Meest recent

    Medea

    Medea: metaaldetectoren halen lang vergeten schatten uit de grond

    Het Medea-project, een online platform waarop vondsten gepubliceerd worden van amateurarcheologen die met een metaaldetector het Vlaamse land afschuimen, heeft een half jaar na zijn lancering al opmerkelijke vondsten opgeleverd. Zo werd in de West-Vlaamse polders riem- en paardenbeslag gevonden dat gedragen werd door de eerste strijdkrachten van de eerste graven van Vlaanderen.

    Verspreid over heel Vlaanderen zijn er in de afgelopen maanden meer dan driehonderd vondstmeldingen gedaan op Vondsten.be, de portal van het Medea-project: van metalen bijlen uit de bronstijd en juwelen uit de ijzertijd over Romeinse en middeleeuwse munten en sieraden tot relicten uit de beide wereldoorlogen. De vindplaatsen zijn verspreid over heel Vlaanderen.

    Volgens onderzoeker Pieterjan Deckers en professor Middeleeuwse Archeologie Dries Tys, beiden verbonden aan de VUB, is dat nog maar het topje van de ijsberg. "Er zitten nog veel onbekende schatten in privéverzamelingen", weet Deckers.  Momenteel loopt in het Provinciedomein Raversijde de expo "Een vergeten tijd gedetecteerd. Metaalvondsten uit de Vlaamse kuststreek, 600-1100 na Chr.". Daaraan werkten meer dan tien detectoristen mee. In de collectie zitten zeldzame stukken, onder andere onderdelen van de wapenuitrusting van de ridders die in dienst reden van de graven van Vlaanderen.

    Het belang van metaaldetectie

    "De vondsten in Kust-Vlaanderen zijn enkel bekend dankzij metaaldetectie", zegt Deckers, die daarmee het belang van metaaldetectie benadrukt. "Ze lijken typisch voor het kustgebied, komen er vrij frequent voor, maar zijn daarbuiten zo goed als afwezig. Ze wijzen op het verschijnen van een elite te paard in de tiende en elfde eeuw. Die had geen erg hoge status en was niet noodzakelijk van adel, maar wel rijk genoeg om een paard te onderhouden. Wellicht zijn het enerzijds ondergeschikten van de graaf, die als domeinbeheerders en ridders aan hem verbonden waren, anderzijds rijkere vrije boeren die militaire dienst verschuldigd waren aan de machthebbers."

    De stijl van de objecten is Anglo-Scandinavisch en past niet meer in de Karolingische traditie. De Karolingers hadden enkele eeuwen de plak gezwaaid over onze streken. De ruiters spiegelden zich eerder aan de militaire look van het machtige Anglo-Deense koninkrijk. Stilistisch zijn ze nauw verwant met andere objecten uit het zuidelijke Noordzeegebied, dat in de vroege 11e eeuw gedomineerd werd door het Anglo-Deense koninkrijk, verenigd onder Knut de Grote. Die grootmacht was volgens Deckers het stijlvoorbeeld voor de steeds meer zelfbewuste bewoners van het Vlaamse graafschap in die periode. Mogelijk is dit ook van politieke betekenis, bijvoorbeeld als een anti-Ottoons statement vanwege de graaf van Vlaanderen die zich daarmee distantieerde van de Ottoonse keizer, wiens territorium in het oosten aan het graafschap Vlaanderen grensde langs de Schelde.

    Tot voor kort verboden vondsten mee te nemen

    Het wapentuig van de ridders van de Graaf staat nog niet online. De hele dataset wordt na afloop van de tentoonstelling in zijn geheel toegankelijk gemaakt. Amateurs worden zo aangemoedigd om ook hun metaaldetector­vondsten online te delen met andere geïnteresseerden. Dat kan via de website vondsten.be.

    Tot voor kort was het overigens verboden om met de metaaldetector het veld op te gaan en vondsten mee te nemen. Sinds april 2016 bestaat er een regelgeving: amateurarcheologen kunnen een erkenning aanvragen bij het Agentschap Onroerend Erfgoed. Ze zijn echter altijd verplicht om hun vondsten te melden, maar mogen ze wel houden. Het is voorts verboden om voorwerpen dieper dan 30 centimeter uit de grond te halen, omdat voorwerpen op diepte soms nog in een archeologische context zitten en de overheid niet wil dat die vindplaatsen verstoord worden.

     "Op langere termijn willen we van vondsten.be een databank maken die onontbeerlijk wordt voor onderzoek, maar ook vrij toegankelijk is voor alle andere geïnteresseerden", zegt Deckers. "We zijn een half jaar geleden publiek gegaan en de detectoristen beginnen stilaan de weg te vinden naar het platform. Vondsten met de metaaldetector zijn heel interessant voor wetenschappers. Ze geven een ander beeld van de verspreiding van archeologische voorwerpen dan opgravingen."