Meest recent

    Omzendbrief Schauvliege over bouwgrond botst op felle kritiek

    De Confederatie Bouw heeft kritiek op een nieuwe omzendbrief van Vlaams minister van Omgeving Joke Schauvliege (CD&V), die Vlaanderen opdeelt in "bebouwde" en "onbebouwde" gebieden. Dat schrijven de Mediahuis-kranten. Volgens de vereniging veroorzaakt de brief heel wat onzekerheid bij eigenaars van bouwgronden en mist hij een juridische basis. Minister Schauvliege ontkent.

    De nieuwe omzendbrief van Schauvliege is gericht aan de verschillende zogenoemde "vergunningverlenende" overheden in Vlaanderen, onder meer de ambtenaren van het Vlaams Gewest, de provincies en gemeentebesturen, die bijvoorbeeld bouwaanvragen behandelen.  

    "In de brief wordt Vlaanderen opgedeeld in bebouwde en onbebouwde gebieden en daar worden rechtsgevolgen aan gekoppeld", zegt Marc Dillen van de Confederatie Bouw. "Alle gebieden die buiten de stedelijke kernen vallen, buiten de woonkernen en -concentraties, dat is onbebouwd gebied, ongeacht het nu om woongebied of woonuitbreidingsgebied gaat."  

    En dat onderscheid heeft zware gevolgen voor de eigenaars van bouwgronden in het zogenoemde onbebouwd gebied, aldus de Confederatie. "Heel wat eigenaars die daar een bouwgrond hebben moeten eerst een woonbehoeftestudie laten uitvoeren voor ze kans maken op een vergunning", legt Dillen uit. "En dat leidt tot onzekerheid maar ook tot extra kosten." 

    "Bovendien zijn de twee termen waarvan sprake, nieuwe begrippen die niet in de wet staan, wij twijfelen dus aan de wettelijkheid van de bepalingen in de omzendbrief", besluit de Confederatie Bouw. 

    Minister Schauvliege stelt iedereen gerust

    De eigenaars van bouwgrond moeten zich geen zorgen maken, zegt minister Schauvliege. Ze kunnen op hun grond blijven bouwen, ook al ligt die in onbebouwd gebied. "Het gaat niet om bouwgrond die plots niet meer bebouwbaar zou zijn of waar nieuwe voorwaarden aan gekoppeld zijn." De omzendbrief zegt niets over onbebouwde percelen die plots niet meer bebouwbaar zouden zijn, aldus nog de minister.