Meest recent

    Oogafwijkingen bij kinderen worden sneller opgespoord

    Uit gegevens die de Centra voor Leerlingenbegeleiding over de afgelopen 5 jaar hebben bijgehouden, blijkt dat oogafwijkingen bij jonge kinderen sneller worden opgespoord dan ooit tevoren.

    De gegevens hebben betrekking op kinderen van 3 en 4 jaar oud uit de eerste en tweede kleuterklas. Sinds 2003 worden zij door de Centra voor Leerlingenbegeleiding (CLB) gescreend op (het risico op) amblyopie, een moeilijk woord voor een lui oog. De afgelopen vijf jaar lijkt die screening almaar efficiënter te verlopen. Dat komt omdat 3 jaar geleden ook Kind en Gezin met oogonderzoek begonnen is, bij alle kleuters van 12 en 24 maanden.

    Zo is op 5 jaar tijd het aantal 3-jarigen dat bij het eerste CLB-bezoek al een bril draagt, verdubbeld (van 1,9 naar 3,7 procent). Tegelijk is het aantal kleuters bij wie het CLB als eerste een oogafwijking vaststelt, licht gedaald (van 3,5 naar 3 procent). De cijfers bewijzen dat de vroege screenings van Kind en Gezin helpen.

    Dr. Katelijne Van Hoeck, coördinator van de Vlaamse Wetenschappelijke Vereniging voor Jeugdgezondheidszorg, benadrukt de noodzaak van vroege screening: "Een lui oog dat te laat behandeld wordt - na de leeftijd van 10 jaar - is onherroepelijk geschonden. Hoe vroeger een lui oog wordt opgespoord, hoe vroeger een behandeling kan worden opgestart.  Zo kan het oog zich volledig herstellen."