Meest recent

    De Ommegang van Brussel: adellijke nostalgie naar 1549

    Vandaag en overmorgen vindt in Brussel de jaarlijkse Ommegang plaats, een processie waarbij tal van edellieden samen met 1.400 figuranten de Blijde Intrede van Keizer Karel en zijn zoon Filips II van 1549 naspelen. Opmerkelijk: het zijn hun nazaten die in de stoet meelopen.
    Nicolas Maeterlinck

    Echte graven, markiezen, prinsessen en andere leden van de adel die zich verkleden in historische figuren uit de 16e eeuw en vervolgens door de straten van de hoofdstad paraderen: het lijkt vergezocht, maar dat is precies wat straks en overmorgen in Brussel gebeurt met de jaarlijkse Ommegang.

    Hoewel die wortels in de vroege middeleeuwen heeft, bestaat de Ommegang in zijn huidige vorm sinds 1930. Naar aanleiding van de 100e verjaardag van België besloot het stadsbestuur toen een stoet te organiseren als herinnering aan de Blijde Intrede van Keizer Karel (Karel V) en zijn zoon Filips II van 1549. Die gaat sindsdien elk jaar begin juli 2 keer uit.

    Troonsafstand

    "Blijde Intredes waren doodnormaal in de 16e eeuw", vertelt Stijn Bussels aan VRT Nieuws. Hij is doctor in de kunstgeschiedenis en promoveerde aan de UGent met een analyse van de Blijde Intrede van Karel V in Antwerpen van 1549.

    "Rond die tijd had Karel V besloten troonsafstand te doen, wat toen erg uitzonderlijk was. Hij pakte het erg intelligent aan en liet zijn onderdanen over een periode van enkele jaren met zijn zoon en opvolger Filips II kennismaken. Blijde Intredes waren hiervoor het ideale instrument. Het waren een van de weinige gelegenheden waarop de mensen hun vorst konden zien."

    Gezien de immense grootte van zijn rijk kostte het Karel V ettelijke jaren vooraleer hij elke streek had aangedaan. "In 1548 had Filip II al op zijn eentje een Blijde Intrede in de Italiaanse gebieden gedaan. Een jaar later kreeg hij het gezelschap van zijn vader voor een resem Blijde Intredes in de Nederlanden. Samen deden ze tientallen steden aan."

    Erkenning

    Hoewel het showelement van Blijde Intredes sterk was toegenomen naarmate rijken zich centraliseerden, waren het halfweg de 16e eeuw nog steeds belangrijke aangelegenheden. "De Nederlanden bestonden uit tal van hertogdommen en graafschappen waarvan Karel V telkens afzonderlijk het staatshoofd was. Bovendien hadden de steden van oudsher veel macht. Het was voor Karel V cruciaal dat elke afzonderlijke entiteit hem en zijn opvolger erkende."

    Bij een Blijde Intrede was het letterlijk de stad binnenschrijden het belangrijkste gegeven. "Al aan de stadspoorten vonden de eerste ceremonieën plaats en kreeg Karel V de privileges van de stad overhandigd. Daarover was vooraf telkens stevig onderhandeld. Eenmaal in de stad volgden nog ceremonieën met tableaux vivants en veel verwijzingen naar de Romeinse keizers. De dag nadien was voorbehouden voor eedafleggingen, tornooien, eetfestijnen en ook vuurwerk."

    Aan die Blijde Intredes hing telkens een stevig prijskaartje vast. "De Blijde Intrede van Antwerpen kostte liefst 2 keer zoveel als de bouw van het stadhuis tien jaar later."

    Identiteit

    Dat Brussel precies in 1930 met de traditie van de Ommegang aanknoopte, verwondert Bussels niet. "De hele 19e eeuw lang waren Europese natiestaten naar een identiteit op zoek geweest. Daarbij grepen ze vaak terug naar roemrijke periodes uit het verleden. In Brussel deed men dat door de Blijde Intrede uit 1549 op te rakelen."

    Karel V en Filips II waren niet de enige mannen van koninklijken bloede die in 1549 aan de Blijde Intrede deelnamen. In hun zog volgden tal van andere edellieden. Het zijn hun nazaten die sinds 1930 in de huid van hun voorouders uit de 16e eeuw kruipen en in de Ommegang meestappen. Zo vertolkt Olivier markies de Trazegnies zijn verre voorvader Karel V. Enkele jaren geleden zocht de Nederlandse tv-maker Jort Kelder hem en zijn collega's op voor een reportage. Die kan u hier bekijken.