Meest recent

    “Gevangenen lopen los, winkels zijn leeggeplunderd en er is geen elektriciteit of stromend water”

    Op de Britse Maagdeneilanden is de verwoesting net zo groot als op Sint-Maarten. Elsa en Olivia Fonseca, twee Belgische zussen, getuigen over de totale chaos. “De meeste daken zijn weggeblazen. Voorlopig kunnen we schuilen bij vrienden wiens huis wél nog intact is gebleven, maar de bevoorrading is een groot vraagteken. We willen hier weg, maar niemand kan ons helpen.”

    De noodtoestand is afgekondigd op de Britse Maagdeneilanden, waar er al minstens 14 doden vielen bij de passage van orkaan Irma. En aan de getuigenis van de Belgische Elsa Fonseca te horen is de toestand er ronduit dramatisch.

    “De meeste huizen zijn onbewoonbaar geworden. Zonder dak krijgt de regen vrij spel en daardoor staat bijna alles onder water”, zegt de Belgische jonge vrouw, die sinds een jaar op Tortola woont, maar nu zo snel mogelijk weg wil. “Er is ook geen elektriciteit. Sommige mensen kunnen terugvallen op een generator, maar dat zijn er ook maar een paar. Bovendien hebben die brandstof nodig om te kunnen draaien en die raakt stilaan ook op. Wij proberen onze gsm op te laden in de auto, maar van zodra ook die zonder benzine valt, kunnen we dat ook niet meer doen. Want er is maar 1 tankstation dat niet vernield is door Irma en daar staat een rij van wel 60 wagens. Je moet er blijkbaar tien uur aanschuiven. ”

    (lees verder onder de foto:)

    1 winkel op het hele eiland die nog open is

    “De veiligheid is een groot probleem. Er is nog één winkel waar we terecht kunnen, want de rest is allemaal leeggeroofd. De gevangenis is vernield en alle gevangenen zijn op vrije voeten. We mogen ook niet meer buiten na 18u ’s avonds. Op dit moment is er nog 1 winkel open op het hele eiland en die wordt zwaar bewaakt door politie en veiligheidsmensen. Maar ook daar slinkt de voorraad erg snel.

    “We zitten ook zonder stromend water, maar gelukkig is er heel wat regenwater gerecupereerd. Dat probleem krijgen we dus wel opgelost. We gaan met emmers naar de kelder, waar hier het regenwater wordt opgevangen en kunnen ons dus wel wassen.”

    Van het paradijs waar ze zo van hielden (de meisjes hebben een Vlaamse mama en een papa die afkomstig is van de Maagdeneilanden), schiet weinig of niets meer over. “We willen hier weg, maar niemand kan ons helpen. We hebben contact opgenomen met Buitenlandse Zaken, maar ook daar lijken ze niet in staat om ons te evacueren. Het is allemaal één groot vraagteken en de overheid communiceert amper. Het internet functioneert soms wel, soms niet, dus ook via die weg komen we weinig nieuws te weten.”