De vijf boeken die het leven van Hendrik Vos hebben veranderd

Zondag, rustdag. Een ideaal moment om uzelf in de zetel te nestelen met een uitstekend boek. Daarom polsen we iedere zevende dag van de week naar het favoriete leesvoer van een bekend gezicht. Vandaag vertelt professor Europese politiek Hendrik Vos over zijn vijf lievelingsboeken. 

1. Een man - Oriana Fallaci

"Oriana Fallaci vertelt over het leven van Alexandros Panagoulis, een Griekse verzetstrijder in de tijd van het kolonelsregime. Hij werd gemarteld en zat jarenlang in een piepkleine cel, in gruwelijke omstandigheden", vertelt Hendrik Vos. "Hij raakt uit de gevangenis, maar hij maakt het zichzelf nooit gemakkelijk: hij blijft fel en compromisloos vechten voor de echte vrijheid. Hij sterft uiteindelijk, vermoedelijk in een aanslag."

"Het is een relaas dat bij momenten erg bombastisch is en de romantiek spat er ferm af, maar tegelijk is het een heel scherpe analyse van waar politiek om draait: de strijd tussen macht en idealen, op een grens tussen pragmatiek en koppigheid. Hoe principieel kan en mag een mens zijn? Wanneer gaat eerlijkheid over in halsstarrigheid en bokkigheid? Waar ligt de lijn tussen diepe passie en onredelijkheid? Hoe wordt zelfs een dromer genadeloos en bikkelhard?"

"Het wordt allemaal uitvergroot, tegen de achtergrond van de Griekse dictatuur van de jaren zeventig. Dat maakt het boek heel rauw en heftig en ook beklemmend en onverbiddelijk. Het is een verhaal waar je van moet bekomen, waar goed en kwaad plots dieper in elkaar vloeien dan je als lezer wil geweten hebben. En finaal weet je niet meer wat moet denken."

2. Het wezen van de olifant - Toon Tellegen

"De olifant wil alleen maar in bomen klimmen, ook al is hij daar helemaal niet voor geschikt. Telkens valt hij naar beneden en houdt hij er schrammen en builen aan over, en kermt hij van de pijn. Maar hij wil de verte zien, en blijft dus streven naar wat voor hem onbereikbaar is. De andere dieren in het bos, zoals de mier of de eekhoorn, denken er het hunne van. Ze bekijken de olifant meewarig, of vol bewondering. Ze vinden hem dom, of net heel dapper. Soms voelen ze medelijden, en dan weer afkeer bij al die dwaasheid. De boeken van Toon Tellegen zijn van een ontroerende schoonheid, zonder meer", zegt Vos over de verhalen van de beroemde Nederlandse auteur.

"Het klinkt vast wat bizar, maar ik leer er veel van, van hoe dit soort boeken zijn geschreven. Het helpt me, als ik zelf columns schrijf, als ik les geef, of een lezing houd. Als je een boodschap wil overbrengen, en je wil dat ze ook blijft hangen, dan moet je naar het pure gaan, de dingen zeggen zoals ze zijn en je verhaal niet verpakken in een gesofisticeerd jargon. Daarom hou ik van boeken zonder moeilijke woorden en zonder ingewikkelde zinnen. De woorden die het meest raken en beklijven, zijn meestal de eenvoudigste."

"De boeken van Tellegen zijn niet echt kinderboeken, maar het genre leunt er dicht bij aan. Goede kinderboeken worden vreselijk onderschat. Het is echt een kunst om in een taal die iedereen verstaat en met maar een handvol lettergrepen toch een heel palet aan emoties op te roepen. Dat vraagt een grote creativiteit en heel veel fantasie. Diep verdriet of mateloos geluk, verontwaardiging of fascinatie, intense woede of een lange stilte: in een sterk kinderboek zijn er maar een paar woorden nodig om het allemaal scherp en treffend op te roepen. Laatst las ik nog “Armstrong: de avontuurlijke reis van een muis naar de maan”. Een prachtboek, mooi uitgegeven ook, en geïllustreerd door een tekenaar met veel talent. Van dat soort boeken word ik heel erg blij."

