Meest recent

    NASA

    60 jaar geleden begon de ruimte-race met de lancering van de Spoetnik 1, de eerste satelliet

    Precies 60 jaar geleden, op 4 oktober 1957, lanceerde de Sovjet-Unie de Spoetnik 1, de eerste kunstmatige satelliet in een baan om de aarde. Dat was het begin van de ruimtevaart, en ook van de space race, de wedloop tussen de VS en de USSR in de ruimte.   

    Spoetnik, in het Russisch betekent het oorspronkelijk "reisgezel", nu is het een synoniem voor satelliet. Ondanks de vriendelijke naam, deed de lancering van de Spoetnik 1 een schok door het Westen gaan, en de vriendelijke biepjes die de satelliet regelmatig liet horen, klonken angstaanjagend.

    De Spoetnik zelf had nochtans  geen beangstigende eigenschappen: het was een bol met een doormeter van 58 cm die 83,6 kilogram woog en uitgerust was met twee paar antennes. In de bol zat stikstof, een radiozender met een vermogen van 1 W, die biepjes uitzond van 0,3 seconde, een ventilator ter verkoeling, en drie batterijen, twee voor de radiozender en een voor de ventilator. De huid van de Spoetnik bestond uit 2 mm dik aluminium en de bovenste helft was bedekt met een 1 mm dik hitteschild.

    Op 4 oktober 1957 bracht een Semjorka-raket de satelliet met succes in een baan om de aarde vanaf de lanceerbasis van wat nu Baikonoer is, in Kazachstan.Tot dan toe was het project in het diepste geheim uitgevoerd, nu het een succes was, maakte het persagentschap TASS het wereldwijd bekend. En ook de Pravda had de Spoetnik prominent op de voorpagina (foto onder: de voorpagina van de Komsomolskaya Pravda, de krant van de jeugdafdeling van de Communistische Partij van de Sovjet-Unie).

    Hoewel de levensduur van de batterijen geschat was op twee weken, bleef de Spoetnik meer dan drie weken, 23 dagen, functioneren, tot 26 oktober. Toen vielen de biepjes stil. Door de wrijving viel de Spoetnik langzaam terug naar de aarde, en na 1.440 omlopen rond de aarde brandde de satelliet op 4 januari 1958 op in de dampkring.

    Wedloop

    De Spoetnik was het gevolg van een wedloop, en leidde ook tot een verhevigde wedloop. 1957 was immers het "Internationaal Geofysisch Jaar" en dat werkte als een rode lap op een stier, zowel in Moskou als in Washington. De beide rivalen streefden er naar om in dat jaar als eerste een kunstmaan te lanceren. 

    In Rusland was daarvoor het licht al op groen gezet in 1954 en het uiteindelijke fiat was in 1956 gegeven. Aan het project werd in het diepste geheim gewerkt, en de Sovjets beseften dat er haast bij was. De Amerikanen konden immers over de knowhow beschikken van Werner Von Braun, de Duitse geleerde die in Nazi-Duitsland onder meer de V2-raket ontwikkeld had.

    Volgens de vicehoofdontwerper van de Spoetnik, Oleg Ivanovsky, was het oorspronkelijk de bedoeling van de Sovjets om een wetenschappelijk  ruimtestation van anderhalve ton te bouwen en te lanceren, maar al snel realiseerde men zich dat men daarvoor de tijd niet had. En dus besliste men in januari 1957 om de uiteindelijke bol met zijn biepjes te bouwen.

    De geslaagde lancering veroorzaakte grote opwinding in heel de wereld, en vooral in de VS, waar men begon te beseffen dat de Sovjets over een veel krachtiger raket beschikten dan de VS. Overigens dachten de Amerikanen oorspronkelijk dat er een fout in de Sovjet-persberichten stond, en dat de Spoetnik slecht 8,36 kilogram woog in plaats van 83,6. Hun eigen raketten hadden immers een veel geringere draagkracht.

    De Amerikaanse president Dwight Eisenhower bleek niet erg onder de indruk van de kleine bal in de ruimte - een adviseur van hem zei zelfs dat de VS zich niet bezighield met basketbal in de ruimte -, maar de publieke opinie floot hem terug. Nu duidelijk was dat de Sovjets de VS zouden kunnen treffen met een intercontinentale raket met kernwapens, eiste de publieke opinie een snelle en krachtige reactie. Dat leidde tot de ruimte-race, waarbij de beide supermachten aanzienlijke bedragen uitgaven aan de ruimtevaart, en aan Amerikaanse kant tot tot de oprichting van het  ruimtevaartagentschap NASA op 1 oktober 1958.

