Meest recent

    Belga

    Lang leve de verkiezingen!

    Stilaan komen de gemeenteraadsverkiezingen in zicht. Dat wil zeggen dat ze aan de einder opdoemen, al zal het nog een vol jaar duren voordat wij ons naar de stembus mogen begeven. Maar de ervaring leert ons dat de campagne voor de verkiezingen een jaar eerder van start gaat en de politieke actualiteit begint te domineren. Dat is ook de reden waarom premier Michel absoluut voor het najaar een Zomerakkoord wou bereiken binnen zijn federale regering. Vanaf nu wordt het bereiken van akkoorden een stuk moeilijker.

    expert
    Ivan De Vadder
    Ivan De Vadder is Wetstraatwatcher voor VRT NWS. Hij maakt en presenteert ook het programma "De afspraak op vrijdag".

    Moeilijke graadmeter

    Traditioneel springen gemeenteraadsverkiezingen uit de band. Het is moeilijk een politiek kompas te richten op de uitslag ervan. Dat heeft te maken met het feit dat de politieke partijen op veel plaatsen in een andere gedaante optreden: ze vormen samen een kartel, waardoor de score van de afzonderlijke partijen nauwelijks te berekenen valt, of politici van klassieke partijen komen er op met een lokale lijst, meestal de lijst van de burgemeester.

    Bovendien speelt het lokale niveau een belangrijke rol. Burgemeesters zijn - los van hun ideologie - in de eerste plaats burgervader. Ze worden - samen met hun gemeentebestuur - ook vooral op die rol beoordeeld. Vandaar dat je gemeenteraadsverkiezingen moeilijk kan gebruiken als een graadmeter voor de positie van de politieke partijen. 

    Ondanks het feit dat het resultaat van de gemeenteraadsverkiezingen moeilijk als graadmeter kan dienen, overstijgen ze toch het lokale niveau. Alle partijen hebben bovenlokale doelstellingen.

    (lees voort onder de foto)

    Belga

    De CD&V wil vooral proberen niet in te boeten op zijn talrijke burgemeesters. De christendemocraten staan nog altijd vrij sterk in het landelijke Vlaanderen, en die uitgangspositie wil de partij vrijwaren. De recente vrijwillige fusies tussen gemeenten in Vlaanderen vertrekken van dezelfde motivering. Het is opvallend dat het telkens om fusies gaat van gemeenten met een CD&V-burgemeester. 

    Ook Open VLD zal proberen zijn sterkhouders te behouden. Burgemeesters als Bart Somers in Mechelen en Vincent van Quickenborne in Kortrijk moeten aantonen dat het liberalisme ook op lokaal niveau een bruikbare ideologie is. Ook in de Vlaamse Ardennen wordt dat lokale liberalisme nog altijd in de praktijk gebracht. 

    (lees voort onder de foto)

    Belga

    Centrumsteden

    De linkse partijen in de oppositie hebben hun lot aan elkaar verbonden. De SP.A wil zoveel mogelijk centrumsteden ‘redden’. In Hasselt zijn de socialisten hun sjerp al kwijt; maar Gent, Leuven, Oostende en Brugge behouden vormt de uitdaging. En dan is er Antwerpen. Daar wil de SP.A in een samenwerking met Groen de aanval inzetten op de N-VA van Bart De Wever.

    Ook Groen zet in op de centrumsteden. De partij haalt daar sinds enkele jaren haar hoogste scores. Vandaar dat de twee linkse partijen elkaar vinden in de strijd om de centrumsteden. Maar de verhoudingen tussen Groen en de SP.A liggen nog niet vast. Ook dat zal de inzet worden van de gemeenteraads­verkiezingen.

    (lees voort onder de foto)

    Voor de N-VA staat of valt alles met Antwerpen

    Belga

    Voor de N-VA ten slotte staat of valt alles met Antwerpen. Stel je maar eens voor dat Bart De Wever in Antwerpen niet opnieuw burgemeester wordt, omdat een kartel van Groen en SP.A in zee kan gaan met de CD&V. Het zou de positie van Bart De Wever drastisch kunnen veranderen. De partij zet dus alles op alles om Antwerpen te behouden, maar zou tegenover zich wel eens dat blok van Groen en SP.A kunnen krijgen, eventueel aangevuld door de CD&V van Kris Peeters, die op die manier de kingmaker van Antwerpen kan worden.

    In dat scenario ziet ook Vlaams Belang nog een rol voor zichzelf weggelegd. De partij droomt er al jaren van om mee te besturen, zeker in Antwerpen. De strijd van één tegen allen waarin Bart De Wever en de N-VA dreigen terecht te komen, zou het Vlaams Belang goed uitkomen. Het kan dan zijn deel van het electoraat aanbieden om de N-VA te versterken. Een vervelend dilemma voor de N-VA…

    Wie de gemeenteraadsverkiezingen verliest, start met een handicap aan de campagne voor de volgende verkiezingen

    Een cascade van verkiezingen

    De gemeenteraadsverkiezingen van 2018 kondigen ook een cascade van verkiezingen aan. Nauwelijks enkele maanden later vinden er Vlaamse (of deelstaatverkiezingen) plaats, federale én Europese verkiezingen. De stelling is duidelijk: wie de gemeenteraadsverkiezingen verliest, start met een handicap aan de campagne voor die verkiezingen. Door de nabijheid van de twee verkiezingsdata krijgen de gemeenteraadsverkiezingen er dus een nationale dimensie bij. Ze vormen de aanloop naar alle andere verkiezingen die ze zeker zullen beïnvloeden. 

