Meest recent

    "Huismussen in de steden eten te veel fastfood"

    Een dieet dat vooral bestaat uit etensresten, zoals bijvoorbeeld brood of frieten, is mogelijk een van de redenen waarom huismussen het moeilijk hebben. Dat schrijft De Standaard. Een team van de UGent onderzoekt momenteel waarom de populatie blijft afnemen.

    Het gaat niet goed met de huismus, een soort die in dezelfde omgeving blijft en daardoor gevoelig is voor de toenemende verstedelijking.  In de steden leven de vogels vooral op een dieet van achtergebleven fastfood: frieten, brood, restjes pittavlees, enzovoort. Op het platteland eten de dieren vooral granen en insecten, zoals kevers, rupsen en vliegen.

    De hypothese van de onderzoekers van de UGent is dat het andere voedselpatroon een oorzaak is van de daling in de populatie. Als de stedelijke vogels jongen hebben kunnen ze namelijk weinig of geen vers en voedzaam voedsel aanbrengen. Door die slechte start zou het sterftecijfer hoger liggen.

    "Meer groen in de stad, en dus meer insecten, is dan de oplossing. "Het zou helpen als er meer groen in de stad was", zegt Luc Lens (UGent) in De Standaard. "Van bloembakken tot parken, tuintjes en groene
    gevels: als al dat groen onderling met elkaar verbonden is, kunnen er
    gemakkelijker en meer insecten en dieren in de stad leven. Een mens ligt
    niet wakker van een kever meer, maar voor de mussen maakt het een
    wereld van verschil. Bovendien vinden ze in het groen meer plekken om
    zich te verstoppen en te broeden."

    "Het totale aantal vogels in steden blijft min of meer gelijk, maar het aantal soorten neemt af", zegt Lens ook. "De soorten die zich niet kunnen aanpassen aan de nieuwe vijanden of aan het nieuwe dieet, verdwijnen. En dat is zonde: biodiversiteit, zowel in de stad als op het platteland, is belangrijk om de planeet in evenwicht te houden."