Meest recent

    Nederland krijgt een regering met "knetterrechtse" of "onbetrouwbare dieven"

    In Nederland is er een regeerakkoord. En meteen is er ook een record geëvenaard. Tenminste: het Nederlandse record. Vandaag maandag 9 oktober is de Nederlandse regerings­vorming 208 dagen oud,  even lang als het record van Dries van Agt in 1977.

    analyse
    Ivan Ollevier
    Ivan Ollevier is journalist buitenland bij VRT NWS. Hij volgt onder meer Nederland.

    Op 15 maart gingen de Nederlanders stemmen, en al die tijd leek het voor de buitenwacht alsof de politiek dat vergeten was. Vrijwel niets kwam er uit het Binnenhof naar buiten. Maar nu weet de Nederlandse pers: morgen, dinsdag, komt er witte rook uit de schoorsteen.

    Morgen presenteert de leider van de rechtsliberale VVD, Mark Rutte, een regeerakkoord. Dat is gesloten tussen vier partijen: de VVD, het Christen-Democratisch Appèl, het linksliberale D66 en de streng protestantse ChristenUnie.

    Woensdag debatteert het parlement erover, daarna wordt Mark Rutte aangewezen als formateur, en tegen het einde van de maand moet de nieuwe regering, Rutte III, een feit zijn.

    Waarom moest dat nu zo lang duren? Om te beginnen omdat de Nederlandse kiezer de kaarten wel heel verdeeld had geschud. Van grote partijen is er geen sprake meer; alle partijen zijn middelgroot of klein geworden. Dat betekent dat er, naar Nederlandse normen, met veel kandidaten onderhandeld moest worden. De VVD en het CDA, als grootste, lagen voor de hand, maar aan een meerderheid van zesenzeventig zetels geraakten die niet.

    Dus moesten er nog een derde en een vierde bij, en dan drong allereerst D66 zich op. Voor vierde regeringspartner was er keus: ofwel GroenLinks (dat viel al snel af omdat het onverenigbaar was met de rechtse meerderheid in het kabinet), ofwel de ChristenUnie. Het is die laatste geworden. Met de PVV van de radicaalrechtse Geert Wilders wou niemand in zee.

    Dichtgetimmerd

    Een tweede reden waarom het zo lastig onderhandelen was, was omdat die combinatie nog altijd maar een meerderheid van zegge en schrijve één zetel oplevert. Rutte III wordt dus een kwetsbaar kabinet.

    Als één enkel parlementslid van alle vier de coalitiepartners genoeg heeft van het kabinet, komt dat in moeilijkheden. Daarom werd het regeerakkoord “dichtgetimmerd”, zoals ze dat in Nederland noemen. Rutte wil de komende drieënhalf jaar accidents de parcours zo veel mogelijk vermijden, en daarom moest telkens weer overleg worden gepleegd met de parlementaire achterban.

    Hij wilde er zeker van zijn dat elk individueel lid van de meerderheidspartijen in de Tweede Kamer iets in het regeerakkoord terug kan vinden dat hem of haar tot tevredenheid stemt, of toch in ieder geval genoeg om het kabinet recht te willen houden. Dat vergde tijd.

    Knetterrechtse, onbetrouwbare dieven

    De balk waarop Rutte III de volgende legislatuur zijn evenwicht zal moeten bewaren, is dus smal, heel smal. Zesenzeventig zetels voor de regering, vierenzeventig voor de oppositie. Rechts en radicaalrechts nemen haar nu al onder vuur. Thierry Baudet van het Forum voor Democratie twitterde al: “Vertrouw de VVD nooit meer.” Geert Wilders was, naar aloude gewoonte nog iets pittiger: “VVD: partij van onbetrouwbare dieven.”

    De linkerzijde deed ook al haar duit in het zakje: “Niet rechts maar knetterrechts”, twitterde Jesse Klaver van GroenLinks de wereld in. En de radicaallinkse politicus van de SP: “Het nieuwe kabinet kiest voor bedrijven boven mensen.”

    Rutte III zal kwetsbaar zijn op zijn twee flanken.

    De inhoud

    Wat zal er in dat regeerakkoord staan? Rutte III wil dat de werkende Nederlander op het einde van de maand meer geld overhoudt, en daarom wil hij een grondige hervorming van het belastingstelsel die moet leiden tot een lastenverlaging van zes miljard euro. Van de vier belastingschijven wil het kabinet er uiteindelijk twee overhouden, zodat voor de meeste belastingplichtigen hetzelfde tarief zal gelden: zevenendertig procent.

    Daar tegenover zal dan staan dat de lage btw een stuk minder laag wordt: ze stijgt van zes naar negen procent. De bedrijfsbelasting daalt van vijfentwintig tot eenentwintig procent.

    Er komt geld vrij voor defensie, voor onderwijzers en thuisverpleegkundigen, migranten krijgen minder snel toegang tot de verzorgingsstaat, en er komt een kilometerheffing voor vrachtwagens.

    Identiteit

    Het kabinet-Rutte III wil dat scholen voortaan les geven over de tekst, betekenis en melodie van het, toegegeven wondermooie Wilhelmus, het Nederlandse volkslied. Al zal de bekommernis van het kabinet weinig te maken hebben met esthetiek en goede muzikale smaak, maar vooral met identiteitspolitiek.

    Dat was tenslotte een van de belangrijkste verkiezingsthema’s. Tijdens de campagne was gebleken dat de gemiddelde Nederlanders erg bezig zijn met de vraag wat hen nu onderscheidt van de rest van Europa, dat ze wakker liggen van de vraag wat het betekent om Nederlander te zijn. Voorts is het de bedoeling dat elke scholier zeker één keer het Rijksmuseum en de Tweede Kamer bezoekt. Na hun schoolcarrière mag die dan ook nog kiezen voor een vrijwillige burgerdienst. De beloning is: voorrang op een baan bij de overheid.

    Gefrustreerd

    Als het parlement na het debat woensdag vrede heeft met het regeerakkoord, kan Mark Rutte namen op ministerposten beginnen te plakken. Ook dat zal geen simpele opdracht zijn: het beperkte aantal ambten zal verdeeld moeten worden over vier partijen (terwijl dat er vroeger traditiegetrouw twee of hoogstens drie waren).

    De partijen zullen dus veel van hun ambitieuze Tweede Kamerleden teleur moeten stellen. Niet elk parlementslid zal dat makkelijk verteerbaar vinden. Met zo’n krappe meerderheid kan het kabinet elk gefrustreerd Kamerlid missen als kiespijn. Er zijn al regeringen van start gegaan met betere vooruitzichten.