Meest recent

    Turkse mars voor rechtvaardigheid komt aan, maar maakt ze ook verschil? - Inge Vrancken

    Vandaag komt de "mars voor rechtvaardigheid" aan in Istanbul. Duizenden demonstranten vertrokken half juni onder leiding van Kemal Kiliçdaroglu in Ankara. Ze klagen de aanpak van president Erdogan aan, na de poging tot staatsgreep van bijna één jaar geleden. "Onze justitie is gestolen, die willen we terug", klinkt de éénduidige boodschap op de mars. De mars is nooit gezien, maar zal ze uiteindelijk ook een verschil maken?
    analyse
    Analyse
    AFP or licensors

    Inge Vrancken is hoofdredacteur bij VRT NWS en gespecialiseerd in het Midden-Oosten en Turkije.

    Tienduizenden demonstranten trekken dwars door Turkije, mensenrechtenactivisten worden gearresteerd, EU- parlementsleden willen de onderhandelingen over lidmaatschap van Turkije onmiddellijk stoppen. De berichten uit en over Turkije van deze week halen het nieuws nog wel, maar zijn geen headlines meer. We hebben de voorbije jaren al zoveel gezien.

    Over een week zijn we één jaar na de poging tot staatsgreep. Duizenden mensen zitten in de cel, een tienvoud is ontslagen of op non-actief gezet. De president heeft via een referendum zijn macht nog uitgebreid en zegt dat hij de doodstraf opnieuw zal invoeren.

    Met hun mars willen duizenden demonstranten strijden voor rechtvaardigheid en democratie.
     

    Staatsgeheimen en spionage

    Ze waren vorige week nog met 20.000. Nu ze Istanbul naderen, zouden ze al met 50.000 zijn. Het is een nooit gezien initiatief. Midden juni vertrok de leider van de seculiere republikeinse partij CHP op protestmars in Ankara, 450 kilometer lang naar Istanbul. Aanleiding voor Kemal Kiliçdaroglu was de veroordeling van een CHP-parlementslid (en voormalig journalist van Hurriyet, de grootste Turkse krant) tot 25 jaar gevangenis voor spionage. Die man zou de bron zijn van beelden die veel ophef gemaakt hebben. Op de beelden zie je vrachtwagens van de Turkse inlichtingendiensten die wapens zouden leveren aan Syrische rebellen. De rechtbank oordeelde dat de man “staatsgeheimen had onthuld” en dus “gespioneerd” had. Een Turkse opiniemaker repliceerde: “In de vrije wereld zouden mensen vermoedelijk gewoon zeggen dat hij aan journalistiek deed”. Die veroordeling deed Kemal Kiliçdaroglu in actie schieten.

    Grijze muis Kiliçdaroglu

    Kiliçdaroglu is al jarenlang de leider van de grootste oppositiepartij CHP. Na elke verkiezingsuitslag – de partij belandde alweer in de oppositie - kreeg de man kritiek op zijn onvermogen om doeltreffend oppositie te voeren tegen de regeringspartij. Ook toen andere oppositiestemmen in het voorbije jaar werden aangepakt, reageerde hij niet. De leiders van de pro-Koerdische HDP vlogen maanden geleden al in de cel. Toen reageerde CHP niet. Tot het eigen parlementslid een gevangenisstraf van 25 jaar kreeg. Dat veranderde de zaken.

    Toch worden die kritische klanken overstemd door geluiden van respect uit diverse hoek. De CHP is opgericht door Mustafa Kemal Atatürk, de oprichter van het moderne Turkije, en heeft altijd de nadruk gelegd op het seculiere voor Turkije. Nu lijkt de partij een nieuwe focus te kiezen: rechtvaardigheid of in het Turks: Adalet. En dat slaat aan.

    Leider Kiliçdaroglu, de grijze muis van altijd, krijgt opeens applaus uit diverse hoek: van z’n eigen achterban, van mensen van de pro-Koerdische HDP en zelfs van ontgoochelde AKP-kiezers. 68 is de man en onder een blakende zon stapt hij die 450 kilometer. Elke dag zowat 15 à 20 kilometer.

    Dat hij er in slaagt om die verschillende stemmen nu samen een éénduidige boodschap van “gerechtigheid” te laten roepen, dwingt bij velen respect af.

    “Adalet”

    In die kleurrijke mars dragen velen een T-shirt met “Adalet” erop. Bij sommigen staat er een afbeelding naast. Meestal van iemand die in de gevangenis zit, of ontslagen is, of op non-actief gezet is. Vanwege vermeende betrokkenheid bij de poging tot staatsgreep van vorige zomer, wegens vermeende linken met de Gülenbeweging die verantwoordelijk wordt gehouden door de overheid voor de couppoging. Een historische dag die de president de noodtoestand deed uitroepen.

    50.000 mensen zitten in de gevangenis en zowat 150.000 zijn ontslagen of op non-actief gezet. Oppositiestemmen worden monddood gemaakt of geïntimideerd. Journalisten worden opgepakt, politici dus ook. Leerkrachten en academici worden ontslagen of weggestuurd. Onderwijsinstellingen sluiten.

    De voorbije week werd ook de directeur van Amnesty Internationaal Turkije opgepakt, samen met zeven anderen. De demonstranten van deze mars zijn dat soort praktijken beu. Ze vrezen dat Turkije afglijdt naar een autoritaire staat. “Onze justitie is verdwenen” klinkt het alom in de mars.

    En nu?

    Vraag is alleen wat het allemaal zal opleveren? Zal deze mars de justitie en de democratie redden zoals ze zich voor ogen hebben? Want een duidelijk plan, een heldere doelstelling ligt niet op de oppositietafel. Alweer niet.

    Daartegenover staat een grote groep mensen die president Erdogan en zijn AK Partij steunen. Mensen die in hem een krachtig figuur zien die Turkije kan redden van chaos en instabiliteit, van de ‘dreigingen van buitenlandse krachten’. Daarom is de vraag in de komende uren vooral of de president tot op het einde van de mars zal laten betijen. Hij heeft kritiek geuit op de mars. Hij beschuldigt de deelnemers ervan deloyaal te zijn, een spreekbuis van ‘de verraders’ en het rechtssysteem te misbruiken. Maar ingrijpen heeft hij tot nog toe niet gedaan.

    Escalatie of boost?

    De mensen die hier protesteren, komen niet op voor de Gülenbeweging, ze zeggen niet dat alle tegenstanders van Erdogan juist zijn. De situatie in Turkije is immers niet zwart-wit. Deze mensen protesteren tegen hoé hun president reageert op de couppoging en op oppositiestemmen. Deze mensen willen een ander antwoord op mogelijk reële problemen en bedreigingen voor Turkije. Dàt de mars er is, dat tienduizenden zich niet laten tegenhouden door angst voor een eventueel ingrijpen van politie of leger, dàt is nieuw. Ziet de president het meeste heil in laten betijen of in ingrijpen? De impact van elke beslissing zou wel eens immens kunnen zijn. Ingrijpen kan de woede en frustratie doen escaleren. Niet ingrijpen kan de moed om die oppositiestem te laten horen een flinke boost geven. Saai zal het nooit zijn in Turkije.