Meest recent

    AFP or licensors

    Togo : nieuwe dominosteen van de Afrikaanse Lente?

    Het rommelt nu ook al in Togo. Het kleine West-Afrikaanse land is 50 jaar dominantie van de familiedynastie Gnassingbé blijkbaar beu. De overheid probeert het protest in te dijken met traangas en door alle communicatielijnen af te snijden. 

    Er heerst spanning in de Togolese hoofdstad Lomé. Op de schaarse beelden en foto's op sociale media zie je een indrukwekkende zwaarbewapende politiemacht patrouilleren. Ze kloppen met de wapenstok op de enkele betogers die zich nog op straat wagen. Overal staan barricades en liggen brokstukken van twee dagen straatprotest.  Eergisteren kwamen minstens 100.000 oppositieleden op straat. Zelf spraken de organisatoren van 1 miljoen betogers in diverse steden van het land, maar die informatie is niet na te trekken. De regering hield al van daags tevoren het internet en het sms-verkeer afgesloten en laat hardhandig optreden.  Die krampachtige reflex begint een terugkerend patroon te worden in Afrikaanse landen met lang zittende presidenten of dynastieën . 

    50 jaar Gnassingbe

    Togo valt niet op als klein landje tussen Ghana, Burkina Faso en Benin. Ooit een Duitse kolonie, wordt het na de Eerste Wereldoorlog het opgesplitst in een Brits en een Frans mandaatgebied. Het Britse deel sluit zich in 1956 aan bij Ghana, het Franse deel wordt in 1960 de onafhankelijke Republiek Togo. Lang blijft het niet rustig onder de eerst president Sylvanus Olympio. Hij wordt in 1963 vermoord bij een staatsgreep die is aangestoken door Eyadéma Gnassingbé. Die gaat in 1967 zelf aan het roer staan, en dat voor maar liefst 38 jaar, tot zijn zoon Faure overneemt na zijn dood in 2005. 

    Zowel vader als zoon Gnassingbé laten zich kennen als autoritaire staatshoofden. Als er al verkiezingen gebeuren, zijn ze omstreden, vader Eyadéma morrelt aan de grondwet om een derde ambtstermijn af te dwingen, zoon Fauré laat bij de verkiezingen van 2005 honderden opposanten vermoorden. Ook de verkiezingen van 2010 en 2015 verlopen allerminst rustig. 

    Jongeren zonder kansen

    Togo, rijk aan het mineraal fosfaat,  raakt door de politieke troebelen zijn donors kwijt in de jaren '90.  Ook de exportmarkt van fosfaat stort in elkaar, onder meer door corruptie. Pas in 2007 komen de donors stilaan terug: de Europese Unie, China, en de grote financiële instellingen. Sindsdien kent het land een jaarlijkse  groei van 5 % . Maar die groei is zoals in veel Afrikaanse landen slecht verdeeld en de vele werkloze jongeren zijn daar het eerste slachtoffer van.  Sinds 2010 probeert de regering wel de fosfaatexport te herlanceren, de openbare financiën te zuiveren en grote infrastructuurwerken uit te voeren. Maar de keerzijde blijft het slechte rapport op het vlak van mensenrechten: organisaties klagen de willekeurige arrestaties en folteringen aan. Ook de vrijheid van meningsuiting is beperkt. 

     

    AFP or licensors

    Een mensenzee in Lomé

    Het internet ligt plat sinds dinsdag 5 september. Op die dag keurde de regering een ontwerptekst goed om de beperkingen op de presidentiële ambtstermijn opnieuw in de Grondwet op te nemen. Dat signaal was niet meer dan een druppel op een gloeiende plaat.  "Too little too late", zei oppositieleider Jean-Pierre Fabre en de volgende dag kwamen zeker 100.000 betogers op straat, zegt Amnesty International. Zelf spreken de organisatoren van 1 miljoen deelnemers, maar dat is niet te achterhalen. 

    Copy Paste van Gambia ?

    Tikpi Atchadam, leider van de Parti National Panafricain, was al een van de organisatoren van de betoging op 19 augustus, die hardhandig werd neergeslagen. Atchadam maakt zich via sociale media boos op de internationale gemeenschap. "Heel Togo was op de been eergisteren, maar niemand die er iets over zegt. " Over de nieuwe stappen beraden hij en de andere oppositieleiders zich nog. De overheid in Togo geeft geen commentaar intussen. Komt Faure Gnassingbé terecht in het rijtje van Compaoré uit Burkina Faso en Jammeh uit Gambia? We houden het mee in de gaten.