Meest recent

    "Vlaamse politici oefenen minstens 5.300 betaalde mandaten uit in intercommunales"

    Vlaamse politici oefenen minstens 5.300 betaalde mandaten uit in intercommunales en aanverwante structuren. Dat zegt Peter Reekmans, ondervoorzitter van Lijst Dedecker, die zelf een telling deed. Intercommunales zijn structuren waarin verschillende gemeenten samenwerken, zoals Isvag voor afvalverwerking, of Iverlek voor energiedistributie. 

    Het aantal intercommunales in ons land en het aantal mandaten van politici daarin, het is een cijfer dat moeilijk te pakken is te krijgen. Intercommunales zijn samenwerkingsverbanden tussen gemeenten, bijvoorbeeld om afval te verwerken (denk aan Indaver) of energie te verdelen (denk aan Iverlek of Gaselwest). Eerder dit jaar was er ophef over hoge vergoedingen bij Publifin (in Wallonië) en Publipart (in Vlaanderen) en naar aanleiding daarvan gingen velen aan het tellen: hoeveel van die structuren zijn er nu eigenlijk, en hoeveel betaalde mandaten bezetten (meestal lokale) politici daarin?

    Ook het Agentschap Binnenlands Bestuur, zeg maar de Vlaamse overheid, wilde de som maken en bracht een kleine 200 structuren in kaart. Dat is te zeggen: ze schreef 192 intercommunales en aanverwante structuren aan met een hele vragenlijst en kreeg antwoord van 175 daarvan. Het rapport daarover zegt zelf dat dit nog geen volledig overzicht is. En wat het totale overzicht aan betaalde mandaten nu precies is, is ook nog niet duidelijk. Er zijn een kleine 3.000 mandaten alleen al in raden van bestuur, maar daarnaast zijn er ook nog mandaten in directiecomités, sectorcomités, regionale adviescomités enzovoort.

    De Vlaamse ziekte

    Wie ook aan het tellen ging, was politicus Peter Reekmans, ondervoorzitter van Lijst Dedecker (de partij van Jean-Marie Dedecker) en burgemeester van Glabbeek, in Vlaams-Brabant. Reekmans is al jaren bezig met het dossier van de intercommunales en schreef er nu een boek over: “De Vlaamse Ziekte”. Hij dook daarvoor in officiële documenten van 127 structuren. Dat zijn ze dus niet allemaal maar hij concentreerde zich op de grootste en/of de bekendste. Voor die 127 intercommunales alleen al komt hij aan 5.322 betaalde mandaten. “Ik ben zeker van mijn cijfers”, zegt hij, “ik baseer mij op jaarverslagen van de Nationale Bank of publicaties in het Staatsblad.” Reekmans zegt ook vrij zeker te zijn dat, als je àlle structuren optelt, dus ook de kleinere of minder bekende, dat je dan aan ruim 6.000 betaalde mandaten komt.

    De politiek is zich bewust van het probleem en probeert er iets aan te doen. Maar makkelijk is dat niet. Er zijn verschillende soorten van samenwerkingsverbanden. Wat wij in de volksmond “intercommunales” noemen, vormen maar een deel van het hele kluwen. Strikt genomen is een intercommunale een structuur die onder het Decreet Intergemeentelijke Samenwerking valt, een decreet uit 2001. Dat gaat om een 90-tal structuren en die zijn onderworpen aan Vlaamse regelgeving. Zo is de zitpenning begrensd (200 euro bruto per vergadering) en ook zegt de regel dat een parlementslid niet mag zetelen in een intercommunale. De grootste problemen met hoge vergoedingen zitten dan ook niet hier.

    De grote jongens

    Die problemen zitten bij structuren die wij intercommunales noemen maar die dat eigenlijk niet zijn. Het gaat dan om eigenlijk om participaties van intercommunales in naamloze vennootschappen, cvba’s of bvba’s. Hier zitten de grote jongens: Eandis, Farys, Infrax, Aspiravi… Het zijn ook de bekendste bedrijven. De ironie is dat net die bedrijven die het vaakst genoemd worden in verband met “hoge vergoedingen bij intercommunales” net géén intercommunales zijn, in de strikte zin van het woord. Het betekent ook dat het voor de Vlaamse overheid veel moeilijker is om hier snel orde op zaken te stellen.

    Aan de basis van allerlei intercommunales liggen vaak heel nobele bedoelingen. Er zijn ook redenen waarom hun aantal stijgt. Europese
    regelgeving in de energiesector bijvoorbeeld, die bepaalt dat energie-activiteiten “ontvlochten” moeten worden. Productie, transport, distributie, verkoop van energie, het moet in aparte structuren worden ondergebracht. Waardoor die structuren in aantallen stijgen. Veel politici werken ook hard in allerlei van die intergemeentelijke samenwerkingsverbanden, zeker in de kleinere structuren,  en voor relatief weinig geld. Maar dat er een wildgroei is ontstaan, kan niemand ontkennen. De Vlaamse overheid werkt aan een decreet om het aantal structuren en het aantal mandaten te beperken. Vijftien mandatarissen in een raad van bestuur zou een maximum moeten zijn. Tussenstructuren moeten sneuvelen. Het wordt nog een hele opgave. En in de tussentijd kan de oppositie, bijvoorbeeld Lijst Dedecker, snoeihard uithalen.