3. De renner - Tim Krabbé

Als fervent fietser heeft Vos een bijzondere band met "De renner" van Nederlander Tim Krabbé. "Hij is een schrijver met twee grote passies: schaken en wielrennen. In dit boek beschrijft hij een wielerwedstrijd in Zuid-Frankrijk, waar hij in 1977 aan deelnam. In de eerste paragraaf zegt hij hoe hij zijn fiets uit de auto haalt, voor de start: “Vanaf terrasjes kijken toeristen en inwoners toe. Niet-wielrenners. De leegheid van die levens schokt me"."

"Wat volgt, is het verhaal van de wedstrijd zelf. In dit boek wordt koersen pure poëzie. Je wordt totaal meegezogen, in het peloton, in de ontsnapping, in de tactiek, in het hoofd van de renner, in het afzien van zijn lijf, en ten slotte in het net-niet-winnen. Ik heb zelf een paar jaar gekoerst en wat Krabbé beschrijft, is ontzettend herkenbaar. Het concept achter de koers is betrekkelijk eenvoudig: op een afgesproken uur klinkt het startschot en een groep renners zet zich in beweging. Tweehonderd kilometer verderop heeft iemand een witte lijn op de grond geschilderd, en wie daar als eerste over rijdt is de winnaar. Die mag dan op een schavotje staan en krijgt een beker, alsmede drie zoenen.

"Dat is het zo ongeveer. Maar tussen start en finish speelt zich urenlang de allermooiste sport af. Het is zwoegen, met snot in de ogen en zuur in de benen. De renner strijdt, tegen de rest, tegen zichzelf, tegen de wind, tegen de pijn. Nergens anders is dit zo overtuigend, zo krachtig en waarachtig beschreven als door Tim Krabbé."

4. Lonely Planet: Nepal - a travel survival kit

Voor Hendrik Vos mag een reisgids zeker niet ontbreken in zijn lijstje. "In de periode net nadat ik afgestudeerd was, heb ik veel gereisd. Als kind was mijn verste buitenlandse trip een daguitstap naar de Efteling, maar als twintiger begon ik de wereld te ontdekken. Ik reisde zonder vaste plannen en met veel te weinig geld, maar altijd met de travel survival kits van Lonely Planet in de rugzak."

"Ik toerde door alle continenten, maar trok toch vooral doorheen Azië, en dan meer bepaald de Himalaya. Het waren overweldigende ervaringen, ik ging fysiek tot het uiterste, trotseerde onverbiddelijke koude op de hoogste pieken, en afmattende hitte in de dalen. Ik nam routes langs de moeilijkste kant omdat daar de grootste voldoening lag. En altijd was er de Lonely Planet, die bevestigde dat het echt de moeite waard was en die wist waar, ook op de verst afgelegen plekken en in de meest primitieve situaties, het lekkerste eten te vinden was en het beste onderdak, het meest authentieke marktje en het spectaculairste uitzicht."

5. De vijf - Enid Blyton

"Dit is een reeks van ruim twintig boeken, waarin vier kinderen en een hond allerlei mysteries ontrafelen", vertelt Vos. "Ze belanden op onbewoonde eilanden, ze vinden er schatten, ze dwalen door geheime, ondergrondse gangen, of ze worden opgesloten door schurken. Het is geen topliteratuur, verre van. En omdat de boeken ruim een halve eeuw geleden geschreven zijn, zijn ze, naar de standaarden van vandaag, dikwijls niet zo politiek correct. De slechterikken zijn nogal vaak zigeuners en er zit soms wel wat seksisme in."

"De verhalen zijn ongemeen onthutsend en meeslepend. Als kind heb ik ze verslonden. Ik woonde in Puurs, een dorp waar nooit wat gebeurde. Daar las ik die belevenissen van leeftijdsgenoten die van het ene avontuur in het andere rolden, en ik werd stikjaloers. Ik wilde ook geheimen doorgronden, raadsels oplossen en in bloedstollende scènes belanden. Ik hield er een grote nieuwsgierigheid aan over, een fascinatie voor het buitengewone en vooral voor de verrassende plots. Later verslond ik Agatha Christie en Georges Simenon. Ik wilde detective worden of ontdekkingsreiziger, en in elk geval een spannend en een pakkend leven vol onverwachte wendingen."