Meest recent

    Het Bijbelse Hebron verdeelt joden en moslims, en nu ook Amerika en de Unesco

    Het heiligdom over de tombes van de Bijbelse aartsvaders en hun vrouwen is door de VN-cultuurorganisatie uitgeroepen tot werelderfgoed, maar net dat verdeelt blijkbaar de mensheid.

    Religie, archeologie en politiek gaan niet goed samen en dat blijkt ook nu weer. Duizenden jaren nadat de joodse bijbel tot stand kwam, wordt die traditie blijkbaar als excuus gebruikt voor het vertrek van de Verenigde Staten en van Israël uit de Unesco, de VN-organisatie voor onderwijs, cultuur en wetenschap.

    Aanleiding voor de tweede exodus van de VS uit de Unesco -in 1984 deed Amerika dat ook al eens- is wat de regering van president Donald Trump noemt "de anti-Israëlische houding van de Unesco". Dat is niet nieuw, want zijn voorganger Barack Obama stopte in 2011 al de jaarlijkse subsidie van de VS aan de Unesco omdat die toen Palestina als lid erkend had.

    De druppel die blijkbaar de VS-emmer deed overlopen, was de beslissing drie maanden geleden van de de raad van de Unesco om de Tombe van de Patriarchen/Moskee van Ibrahim in Hebron op de Westelijke Jordaanoever uit te roepen tot werelderfgoed in Palestina. Dat leidde tot grote woede bij de Israëlische regering, want die verweet de Unesco om de religieuze band van het jodendom en de aartsvaders te willen doorknippen. "Hier liggen onze vaders en moeders begraven", luidde het toen in Israël. Dat land en de VS zijn echter ook boos om de algemene teneur binnen de Unesco, die ze als vijandig voor het jodemdom en Israël beschouwen.

    Hebron ligt op de Westelijke Jordaanoever in Palestijns gebied. Er wonen 200.000 Palestijnen en enkele honderden joodse kolonisten in een erg gespannen verhouding. In 1994 werden 29 Palestijnen in de moskee van Abraham in Hebron doodgeschoten door een joodse extremist en bij de daarop volgende rellen kwamen nog eens 34 mensen om.

    "Waar Abraham, Izaak en Jakob begraven liggen"

    Hebron is na Jeruzalem de heiligste plaats voor de joden en na Mekka, Medina en Jeruzalem de vierde heiligste plek voor de moslims. Om die spanningen te begrijpen, kunt u beter uw Bijbelse kennis wat opfrissen.

    In de grot van Machpelah onder het heiligdom zouden de drie aartsvaders uit de Bijbel (Avraham/Ibrahim, Yitzhak/Ishaq en Ya'akov/Yaqub) begraven liggen, samen met hun vrouwen Sarah, Rivka en Leah. U merkt dat wij hier zowel de joodse als Arabische namen geven, want al die figuren worden vereerd door zowel joden, christenen als moslims en andere religies die daarvan aftakken.

    Op de plaats staat een ommuurd heiligdom, waarvan de roots teruggaan tot een structuur die daar 2.000 jaar geleden gebouwd werd door de joodse koning Herodes. Er is daarna veel bijgebouwd door onder meer de christelijke Byzantijnen en kruisvaarders, maar ook door de moslims. De huidige grote moskee dateert grotendeels uit de 14e eeuw, de periode dat de Mamloeken uit Egypte hier de plak zwaaiden. In 1948 werd Hebron veroverd door de Jordaniërs die de joden verboden om hier te komen bidden; sinds 1967 controleert Israël het heiligdom.

    Sinds 1997 is er een akkoord waarbij Israël 20% van de Palestijnse stad controleert, inclusief de veiligheid van het heiligdom. Dat wordt -net zoals de Tempelberg/Haram al-Sharif in Jeruzalem- wel bestuurd door een islamitische stichting of "waqf". Zowel joden als moslims kunnen in het heiligdom komen bidden en het is ook toegankelijk voor toeristen, onder wie veel christenen.