Meest recent

    Xinhua News Agency

    Gelukkige verjaardag Amerika!

    Onze man in Amerika kijkt verwonderd naar het kleine en grote leven in de Verenigde Staten. Gisteren vierde hij samen met de Amerikanen de 4th of July, een dag waarop alle Amerikanen hun zorgen even aan de kant schuiven en genieten van vakantie, familie en vrienden.
    expert
    Björn Soenens
    Amerikacorrespondent van VRT NWS. Hij woont in Brooklyn, New York City. | Voor meer van Björn Soenens, klik hier.

    Aan het raam waar ik dit schrijf, zie ik nog altijd vuurwerk. 4 juli wil maar niet ophouden. Ik ben net terug van een lange calvarietocht op de G-lijn van de metro. Ik denk: zo moet een stuk vee zich voelen op transport naar het slachthuis. Dát gevoel. Zweet, klamme handen, een kont van een ander die je liever niet tegen je aan geschurkt voelt, een verloren arm, verdwaalde tenen en voeten, haar van een ander dat in je nek kriebelt. Toch sta ik zen te zijn in de ondergrondse, want wat ik zonet heb mogen zien, was redelijk verbazingwekkend.

    Naar schatting 3 miljoen mensen uit Manhattan, Brooklyn, Queens en The Bronx hebben langs de East River gekeken naar het grote vuurwerk van Macy’s. Pyrotechnisch spektakelwerk? Bijna kunst. Zo spectaculair heb ik vuurwerk nog nooit gezien, en ik sta toch al een jaar of 49 in dit leven. In Amerika kunnen ze de dingen goed en groots aan pakken, als ze willen. Ik hou daarvan. Op de weg ernaartoe, in de Ubertaxi, zag ik op vele plekken rooftop parties, dakterrasfeestje, met rokende barbecuestellen, en veel blije mensen. Voor het vuurwerk wordt afgestoken, raak ik aan de praat met een journalist van The New York Times Magazine. Kaz is er samen met Ulli, zijn Iraanse vrouw. We knopen een gesprek aan over Europa, over populisme, en over moreel leiderschap en de harde zoektocht ernaar.

    Maar het vuurwerk doet ons de problemen van de wereld even vergeten. Twintig lange minuten is iedereen even één en van de wereld. Alle mensen zijn gewoon blij even naar Disneyachtig vuurwerk te kunnen kijken. Een sprookjeswereld die eventjes écht is. Een mens kan daar zo’n deugd van hebben en daar zoveel plezier uit puren. Achter mij zie ik een jonge vrouw in een rolstoel. Ze heeft downsyndroom, de glimlach op haar gezicht is wonderlijk mooi. Bij het zoveelste sensationele explosieve kleurenspektakel klapt ze enthousiast in de handen. Ik doe mee.

    Amerika is nog lang niet af

    Knal. Knal. Knal. Het vuurwerk wordt afgestoken vanop vijf boten die op de East River liggen, tussen de 24ste en 41ste straat op Manhattan. Het majestueuze vuurspektakel tegen de achtergrond van The Empire State Building en het Chryslergebouw is duizelingwekkend. Het lijkt wel op een choreografisch meesterwerk van grootmeester-danser Sidi Larbi Cherkaoui.

    Het vuurwerk is dit jaar nog groter dan anders. 50.000 stukken vuurwerk zijn er de lucht ingeschoten tussen halftien en tien voor tien vanavond. Een geknetter zoals een bombardement op Beiroet, maar dan zonder doden en gewonden. Zo klinkt het. Een geknetter zonder zorgen. Die gedachte schiet door me heen. Dit is een feest van vrijheid en onafhankelijkheid. Dit geknal is voor één keer niet de soundtrack van oorlog en verderf, zoals op vele andere plekken in de wereld. Zouden al die enthousiastelingen die hier staan te kijken dat beseffen, terwijl ze intussen nog een pintje drinken en een hotdogje eten? Het is soms beter even niet te denken.

