Alabama en het buikgevoel van Trump

In Alabama heeft de aartsconservatieve rechter Roy Moore de Republikeinse voorverkiezing voor een senaatszetel gewonnen. President Trump had nochtans de kant gekozen van zijn tegenkandidaat, de kandidaat van de partijtop. Die misrekening zou Trump weer verder naar rechts kunnen drijven, en naar het anti-establishmentkamp. Maar zonder establishment krijgt Trump weinig gedaan.  

labels
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Nooit hoorde ik in Amerika een fellere klaagzang over alledaags racisme dan tijdens een lunch met zwarte buurtbewoners in Birmingham, Alabama. Het waren geen jonge gehaaide activisten die me toen te woord stonden, en het was nog lang voor de beweging Black Lives Matter van de grond kwam.

Het waren heel gewone mensen -  sociale vrijwilligers en kerkgangers. Hun getuigenissen klonken eenvoudig, authentiek en bijna fatalistisch. Alabama was, volgens mijn gesprekspartners, de staat waar het oude, blanke racisme nog altijd het diepst ingesleten zat.  Een staat in the deep South waar de tijd is blijven stilstaan.

Telkens als ik iets lees of verneem over Alabama, komt de herinnering aan dat weinig opbeurende  gesprek weer bovendrijven. Alabama is arm, diepgelovig en aartsconservatief. Tegen die achtergrond wordt de zege van Roy Moore een beetje verklaarbaar. De man weigerde ooit, als opperrechter in zijn staat, om een monument met de Tien Geboden (een religieus monument dus) weg te halen van voor het gerechtsgebouw. Later spoorde hij rechters aan om het verbod op het homohuwelijk te handhaven, ook al was dat door federale rechtbanken (en het federale Hooggerechtshof) onwettig verklaard.  

Moore als antikandidaat

Met al die controverses was Moore, tot ver buiten Alabama, uitgegroeid tot een held van radicaal-rechtse en oerconservatieve groeperingen  -  een man die bovendien niet te beroerd was om de arrogante federale macht te trotseren.

Ook in heel wat zuidelijke evangelische kerken werd hij op handen gedragen. In de voorbije voorverkiezingscampagne kwam daar nog een specifieke dimensie bovenop. Moores rivaal Luther Strange genoot de steun van de Republikeinse partijtop, en zelfs Donald Trump kwam diens campagne een duwtje in de rug geven. Daarmee werd Moore de anti-establishment­kandidaat die ‘Washington’ durfde uit te dagen en een hak te zetten.

Die antipolitieke en anti-establishmentlijn kwam nog sterker uit de verf door de openlijke steun voor Moore van niemand minder dan Steve Bannon, de gewezen strateeg van Donald Trump die in augustus het Witte Huis moest verlaten.  Bannon staat stijf van rancune en van strijdbaarheid. Hij ziet de nieuwe stafchef in het Witte Huis John Kelly, nationaal veiligheidsadviseur McMaster en een handvol ministers als een soort junta van het establishment. Zij zouden Trumps campagne­beloftes verkwanselen en verraden, en de president op een laffe, lauwe en veel te weinig ambitieuze centrumkoers vastkluisteren.

Ook de partijtop in het Congres moet het ontgelden. In een campagne­speech voor Moore waarschuwde hij Mitch McConnell, de fractieleider in de Senaat, in sinistere bewoordingen: "De dag van de afrekening komt dichterbij."

Meer Moores in de maak

Het staat vast dat Bannon in de voorverkiezingen van volgend jaar, wanneer er 33 senaatszetels te betwisten zijn en 435 zitjes in het Huis van Afgevaardigden, overal zal proberen om gelijkaardige kandidaten te lanceren of ondersteunen. Gematigde en traditionele centrum-Republikeinen zullen ongenadig worden bekampt en verdacht gemaakt. Bannons bedoeling is duidelijk: zoveel mogelijk rabiaat conservatieve en nationalistische figuren aan een zetel helpen.

Voor de partij is die strategie bijzonder riskant. Stel dat veel van die anti­kandidaten de voorverkiezingen in de partij weten te winnen, dan dreigt hun radicale koers de meer traditionele Republikeinen af te schrikken. Die zouden dan op de eigenlijke verkiezingsdag voor de Democraten kunnen stemmen.

En zelfs áls de Bannon-kandidaten een zetel in het Congres zouden veroveren, dan garandeert dat nog lang niet dat ze daar ook echt dingen gedaan krijgen. Het dreigt alleen maar de interne scheuringen en verbrokkeling van de partij te versterken. Zoals gebleken is uit de mislukte pogingen om Obamacare af te schaffen, haal je daarmee zelden de vereiste meerderheid om wetsvoorstellen goed te keuren.  

Dilemma voor Trump

Voor president Trump schuilt daar precies het pijnlijke dilemma. Trump volgt graag zijn buikgevoel, en zijn buik knort nog al te vaak op de tonen van Bannon: ongepolijst, rauw, radicaal en ongegeneerd America First. Juist daarom voert Trump zo’n woordenstrijd met de sportvedetten die, als gebaar van protest tegen Trump en tegen politiegeweld, neerknielen tijdens het volkslied. Juist daarom had hij zo’n moeite om de gewelddadige incidenten met extreem-rechtse manifestanten in Charlottesville te veroordelen.

En hetzelfde buikgevoel doet hem schelden en dreigen op Twitter, in een hoogst delicaat conflict met het Noord-Koreaanse regime.