    Maar ook de schandalen bij de Waalse intercommunale Publifin en de Brusselse daklozenvereniging Samusocial zouden het resultaat van de gemeenteraadsverkiezingen kunnen beïnvloeden. Dat zijn ‘lokale’ dossiers in Luik en Brussel, en dat zou de uitslag in die steden kunnen bepalen. Maar ook de Vlaamse kiezer heeft genoeg van die schandalen opgepikt om zijn ‘lessen te trekken’.

    Tenslotte heeft Publifin via Publipart in Gent een uitloper gekregen met het ontslag van SP.A-schepen Tom Balthazar. En van de vermeende cumul van Kamervoorzitter Siegfried Bracke hebben de  oppositiepartijen in het federale parlement dankbaar gebruik gemaakt om het functioneren van politieke mandatarissen opnieuw in vraag te stellen.

    (lees voort onder de foto)

    Wekenlang hebben discussies over de decumul, lagere lonen en intercommunales het politieke leven beheerst. Kleinere incidenten zoals de cumul van de Ukkelse OCMW-voorzitter Jean-Luc Vanraes, of nog de buitenlandse reisvergoedingen van de Oost-Vlaamse député Geert Versnick bleven het vuur aanwakkeren. In het parlement discussieerde een werkgroep over talrijke maatregelen.

    Het resultaat is uiteindelijk een lager loon voor de Kamervoorzitter en een loonplafond voor de ‘speciale’ functies in het parlement, zoals ondervoorzitter. Ook partijen reageren op de affaires: de SP.A legt een loonplafond op aan zijn mandatarissen, de PS een financiële decumul. Andere partijen veranderen voorlopig weinig aan hun statuten.

    Peilingen meten in Vlaanderen een bevroren landschap

    De kiezer

    Hoe zal de kiezer reageren op die maatregelen? Zijn die voldoende om het vertrouwen in de politiek weer op te krikken? Of laat de kiezer zijn keuze door de affaires beïnvloeden? 

    In Vlaanderen is het koffiedik kijken, omdat het politieke landschap er in de peilingen al jaren ‘bevroren’ is. Het was in mei 2010, enkele weken voor de federale verkiezingen van 2010, dat de N-VA voor het eerst de grootste Vlaamse partij werd in de peilingen van VRT/DS. De partij scoorde toen meer dan 25%, om vervolgens in latere peilingen door te schieten naar scores boven de 35%. Voortaan waren de klassieke politieke partijen veroordeeld tot scores onder de 20%, waarbij de CD&V af en toe nog met de bovengrens kon flirten, en de Open VLD geregeld de ondergrens zag verschijnen. Groen én Vlaams Belang zitten steevast nog een stuk lager.

    Dát politieke landschap is sinds 2010 een vertrouwd beeld in Vlaanderen, en voorlopig lijkt daar weinig verandering in te komen. De peilingen meten in Vlaanderen dus een bevroren landschap; in Franstalig België zien ze een omwenteling komen: de PTB die erg populair kan worden ten koste vooral van de PS. En dat zou een politieke (r)evolutie kunnen betekenen.

    (lees voort onder de foto)

    In Franstalig België zien ze een omwenteling komen

    De Waalse kiezer verdient beter

    Of liever de kiezer in Franstalig België verdient beter. Het is een politiek onderscheid dat een Vlaming niet altijd weet te maken. In de Vlaamse politiek is het onderscheid tussen het Vlaams Gewest en de Vlaamse Gemeenschap volledig verdwenen. Weinig Vlamingen weten dat één Vlaamse minister verplicht uit Brussel moet komen, en dat die alleen bevoegd kan zijn voor gemeenschapsmateries, zoals Onderwijs of Jeugd en Cultuur. 

    In Franstalig België bestaat er nog een duidelijk onderscheid tussen het Waals Gewest en de Franse Gemeenschap (die zichzelf herdoopte tot Fédération Wallonie-Bruxelles). Er zijn dan ook twee parlementen, al wordt het parlement van de gemeenschap bevolkt door parlementsleden uit het Waalse parlement én Franstalige leden van het Brusselse parlement. De Franse gemeenschapsregering heeft wél een aparte regering,  mét afzonderlijke ministers (al zitten er soms dubbelmandaten bij).

    Dat betekent dat een inwoner van het Franstalige landsgedeelte, als het gaat over Landbouw of Openbare werken bijvoorbeeld, voortaan te maken krijgt met een beleid uitgestippeld door de MR en de CDH; terwijl diezelfde inwoner, wanneer het gaat om Onderwijs nog altijd te maken krijgt met een beleid van de PS en de CDH. Het betekent ook dat parlementsleden die de ene dag –tijdens de zittingen van het Waalse parlement- tot de meerderheid behoren; de volgende dag, bij een zitting van het parlement van de Franse gemeenschap, tot de oppositie kunnen behoren.

    (R)evolutie

    De vraag is nu hoe de inwoners van het Franstalige landsgedeelte op deze politieke chaos zullen reageren. Kiezen ze –door de affaires en de politieke chaos- inderdaad voor de PTB-PVDA, zoals de peilingen aangeven? Met die (r)evolutie als gevolg.

    Of blijven ze hun traditionele partijen –vooral de PS dan- steunen, ondanks alles? Voorlopig lijkt de kans op een (r)evolutie erg gering. De PTB heeft namelijk beslist om bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2018 in een beperkt aantal gemeenten op te komen. Het zal  wachten zijn op de verkiezingen van 2019…