    Sommigen denken altijd. Want hoe feestelijk de vierde juli ook is voor een deel van Amerika, dat geldt niet voor elk en iedereen. Ik zag vanmiddag Kalysse, een zwarte jongeman die kiezers probeert te registreren voor de Democratische Partij, voor de lokale verkiezingen van september en november. “Not my Independence day”, zegt hij een beetje triest, verwijzend naar de blijvende strijd van Afro-Amerikanen in de VS voor meer burgerrechten. ‘All men are created equal’, staat er trots geschreven in de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring. Welnu, sommige Amerikanen zijn nog altijd meer of minder gelijk dan anderen. Amerika is nog lang niet af, zegt Kalysse.

    Gewijde stilte

    De vierde juli begon vanmorgen met bijna gewijde stilte. Om een uur of negen was er amper een auto op straat. Op mijn straathoek is het anders rond die tijd al een reuzendrukte, met vracht- en bestelwagens, koerierdiensten, pendelaars aan het metrostation, gele taxi’s en groene taxi’s, en Uber- en Lyftchauffeurs. Vanochtend was het nog rustiger dan op een zondag. Op zondag zie ik de zwarte kerkgangers chic uitgedost de dag des Heren vieren.

    Vandaag was het dus ook feest. Independence day. 4th of July. Vakantietijd. Familietijd. Vriendentijd voor alle Amerikanen. Veel van mijn naaste buren zijn dit weekend al vertrokken naar het platteland, of naar familie en vrienden in New Hampshire en Maine. Voor een trektocht, of gewoon een tuinfeest bij vader en moeder thuis. Alleen de deli op de hoek blijft mij trouw: altijd open, 7 dagen op 7, 24 uur op 24.

    Hulde aan een échte Amerikaanse held

    De vierde juli wordt op sommige plekken al een dag of tien eerder gevierd. Zo kwam ik op zaterdag 24 juni als bij toeval op een 4 juli-parade terecht. Het was in Carroll Gardens, een leuk buurtje aan de westkant van Brooklyn. Het was een optocht met een bijzonder doel.

    De 112de Independence Parade van Brooklyn bracht hulde aan een dit jaar overleden politie-inspecteur uit de wijk, Steven McDonald. De man haalde ooit het nationale nieuws toen hij een 15-jarige jongen vergiffenis schonk. De puber had hem even daarvoor drie kogels door zijn lijf had gejaagd, toen hij op patrouille was in Central Park. Dat was in de zomer van 1986. Steven McDonald was pas 24 toen en hij moest verder in een rolstoel, verlamd vanaf zijn middenrif. De politieman werd beschouwd als een échte Amerikaanse held. Hij overleed eerder dit jaar aan een hartaanval. Hij was pas 59.

    Zijn familie liep voorop in de parade. In de optocht zag ik prachtige Amerikaanse vintage cars: oude Amerikaanse bakken uit de jaren 50 van de vorige eeuw. Ik zag Amerikaanse vlaggen wapperen, en mannen in oude kostuums uit de tijd van de Amerikaanse Revolutie. In hun portiekjes, of op trapjes van hun huizen zaten oude Amerikanen toe te kijken, zwaaiend met de stars-and-stripes, de dertien strepen en de vijftig sterren op de Amerikaanse vlag. Ik zag ook bikers meestappen. Ruwe kerels met lange haren in een paardenstaart, stoere helmen en dikke witte baarden. Natuurlijk op hun Harley Davidson met het typische brommende knalgeluid. Patriot Guard Riders.

    Doedelzakken zijn er ook, en popcorn, en hamburgers, en hotdogs. This is America. Door de luidsprekers langs de weg schalt het Amerikaanse volkslied, de Star Spangled Banner. Een krachtig national anthem, maar o zo moeilijk om te zingen. Je moet bijna een operazanger zijn om de noten niet vals te zingen. Je moet je longen volledig met lucht vullen om de woorden uit je stembanden te krijgen. Vier lange strofen zijn er, maar de meeste meezingers stoppen al na het eerste couplet: “O’er the land of the free and the home of the brave…” Dit is de viering van de geboorte van Amerika, 241 jaar geleden.

