Meest recent

    Betalen de Italiaanse geheime diensten Libische milities om vluchtelingen en migranten tegen te houden?

    De laatste maanden is de migratiestroom vanuit Libië naar Italië opvallend gedaald. De redenen daarvoor zijn niet zeker maar nogal wat elementen wijzen erop dat een aantal smokkelbendes nu meewerken in de strijd tegen de migratie. Dat zouden ze doen in opdracht van de Libische regering.  

    Sinds begin juli is de migratiestroom vanuit Libië naar Italië plots fel verminderd, in juli halveerde het cijfer, in augustus daalde het nog verder. Daar zijn de laatste dagen en weken verschillende verklaringen voor geopperd. Weersomstandigheden, gevechten in Libië, de gedragscode voor schepen van hulporganisaties, en vooral de versterking van de Libische kustwacht door Italië (en de EU). Een aantal recente rapporten legt ook andere verklaringen bloot. Zo zouden milities in Libië migranten en vluchtelingen tegenhouden, en zouden de Italiaanse geheime diensten daarvoor zelfs een deal gesloten hebben met een aantal milities.

    Op 21 augustus kwam het persagentschap Reuters met een eigen onderzoek. Reuters hoorde uit verschillende bronnen in Libië dat een militie – de zogenaamde Brigade 48 – sinds kort de plak zwaait in de stad Sabratha, op 70 kilometer ten westen van de hoofdstad Tripoli. Sabratha is één van de grote vertrekplaatsen voor migranten en vluchtelingen naar Italië. Die Brigade 48 zou bestaan uit een paar honderd militieleden, politiemensen, en mensen uit het Libische leger. En die zou migranten en vluchtelingen die willen vertrekken tegenhouden, vaak met veel geweld. Reuters haalt ook Flavio Di Giacomo aan, het hoofd van de Italiaanse afdeling van de IOM, het VN-agentschap voor de migratie. Volgens hem vertellen migranten in Italië inderdaad dat het zeer moeilijk is geworden om nog weg te geraken uit Sabratha.

    Op 25 augustus kwam de in Londen gevestigde nieuwssite Middle East Eye ook met een eigen onderzoek. De site haalt verschillende plaatselijke bronnen aan binnen Libië, die zeggen dat er onderhandelingen zijn geweest tussen Europese geheime diensten en het bestuur van de stad Sabratha. Dat bestuur zou onderhandeld hebben namens een handvol milities die volgens plaatselijke bronnen 5 miljoen dollar hebben gekregen om migranten en vluchtelingen ten minste een maand tegen te houden.

    Nog een bron in het artikel van Middle East Eye spreekt over een ontmoeting in Sabratha tussen mensen van de Italiaanse geheime diensten en leden van de Anas Dabbashi-militie. Die is al jaren een grote speler in de mensensmokkel. De militie bewaakt ook al zeker twee jaar de terreinen van het Melittah Olie- en Gasbedrijf ten westen van Sabratha, een bedrijf dat eigendom is van het Italiaanse energieconcern Eni. Middle East Eye kreeg geen bevestiging bij de Italiaanse regering dat die ontmoeting zou hebben plaatsgevonden.

    Welke rol spelen de milities?

    Ook in een andere populaire vertrekplaats aan de Libische westkust, Zawiyah, wordt de mensensmokkel gecontroleerd door milities die grote belangen hebben in de Libische olie-industrie. Ze hebben bovendien goeie relaties met de Libische kustwacht, die verstrengeling wordt uitvoerig gedocumenteerd in een rapport van de VN-veiligheidsraad van twee maanden geleden. Zo zou de leider van de militie die verantwoordelijk is voor de bescherming van oliebedrijven grote aantallen migranten en vluchtelingen verplichten om gratis in die bedrijven te werken. Volgens plaatselijke getuigen zou de Libische kustwacht ook tol heffen op bootjes van smokkelaars, en alleen die bootjes tegenhouden van smokkelaars die weigeren te betalen.

    Eergisteren kwam ook het persbureau AP met een eigen onderzoek, op basis waarvan gisteren een artikel in de Amerikaanse krant The Washington Post verscheen. AP haalt de woordvoerder van de Anas Dabbashi-militie aan, Bashir Ibrahim. Die zegt dat er een “mondeling akkoord” is tussen de Italiaanse regering en de Libische regering – degene die door de VN erkend wordt – om de smokkel te bestrijden. De woordvoerder beweert dat de militie sindsdien verbonden is aan het ministerie van Defensie van die regering, en dat de Brigade 48 onder het ministerie van Binnenlandse Zaken is ondergebracht. Die twee milities zouden dus in opdracht van de regering migranten en vluchtelingen tegenhouden.

