindt de Commissie niet eerlijk. België kreeg de opdracht om voor 700 miljoen euro ontdoken belastingen terug te vorderen bij onder meer AB InBev, Proximus en Kinepolis.

    Dat zou een mooi cadeau kunnen zijn voor de Ierse of de Belgische schatkist, maar beide landen zijn in beroep gegaan: ze willen dat geld niet terugvorderen. Het lijkt de wereld op zijn kop: Europa verplicht bedrijven om geld te storten aan lidstaten, maar de lidstaten willen de centen niet. Ze zijn vooral bang dat ze minder populair zullen worden bij de grote bedrijven. Deze beroepsprocedures lopen nog, maar de Commissie houdt in elk geval voet bij stuk en blijft eisen dat ontdoken belastingen worden terugbetaald.

    Amerika in het vizier?

    Wie naar het lijstje kijkt van de bedrijven die in de voorbije periode door de Commissie in het vizier werden genomen, kan in elk geval niet zeggen dat Europa de grote spelers ontziet. Integendeel, het gaat vaak om de allerbelangrijkste bedrijven ter wereld die moeten dokken.

    Een kritiek die wel eens gehoord wordt, is dat het de laatste tijd vooral Amerikaanse firma’s zijn die worden aangepakt. Er zijn zeker ook Europese ondernemingen die recent gestraft zijn, maar in de meest spectaculaire gevallen draaide het inderdaad om bedrijven die van aan de andere kant van de oceaan opereren. ‘Protectionisme!’, roepen ze in Amerika.

    Volgens de Commissie is daar niets van aan en wordt elk dossier op dezelfde manier bekeken en behandeld. Het is moeilijk om dat goed te beoordelen. Misschien is de Commissie wel wat partijdig en is ze wat lakser in dossiers met Europese firma’s.

    Maar het is ook best mogelijk dat Amerikaanse bedrijven zich minder aantrekken van de Europese regels omdat ze een cultuur gewoon zijn waarin de overheden minder streng toekijken. Dan zullen ze ook sneller buiten de lijnen kleuren. En ook: in de sectoren die vandaag de meest verbluffende groeicijfers laten optekenen, zijn het nog altijd vaak Amerikanen die de plak zwaaien. Dan is het ook logisch dat zij meest in de gaten worden gehouden.

    VRT Nieuws wil op deredactie.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.