Meest recent

    Afghaanse First Lady op bezoek in Ieper

    Rula Ghani is een atypische Afghaanse presidentsvrouw. In tegenstelling tot veel van haar voorgangsters, leeft ze niet in de luwte. Ze komt naar buiten en neemt het op voor de mensen die het moeilijk hebben in haar land, zo'n 90% van de bevolking zegt ze zelf. Speciale aandacht heeft ze voor de rechten van de vrouw. Op vraag van Moeders voor Vrede is ze vandaag en morgen te gast in Ieper.

    Moeders voor Vrede maakt indruk

    De NGO met wortels in Ieper is al jarenlang aan de slag in Afghanistan. Tienduizenden vrouwen daar zijn opgeleid en begeleid, met grote impact. Jennie Vanlerberghe, de bezielster van Moeders voor Vrede, klopte in 2014 aan bij de kersverse First Lady in Kaboel. De uitnodiging om naar Ieper te komen, bleef niet op het stapeltje liggen, Rula Ghani ging erop in. Vandaag en morgen leert ze Ieper kennen, als vredesstad, die 100 jaar geleden vernietigd werd en weer rechtkrabbelde, een beeld dat ze graag in Afghanistan zou willen zien. Ghani bezoekt in Ieper het In Flanders Fields museum, een begraafplaats van de Eerste Wereldoorlog, de Last Postceremonie onder de Menenpoort en gaat in gesprek met de jongeren van Ieper.

    De situatie voor de vrouwen in Afghanistan is aan het verbeteren. Dat is niet mijn verdienste, maar van de vrouwen zelf. Ik heb hoogstens enkele deuren geopend. 

    We kennen Afghanistan als een land in oorlog. De regering strijdt in Kaboel tegen de Taliban en tegen IS.  Rula Ghani is ervan overtuigd: "De bevolking is de oorlog meer dan beu en wil in vrede leven." En ondanks het vaak negatieve beeld dat haar land krijgt in de westerse media is ze er heilig van overtuigd: het gaat de goede kant op, ook met de vrouwenrechten. Meer en meer vrouwen staan op en laten van zich horen, in het parlement, in het bedrijfsleven (onlangs opende de eerste Kamer van Koophandel voor onderneemsters), maar er blijft werk op de plank. 

    Niet aan politiek doen, alleen helpen waar kan

    Rula Ghani is geen politica, dat mag ze ook niet zijn. Maar ze geeft wel kansen, opent deuren zodat anderen initiatieven kunnen nemen. Zo pareert ze ook kritiek van tegenstanders, die de evolutie in Afghanistan niet zo graag zien gebeuren en zouden kunnen vinden dat ze te ondernemend is. Ze laat zich natuurlijk wel zien, en is op die manier een rolmodel voor veel -vooral jonge- Afghanen. Waar het kan, gaat ze fysiek spreken, waar dat niet kan, omdat het bijvoorbeeld niet veilig is, gebruikt ze videoboodschappen. Zo wil ze haar land mee helpen heropbouwen, dat proces hier en daar een duwtje geven. Ze hoopt dat, zoals Ieper 100 jaar na de verwoesting weer springlevend is, ook haar land de weg naar de heropbouw en de vooruitgang kan vinden.