Meest recent

    Ik ben Yari en een pleegkind, zoals Frida uit de film - Yari Van Kaer

    Yari Van Kaer, zelf een pleegzoon, keek al naar de film "Summer 1993" die vandaag in de zalen komt. Over Frida, ook een pleegkind (foto). De film toont de mooie én de moeilijke momenten van een pleegzorgverhaal. Het rukt bij Yari oude wonden open maar roept ook liefdevolle herinneringen op.
    opinie
    Opinie

    Vandaag verschijnt de film Summer 1993 in de zalen. De film vertelt het verhaal van de zesjarige Frida die na het overlijden van haar ouders opgenomen wordt in een pleeggezin. En die blijken erg herkenbaar voor pleegzoon Yari Van Kaer.

    Ik weet maar al te goed wat pleegzorg met een mens kan doen. Ik ben 21 jaar, en ik woon al 21 jaar bij mijn tante en mijn nonkel. Al zijn zij voor mij, echt waar, mijn ouders.

    Mijn verhaal begon in 1995, mijn geboortejaar.

    Mijn biologische ouders waren op dat moment al geen koppel meer. Ze hadden al drie kinderen en mentaal konden ze de zorg voor een nieuwe baby er toen niet bij hebben. Daarom werden mijn tante en nonkel mijn officiële pleegouders toen ik slechts drie weken oud was. Ook zij hadden al vier eigen kinderen, maar ik was er meteen welkom. Hier zie je me, zes jaar oud.

    Summer 1993 vertelt het verhaal van de zesjarige Frida. Frida woont in Barcelona bij haar moeder, maar wanneer die sterft moet het meisje noodgedwongen verhuizen.

    Eerste gelijkenis: ook zij komt terecht bij haar nonkel en tante.

    Op het Catalaanse platteland moet ze niet alleen leren leven met haar nieuwe ouders, ze krijgt er plots ook nog een zusje bij. En dat verloopt niet zonder slag of stoot. Frida voelt zich niet helemaal thuis in de nieuwe omgeving en raakt er stilaan van overtuigd dat weglopen de beste oplossing is. Voor haar nonkel en tante is het evenmin simpel: ook zij moeten leren leven met een nieuwe, onstabiele factor.

    Die nieuwe gezinssituatie gaat gepaard met heel wat stemmingswisselingen. En dat is zo ontzettend herkenbaar voor mij. Want of je biologische ouders nu nog leven (zoals bij mij) of niet (zoals bij Frida): je komt terecht in een vervanggezin.

    En dat brengt zo veel vragen mee. Wat voor mensen zijn/waren mijn biologische ouders? Waar wonen/woonden ze? Wat zijn/waren hun namen? Hoe oud zijn/waren ze? En in mijn geval vooral die ene vraag: waarom hebben ze mij afgestaan? Je draagt altijd wat extra bagage mee en blijft nood hebben aan antwoorden.

    Mijn pleegmama legde het me als kind heel mooi uit. Ze vertelde mij dat ieder pleegkind een rugzakje bij zich heeft. De ene rugzak is al wat groter dan de andere, maar alle pleegkinderen hebben er sowieso eentje. En af en toe doet het pleegkind dat rugzakje eens open om er iets uit te halen. Dat kan een vraag zijn, of een situatie, of een gevoel. Maar evengoed een herinnering.

    Dan is het als pleeggezin belangrijk om daar juist en eerlijk mee om te gaan. Praat erover. Geef antwoorden. Vertel dingen. Ik heb mijn rugzakje vaak opengedaan. En op heel wat vragen heb ik van mijn pleegouders een antwoord gekregen.

    Ik herinner me nog dat we op een bepaald moment naar het huis van mijn biologische moeder zijn gereden. En gewoon het feit dat ik zag dat ze een dak boven haar hoofd had, stelde me al gerust. Ik ben mijn pleegouders nog altijd dankbaar voor hun openheid ten opzichte van dat soort dingen.

    Summer 1993 is een film van weinig woorden. Het is een film die vooral inzet op het gevoel. Ik was echt onder de indruk van het acteerwerk van Laia Artigas, het meisje dat Frida speelt.

    Zoals zoveel kinderen zegt ook zij niet meer dan het nodige.

    Maar ze vertelt met haar ogen hoe ze zich voelt. En haar nonkel en tante leren dat gevoel lezen. Mijn nonkel en tante zijn daar ondertussen kampioen in geworden. Ik was hun eerste pleegkind, maar na mij hebben ze zich nog ontfermd over een dertigtal andere kinderen. Momenteel vangen ze zelfs tien pleegkinderen op.

    Voor mij persoonlijk was vooral het middelbaar een vrij moeilijke periode. Ik was wel gelukkig, maar toch. Af en toe ging alles net iets minder. Als puber bleef er een gevoel aan mij kleven dat ik niet kon benoemen, niet kon plaatsen. Maar ik heb daarmee leren omgaan. Nee, ik heb dat niet zelf geleerd: ik heb het geleerd van mijn omgeving.

    Door gewoon bij mijn pleeggezin te zijn, mijn geweldige klas en mijn heerlijk lief. Ook zij hebben mij leren lezen met hun ogen. Vooral op moeilijke momenten. Ieder jaar wanneer ik naar de jeugdrechtbank moest in verband met pleegzorg, bijvoorbeeld. In die periodes voelde ik me altijd vrij slecht. En mijn klas voelde dat aan en hield daar rekening altijd mee. Ze waren er voor mij. Ook al waren er soms gewoon geen woorden om het juiste te zeggen.

    Summer 1993 is een heel eerlijke film die ook de harde realiteit toont. Buitenstaanders die zich willen moeien, het pleeggezin dat niet weet hoe het daarop moet reageren, Frida die haar verleden amper kent en zich op een bepaald moment schuldig voelt over haar eigen gevoelens.

    Zij voelt zich vooral schuldig over het feit dat ze op een bepaald moment gelukkig is, ook al is haar moeder gestorven.

    Ik had zo'n schuldgevoel wanneer ik dacht aan mijn biologische broer en zussen: zij zaten wel nog bij mijn moeder. Ik voelde me soms schuldig wanneer ik eraan dacht dat zij misschien een minder goede opvoeding kregen dan ikzelf.

    Is Summer 1993 een film die alle records zal breken? Misschien niet. Maar het is wel een film die op een bijzonder mooie manier een zeer delicaat onderwerp aansnijdt. Ik kan het belang van Pleegzorg niet genoeg onderstrepen.

    En één tip: stel je gewoon zelf kandidaat als pleegouder. Want op die manier haal je het schoonste geschenk ter wereld in je huis: een leven. Een leven dat het verdient om warm te leven.

    Ze hebben me grootgebracht.