    Born to be wild and free

    Het is 4 juli 2017. Ik trek met mijn vrouw naar het grootste park van mijn buurt. In omvang moet het niet onderdoen voor Central Park in Manhattan. Prospect Park wordt omzoomd door de Brooklyn Bibliotheek, het Brooklyn Museum, en de sprookjesachtige Botanische Tuin (met een van de grootste rozencollecties ter wereld!). In Prospect Park hangt een zeer relaxte sfeer. Het is er chill. Geen vlaggetjes, wel watermeloenen, veel worstjes, ribbetjes en hotdogs (zelfs de veggie-versie). Overal zie je rokende barbecuevuurtjes. Er is zelfgemaakte ice tea, veel koude biertjes in ijsgekoelde emmers. Independence Day lijkt wel Frigobox Day. Het is schitterend zomerweer. 27 graden, de zon brandt lekker.

    Niemand die praat over de crisis in Noord-Korea, het gevaar van Kim Jong-un, of de laatste tweet van Donald Trump. Ik zie jongens heen en weer frisbeeën. Ik zie twee bijna identieke zusjes van een jaar of 14. Ze dragen een T-shirt met een boodschap die doet denken aan de begindagen van de Amerikaanse Republiek: born to be wild and free. Op een dag als vandaag mag dat.

    In het park zitten mensen die hun eerste afspraakje hebben geregeld via de Tinderapp, de moderne manier. Een goede kameraad raakte onlangs zijn vriendin kwijt. Hij woont in New York, zij in Nederland. Moeilijk. Hij is na veel vijven en zessen weer op datingpad, hij heeft de moed teruggevonden om weer naar de ware te zoeken. Net voor de 4th of July heeft hij mogelijk een nieuwe vlam gevonden. Een vrouw met gemengd bloed, zoals dat alleen in New York kan: een Egyptische moeder, een Litouwse vader. Fantastisch toch? De kameraad bekende: ik heb die eerste nacht niet thuis geslapen. In deze stad wordt liefde geboren, met of zonder 4e juli.

    Ik voel me in het park – likkend aan mijn donker chocolade-ijsje - als te midden van de beroemde toespraak van Martin Luther King aan het Lincoln Memorial in Washington in 1963. Ik ben omsingeld en opgeslorpt door de wereld in het klein. Ik zie zwart en wit, geel en bruin. Ik zie halfbloeden en volbloeden, ik zie een blije mix van mensen. Ik zie mensen met een dag vrijaf gewone menselijke dingen doen. Respectvol, elkeen evenwaardig. All men are created equal… zoals in de geest van Independence Day.

    Trump is altijd aanwezig, ook al is hij er niet

    Ik kom een transeksuele jongere tegen, die me vertelt dat hij/zij het allemaal niet zo goed weet. Zou dat erg zijn? Weten wij het allemaal overigens wel zo goed? Hij/zij is een non binary trans. Hij wil niet of een vrouw of een man zijn, hij/zij kan niet kiezen. Hij had het liefste twee keer geboren willen zijn, een keer als vrouw, een keer als man. Om zijn vrouwelijke kant te benadrukken draagt hij/zij een witte lotusbloem in zijn/haar haar.

    Jax vindt 4 juli maar niets: “Ik ben niet zo’n patriot eigenlijk. Partying and getting drunk, that’s it, really…” Maar het gebrek aan moraliteit in de hedendaagse politiek, en van de nieuwe president, daar heeft Jax wél een probleem mee. "Donald Trump is overal aanwezig, op de vierde juli, en daarbuiten, ook al is hij er niet. Hij beheerst mijn leven." En laten we eerlijk zijn, daarom ben ik ook hier, als correspondent. Als Trumpwatcher.

    “I do not despair at this country” (Frederick Douglass)

    Er zijn wel meer mensen in New York die worstelen met hun president. Eerlijk? Sommigen schamen zich zelfs ronduit over zijn soms vulgaire gedrag, over zijn schrijnende onwetendheid over beleidskwesties (‘Ik wist niet dat de ziekteverzekering zo complex was…’) Ik hoor in mijn buurt luidop vragen stellen over de mentale gezondheid van de 45ste president.

    David Remnick, hoofdredacteur van The New Yorker schrijft deze week in zijn blad: “Everyday, Trump wakes up and erodes the dignity of the Presidency a bit more…”

    De optimisten die ik tegenkom, zeggen: Donald Trump is niet voor altijd. Het lijkt alleen maar zo.

    lees ook