    Op de facebookpagina van de Anas Dabbashi-militie presenteert die zich inderdaad als “werkend voor het ministerie van Defensie”, in de strijd tegen de migratie. Dat stelde collega Majd Khalifeh vast. Op 19 augustus coördineerde ze naar eigen zeggen de levering van een lading medische hulp van de Italiaanse regering aan een ziekenhuis in Sabratha, een bewering die wordt gestaafd met foto’s die er inderdaad op wijzen dat de militie daar in een officiële hoedanigheid is. De militie ontkent wel dat zijzelf akkoorden heeft gesloten met Italië.

    Akkoorden tussen Libië en Italië

    AP kreeg geen bevestiging bij de Libische regering dat deze milities daadwerkelijk voor haar werken. Op onze vraag zei het ministerie van Binnenlandse Zaken alleen dat ze volgende week zal communiceren over waarom de migratie vanuit Libië daalt. Het persagentschap AP haalt wel andere bronnen aan, die bevestigen dat er ontmoetingen zijn geweest tussen Italiaanse “officials” en militieleiders. Iemand die bij het Libische ministerie van Binnenlandse Zaken  verantwoordelijk is voor de strijd tegen mensensmokkel, zegt dat er verschillende weken geleden zo’n ontmoeting is geweest, en dat daarna de smokkel opdroogde. Bronnen bij de veiligheidsdiensten en de politie bevestigen aan AP ook dat die ontmoetingen door de Italianen zelf zijn opgezet.

    Het zal geen verrassing zijn: de Italiaanse regering ontkent ook deze berichten.

    Het is dus zeer moeilijk om al deze informatie hard te maken. De Italiaanse regering maakt er geen geheim van dat ze akkoorden sluit met Libië. Een paar dagen geleden nog verlengde ze een overeenkomst met lokale milities die ze eerder dit jaar al had gesloten, om migranten en vluchtelingen aan de zuidgrens van Libië tegen te houden. Er is ook de militaire samenwerking tussen Italië en de Libische kustwacht. Twee schepen van de Italiaanse marine helpen de kustwacht om “de grenzen te bewaken”.

    Maar wat er precies overeengekomen is, is voor niemand duidelijk, laat staan wat er in ruil is gegeven. Officieel biedt Italië – en ook de Europese Unie – steun om de Libische kustwacht te versterken, zodat die beter haar grenzen kan bewaken. Ook is er steun om werkgelegenheid uit te bouwen die de Libische bevolking een alternatief moet bieden voor de mensensmokkel. Want in de failed state die Libië is, is mensen smokkelen één van de weinige lucratieve jobs die er bestaan.

    Kwalijk verleden van deals met Libisch regime

    Maar wat er allemaal onder die noemer gebeurt, is de vraag. Italië heeft op dat vlak een kwalijk verleden. Onder premier Berlusconi sloot het land in 2009 een deal met de toenmalige Libische dictator Khadafi. Italië betaalde 5 miljard euro aan Libië, officieel als herstelbetaling voor het koloniale verleden van Italië in Libië. Maar officieus was het geld bestemd om migranten en vluchtelingen tegen te houden, waarna de stroom inderdaad grotendeels stilviel.

    De huidige Italiaanse regering verdedigt haar optreden in Libië door te stellen dat er geen andere onderhandelingspartners zijn in het land dan de door de VN erkende regering, en dus de milities die haar steunen. Tegelijk zegt Italië dat het wil inzetten op het laten respecteren van de mensenrechten in de officiële detentiecentra in Libië, waar migranten en vluchtelingen volgens alle rapporten bijzonder slecht behandeld worden.

    Toen Khadafi nog aan de macht was in Libië, had één van zijn zonen controle over de mensensmokkel. Er werd gezegd dat die de smokkel “aan en uit” kon zetten. Tijdens de Arabische Lente in 2011 stapte Italië mee in de internationale coalitie die een no fly-zone boven Libië instelde. Khadafi dreigde daarop om de Italiaanse kusten te “overspoelen met migranten”. Nadien bleek uit verschillende rapporten dat migranten en vluchtelingen zelfs met het wapen tegen het hoofd gedwongen waren om op bootjes richting Europa te stappen. Recent hoorde ik ook in Italië zulke verhalen van migranten en vluchtelingen
    die kort geleden nog uit Libië waren vertrokken.

    In de hierboven vermelde onderzoeken zeggen plaatselijke bronnen opnieuw dat deals die met smokkelbendes gesloten zijn, sowieso tijdelijk en fragiel zijn. Met andere woorden: zodra het geld opdroogt, begint de smokkel gewoon opnieuw. Zolang er geen duurzaam economisch alternatief is voor de mensensmokkel, zal die moeilijk te stoppen zijn.  Maar hoe creëer je dat alternatief? Onderhandelen met milities die verantwoordelijk zijn voor een mensonterende behandeling van migranten en vluchtelingen, is vanuit moreel opzicht absoluut verwerpelijk. Maar de vraag is ook hoe je dan wel iets bereikt in een land dat zo instabiel is als Libië nu.