Dat alles moet tegelijk zijn populariteit handhaven bij zijn oorspronkelijke achterban. Maar of het intussen veel zoden aan de dijk zet of dingen verandert, is veel minder zeker. Wil de president echt resultaten boeken, dan moet hij compromissen sluiten. Hij moet zich, goedschiks of kwaadschiks, voegen naar praktische bezwaren, wettelijke beperkingen, politieke berekeningen of diplomatieke premissen. Hij moet leven en werken met het uitgespuwde establishment.

Copyright 2017 The Associated Press. All rights reserved.

De slimste zet van Trump

Hoe je zonder politieke kleerscheuren resultaten kan boeken, toonde Trump zelf aan met zijn besluit over DACA: het gedoogbeleid van Obama tegenover jonge latinomigranten die als kind met hun ouders illegaal geïmmigreerd zijn. Trump schafte dat gedoogbeleid af en scoorde meteen stevig bij zijn achterban.

Maar tegelijk legde de president de bal in het kamp van het Congres. Daar zal zo goed als zeker een wettelijke regeling worden uitgewerkt die de jonge migranten een vergelijkbare, en misschien zelfs duurzamere bescherming biedt dan DACA. Dat zal wellicht gebeuren met de steun van de Democraten, die in ruil op andere vlakken toegevingen zullen doen. De jonge latino’s de grens over jagen zou veel verzet oproepen – niet alleen bij migranten en linkse activisten, maar vooral ook bij heel wat grote bedrijven die intussen veel van die jongeren hebben aangeworven. Dus laat Trump de deur open voor een vorm van wettelijke regularisatie.

Al blijft het afwachten hoe het concreet zal uitpakken, allicht was dit de slimste politieke zet van president Trump sinds hij in het Witte Huis woont: hij scoort en bestuurt tegelijk. Maar zonder zijn bereidheid tot een eerbaar compromis zou dat niet mogelijk zijn.  

Tweemaal gegijzeld

Misschien was het geen toeval dat de beslissing over Obama’s gedoogbeleid er kwam toen Bannon al vertrokken was. Ook op andere momenten is intussen de indruk ontstaan dat Trump wat rustiger en gematigder, wat ‘presidentiëler’ te werk gaat. Allicht is stafchef John Kelly er inderdaad in geslaagd om het stuurloze en twistzieke Witte Huis wat strakker te stroomlijnen.

Volgens Bannon en zijn nieuwssite Breitbart wordt Trump, zoals al vermeld, gegijzeld door Kelly en zijn staf. Nu de gewezen huisstrateeg, na de voorverkiezing in Alabama, een eerste scalp aan zijn riem heeft hangen, zou Trump opnieuw nerveuzer kunnen worden van die kritiek. De man die hem belaagt kan hem tegelijk verleiden om andermaal op te schuiven naar radicaal (en soms ranzig) rechts.

Opvallend is dat Trump inmiddels al zijn steunbetuigingen op twitter aan Luther Strange  - de verslagen kandidaat -  liet deleten toen Moore als winnaar uit de bus was gekomen, en dat hij Moore ook feliciteerde. Moore van zijn kant sprak zijn waardering uit voor Trump. Volgens de nieuwssite Politico koestert de president intussen spijt en frustraties over zijn keuze om Strange te steunen, in plaats van Moore. Trump wordt niet graag geassocieerd met verliezers, en zou bovendien tot de conclusie zijn gekomen dat de fans en kiezers van Moore ook zijn eigen fans en kiezers waren. De kans is dus reëel dat de president Roy Moore een handje zal komen toesteken als die het in december nog moet opnemen tegen een Democratische kandidaat.

Op die manier laat Trump zich schijnbaar toch weer leiden (en verleiden) door de strekking Moore en Bannon  - precies het kamp dat zijn kamp onder vuur nam. Zo bekeken kan Trump juist de gijzelaar worden van Bannon. Zijn kwelgeest zou zich tot dwingende sirene kunnen ontpoppen, waarvoor hij zijn oren niet wil of kan sluiten.  

Copyright 2017 The Associated Press. All rights reserved.

Spreidstand

Trump kampt met de klassieke spagaat tussen geladen campagnetaal en de bestuurskunst van het haalbare. Geen beter voorbeeld om dat te illustreren dan de omstreden travel ban. In zijn eerste en radicale versie (grotendeels uitgewerkt door Steve Bannon) sneuvelde die op juridische, logistieke en praktische bezwaren. Zoals ook in andere landen blijkt, kan dat politiek gesproken niet eens zoveel kwaad: je hebt tenminste getoond aan je achterban dat het je menens was, en dat het niet lukte is altijd andermans schuld. In de ogen van Bannon en Breitbart is het ‘de diepe staat’ die tegenwerkt, een nog mysterieuzere en daardoor ook akeligere benaming voor het gehate establishment.

Maar om resultaten te boeken, moet zelfs Trump binnen krijtlijnen van wetten en conventies werken, met ambtenaren en ministeries en politici die tot het establishment behoren. Voor Donald Trump, die als geen ander intuïtief en instinctief functioneert, is dat een moeilijke opgave. De vraag zal daarom zijn wat op termijn het sterkst doorweegt: zijn drang om resultaten te boeken, of zijn eigen radicale buikgevoel.

Luistert hij naar Kelly in het Witte Huis, of naar Bannon en vrienden daarbuiten? Blijft de hoogst geplaatste politicus flirten met de antipolitiek, of durft hij die het hoofd te bieden? Kiest hij consequent voor bestuurskracht of voor electoraal-politiek succes?

Met Trump weet je het nooit en blijft het altijd onvoorspelbaar. Maar dat Bannon hem zal opjagen, dat lijdt geen twijfel. Net zoals de intrede van John Kelly een nieuw gegeven was, is ook het vertrek van Steve Bannon dat geweest. Alabama heeft aangetoond hoe ver zijn invloed nog kan reiken.