Meest recent

    Stoot Theresa May zich een tweede keer aan dezelfde steen?

    Donald Trump vloog naar rampgebied Florida. Emmanuel Macron naar Frans gebied dat ook getroffen is. En de Britse premier Theresa May? Ze blijft in Londen. Doet ze het weer, na het debacle van Grenfell? Ja, ze doet het weer.

    analyse
    Ivan Ollevier
    Ivan Ollevier is VRT NWS journalist op de buitenlandredactie, gespecialiseerd in Groot-Brittanië.

    De Amerikaanse president Donald Trump vliegt naar Florida om er de schade na orkaan Irma te gaan opmeten en er de slachtoffers een hart onder de riem te steken. Zijn Franse ambtsgenoot Emmanuel Macron is naar St Martin gereisd. De Nederlandse koning Willem-Alexander naar Sint-Maarten: “Dit tart al het voorstellingsvermogen. Dit heb ik nog nooit gezien, overal waar je kijkt zie je vernieling en ontreddering,” zei hij tijdens zijn bezoek.

    En de Britse premier Theresa May? Ze blijft in Londen. Doet ze het weer, na het debacle van Grenfell? Ja, ze doet het weer.

    Boris Johnson

    Het Verenigd Koninkrijk heeft overzeese gebieden in de Caraïben: Anguilla, de Britse Maagdeneilanden, de Turks- en Caicoseilanden. Veel bewoners tellen die niet, in totaal een kleine negentigduizend, maar het zijn Britse onderdanen. Noem de eilanden gerust restanten van het Britse koloniale tijdperk. Irma heeft er lelijk huisgehouden. Minister van Buitenlandse Zaken Boris Johnson formuleerde het zo: “We zullen even hard hulp bieden als dat de orkaan had toegeslagen in Inverness, Dover of St Ives.”  Johnson reist wel naar de Caraïben, maar zonder zijn premier Theresa May.

    Vanop het Maagdeneiland Tortola bereiken de pers onrustbarende berichten. Irma heeft de gevangenis vernield, en de gevangenen dolen nu plunderend over het eiland. Niemand waagt zich nog ongewapend naar buiten. De zevenhonderd soldaten en vijftig politieagenten die naar de Maagdeneilanden zijn gestuurd, hebben de situatie niet meer onder controle.

    May en Grenfell

    Het is nog niet zo lang geleden, nauwelijks drie maanden, dat Theresa May een kemel van jewelste schoot toen ze besliste om niet te gaan praten met de slachtoffers van de brand in de Grenfelltoren. Ze ging wel de hulpverleners begroeten, daar waren foto’s van. Maar de inwoners van de toren waren op hun ziel getrapt toen ze na haar bezoek weer in haar Jaguar stapte zonder hun een blik waardig te gunnen.

    Is het van belang, zo’n bezoek aan de slachtoffers van een ramp? Ja, het is van belang, en niet alleen voor de slachtoffers zelf. Het toont dat de regering de klachten en de miserie au sérieux neemt, het toont aan de rest van het land dat de kiezers geen quantité négligeable zijn. 

    AFP or licensors

    Too little too late

    Als er tegenover het manifeste gebrek aan empathie dan nog significante hulp zou staan, zou je het de regering nog kunnen vergeven, maar ook op dat vlak schiet Londen op reusachtige wijze te kort. De bewoners van de overzeese gebieden klagen dat de Britse hulpverlening veel te traag op gang kwam.

    Ruim vijfendertig miljoen euro stelt de regering nu ter beschikking, maar volgens de slachtoffers is dat “too little too late”. Het is te weinig en het komt rijkelijk laat.

    Jeugdzonden

    Na een storm van kritiek (pun not intended) en de oproep van Virgin-miljardair Richard Branson om te hulp te komen, heeft minister van Buitenlandse Zaken Boris Johnson nu toch toegezegd om naar de Caraïben te vliegen. Hij heeft er overleg gepleegd met de bestuurders en hooggeplaatste ambtenaren.

    Sommige van zijn collega’s hielden hun hart vast. Veel inwoners van Liverpool herinneren zich nog levendig Johnsons gaffe na de moord op Liverpudlian Kenneth Bigley, in 2004 ontvoerd en onthoofd door jihadisten in Bagdad. Als hoofdredacteur van het conservatieve blad Spectator had hij geklaagd dat Liverpool zich wentelde in zijn slachtofferschap. Dat was al zijn tweede aanvaring met de Liverpudlians: naar aanleiding van de ramp in het stadion van Hillsborough, dat in 1989 het leven kostte aan zesennegentig Liverpoolfans, had hij gezegd dat die dronken waren.

    Dergelijke jeugdzonden ten spijt en wat je ook van Johnson moge denken, hij beschikt over een flinke dosis inlevingsvermogen en weet hoe hij met de mensen om moet gaan. Zijn collega’s kunnen alleen maar hopen dat hij zich in de Caraïben weet te gedragen. Pas dan zullen de inwoners van de overzeese gebieden ervan overtuigd zijn dat ze, als resten van het Britse koloniale verleden, in de ogen van de overheid in Londen meer zijn dan restafval.