James Arthur Photography

Grote toename aantal leerlingen die zorgondersteuning vragen

Het aantal aanmeldingen voor leerlingen met een zorgnood ligt veel hoger dan vorig jaar. Dat zei minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) in het Vlaams parlement na een vraag van Koen Daniëls (N-VA) en een interpellatie van Caroline Gennez (SP.A).

Scholen in het gewoon onderwijs die leerlingen met specifieke zorgbehoeften hebben, kunnen vanaf dit schooljaar terugvallen op een nieuw ondersteuningsmodel. Bij leerlingen met een verstandelijke of motorische beperking en bij blinde of dove leerlingen (type 2, 4, 6 en 7) zijn het nog steeds de scholen voor buitengewoon onderwijs die steun bieden aan de gewone scholen. Voor de andere leerlingen worden er regionale ondersteuningsnetwerken gevormd, waarin de ouders, de school en het Centrum voor Leerlingbegeleiding vertegenwoordigd zijn. Met dat nieuwe model moet ook de samenwerking over de netten heen gestimuleerd worden.

Problemen met nieuwe model

Bij het begin van het schooljaar doken verschillende problemen op met het nieuwe model. "Twee weken voor de start van het nieuwe schooljaar kennen niet alle onderwijsmensen in het geïntegreerd en inclusief onderwijs hun regio, hun te begeleiden scholen, noch hun te begeleiden leerlingen", was te horen bij de vakbond.

Koen Daniëls kreeg naar eigen zeggen uit alle provincies berichten dat er geen leerlinggebonden financiering meer zou zijn en dat de ondersteuning pas midden oktober zou starten. Volgens hem gaat het mogelijk om een georkestreerde campagne.

"In het decreet hebben we als N-VA erover gewaakt dat leerlinggerichte ondersteuning in de klas verder blijft bestaan, wat in dat decreet ook letterlijk is opgenomen. Op het terrein wordt echter door organisaties verspreid dat door de overheid enkel nog zogenaamde systeemondersteuning zou zijn toegelaten en dat de leerlinggerichte ondersteuning naar de achtergrond verdwijnt. Dat verspreiden is gewoonweg misdadig" aldus Daniëls.

Op het terrein wordt verspreid dat door de overheid enkel nog systeemondersteuning zou zijn toegelaten, dat verspreiden is gewoonweg misdadig

Koen Daniëls

Hij benadrukt dat voor vele leerlingen en leerkrachten de rechtstreekse ondersteuning in de klas van de leerling belangrijk is, waarbij minister Crevits hem bijtrad.  Daarnaast was hij misnoegd dat leerlingen die voorgaande jaren reeds GON-ondersteuning kregen, te horen kregen dat ze -misschien- pas vanaf half oktober ondersteuning zouden krijgen. Hij maakte zich ook zorgen over het feit dat ouders niet betrokken worden. Minister Crevits kon zich vinden in zijn opmerkingen. "Ik ben dan ook tevreden dat de minister met onmiddellijke ingang aan deze praktijken paal en perk wil stellen",  besluit Daniëls.

"Gevoel dat er veel meer leerlingen zijn aangemeld"

Crevits verzekerde dat die leerlinggebonden financiering blijft bestaan voor kinderen met type 2, 4, 6 en 7. "Alle ondersteuningsnetwerken zijn ook opgestart", aldus de minister. "Sinds 1 september zijn er dertig actief. Alle scholen uit het gewoon onderwijs zijn aangesloten bij een netwerk. Dat betekent echter niet dat er ook vanaf 1 september steun kan worden geboden. Ook vroeger al gebruikte men de maand september om de ondersteuning op te starten. Ze hebben dan nog wat tijd nodig om de betrokken actoren op het goede spoor te zetten", zei Crevits.

Het precieze cijfer over het aantal zorgvragen is nog niet beschikbaar. "Maar wij hebben het gevoel dat er heel veel meer leerlingen zijn aangemeld. De scholen uit het gewoon onderwijs hebben de kans gegrepen om meer leerlingen aan te melden."

"Onvoldoende werkingsmiddelen en onkosten begeleiders"

Caroline Gennez werd niet gerustgesteld door het antwoord van de minister. "Eerder waarschuwden we vanuit SP.A al voor het onder druk staan van de individuele zorg, nu is dit helaas realiteit", aldus het parlementslid. "Bovendien zijn de onkosten voor de begeleiders onvoldoende gedekt en beschikken de ondersteuningsteams over onvoldoende werkingsmiddelen."