    En de Sovjets bewezen niet op hun lauweren te rusten: nog geen maand na de lancering van de Spoetnik 1 ging de Spoetnik 2 al de ruimte in, een veel grotere kabine met aan boord de hond Laika. Laika stierf weliswaar al na enkele uren aan stress en oververhitting, waarschijnlijk veroorzaakt door een fout in de klimaatregeling, maar opnieuw waren de Sovjets eerst, dit keer met het sturen van een levend wezen in de ruimte.

    NASA

    Een opengewerkte versie van de Spoetnik 1.

    De lancering van Spoetnik 2 op 3 november 1957.   

    De hond Laika in de Spoetnik 2-module voor de lancering.

    Ruimtegekte

    De lancering van de Spoetnik luidde in de VS ook een periode in van "ruimtegekte", wat nog versterkt werd toen de NASA in april 1959 zijn astronauten voor het Mercury-project voorstelde. In de geschreven media en op tv kregen die astronauten - "clean cut military officers and all American family men" - heel wat aandacht, en ook tv-shows en films gingen nu vaak de ruimte in. 

    Kinderen kregen boeken over de ruimtevaart, tekenfilms in de ruimte en de toekomst, en speelgoed als raketten en ruimtehelmen. Het interieur van huizen kregen een futuristische, blinkende metalen space age-look, en auto's kregen op raketten geïnspireerde staartvinnen. En zelfs in de architectuur werden ruimte-elementen gebruikt, zoals steunpilaren in de vorm van een raket of een komeet met staart, ook in ons land in de "expo-wijken", wijken gebouwd in het jaar van de Wereldtentoonstelling van 1958. Op die Wereldtentoonstelling hing in het Sovjet-paviljoen een replica van de Spoetnik 1 onder het dak, terwijl de Spoetnik 2 een ereplaats op de voorgrond kreeg (zie foto onder).  

    AP1958
    AP1957

    Een voorbeeld van Spoetnik-gekte: een restaurant in Atlanta pakt in 1957 uit met een Sputnikburger, met een "Tsaristische Russische dressing"en kaviaar, met erop een grote "satellietolijf" met drie tandenstokers als antennes. En voor een kleine som extra krijgt men er nog een "small dog", een mini­cocktailworstje, bovenop.  

    Niet langer alleen

    Was de Spoetnik in 1957 gedurende korte tijd nog de enige kunstmatige satelliet in een baan om de aarde, momenteel, 60 jaar later, zijn het er heel wat meer. En niet alleen satellieten cirkelen rond de aarde, ook heel wat brokstukken, onder meer van raketten, doen dat.

    Midden 2016 waren er volgens het United Nations Office for Outer Space Affairs 4.256 satellieten die een baan om de aarde beschreven, een toename van meer dan 4 procent tegenover midden 2015. In heel 2015 werden er 221 satellieten gelanceerd, iets minder dan in het recordjaar 2014 met 204 lanceringen.  

    Van die satellieten is volgens de Union of Concerned Scientists slechts zowat een derde nog in werking, 1.419 om precies te zijn. Het grootste deel daarvan, 713, zijn communicatiesatellieten, gevolgd door 374 wetenschappelijke, aardobservatiesatellieten.

    Maar dat is lang niet alles: volgens de NASA draaien er ook nog 500.000 brokstukken in een baan om de aarde, waarvan de baan gevolgd wordt.  20.000 daarvan zijn groter dan een tennisbal, 500.000 zijn zo groot als een knikker of groter, en miljoenen stukjes "ruimteafval" zijn zo klein dat ze niet gevolgd kunnen worden.

    Al die stukjes bewegen met een snelheid van meer dan 28.000 kilometer per uur, en tegen een dergelijke snelheid kan zelfs een schilfertje verf schade veroorzaken.  Het is een feit dat men een aantal ruiten van de spaceshuttles heeft moeten vervangen wegens schade die toegebracht was door materiaal dat men daarna geanalyseerd heeft, en dat een verfschilfertje bleek te zijn.

    Het toenemend aantal stukken ruimteafval vormt een bedreiging voor alle satellieten die nog in werking zijn, maar vooral voor de astronauten aan boord van het International Space Station en aan boord van raketten die ernaar op weg zijn of er terug van komen. Daarom wordt er nu gekeken of de afgedankte satellieten en ander ruimteafval niet teruggewonnen kunnen worden, onder meer met "ruimtenetten", katapulten of zonnezeilen.  

    ESA

    Een heel verschil met de eenzame Spoetnik van 60 jaar geleden: een voorstelling van de satellieten en het ruimteafval dat momenteel rond de aarde cirkelt. De grootte van het afval en de satellieten is overdreven in verhouding met de aarde om ze zichtbaar te maken.