Meest recent

    Björn Soenens in de pop-upkliniek van Tennessee

    Elke week bericht onze Amerikacorrespondent over de grote en kleine dingen die hem verbazen in zijn nieuwe land. Deze week is hij geschokt over de miserie voor de Amerikanen zonder ziekteverzekering. Soms moeten ze jarenlang tandpijn of barstende koppijn verbijten voor ze naar de tandarts of oogdokter kunnen.

    expert
    Björn Soenens
    Amerikacorrespondent van VRT NWS. Hij woont in Brooklyn, New York City. | Voor meer van Björn Soenens, klik hier.

    Soms moet je als correspondent een brandstichter zijn. Als een schrijver die vuur maakt met de pen. Correspondent zijn is veel meer dan inzicht verschaffen in een vreemde samenleving. Het is ook als een inlevende antropoloog heel hard doen voelen hoe het leven écht is. 

    Goedkoop dik worden

    Ik ben op reportage in East Ridge, Tennessee, een klein plekje op de grens met het nog zuidelijker Georgia. Het wordt nachtwerk. Mijn cameraman Koen en ik zijn op missie in een tijdelijke, tweedaagse mobiele kliniek. We zijn om een uur of drie vannacht opgestaan, en voor we kunnen filmen, gaan we ontbijten bij IHOP. IHOP is dag en nacht open. 24 uur op 24 wordt er spek met eieren of pannenkoeken geserveerd. Het is halfvier op een zaterdagochtend en de zaak zit bijna halfvol. Een doodvermoeide waitress die hier werkt voor een hongerloontje, komt de bestelling opnemen. Ze vit op haar collega die volgens haar op zijn luie krent blijft zitten.

    Overal om me heen hoor ik het vettige Zuiderse Tennessee-accent van de klanten. Er zijn dronken ontbijters, er zitten ploegwerkers, grote families met kinderen, eenzame, ingedutte mensen ook. Het lijkt op een drukke ochtend. Maar dit is het holst van de nacht. Bij de bestelling komen gratis pannenkoeken meegeleverd, met caramelsaus (die we niet willen). Voor 8 dollar is alles inbegrepen, ook de slappe koffie. Er klinkt ook jaren 80-muziek uit de luidsprekers: Steve Winwood en zijn hit "Night train":  "Out of the night burning with light… hoping someday someone will say, I got it made…"

    IHOP is het vroegere International House of Pancakes. Veel stroop. Veel armoe in de zaak. Hier kan je goedkoop dik worden. Een omstreden keten, omdat IHOP alleen maar eieren serveert uit de legbatterij. De eieren druipen van de boter. Koen en ik moeten bijna kokhalzen. We vertrekken snel naar onze filmopdracht. Buiten maakt een koppel hevig ruzie.

    Mensonterende toestanden

    Aan het conventiecentrum van Camp Jordan Park in East Ridge rijden we de parkeerplaats op. Sommige mensen zijn de hele nacht wakker gebleven om straks binnen te geraken en eindelijk de medische zorg te krijgen waarnaar ze al zo lang verlangen. Op de stoep zit Richard, met zijn vrouw en zijn zoontje van drie. Even verderop zit Nicole. Ze heeft de hele nacht naast de pick-uptruck gezeten. Ze wil al haar tanden laten trekken (de vijf die ze nog over heeft). Een verzekering voor tandzorg heeft ze niet. Ze heeft geen oog dicht gedaan, en ze krijgt de slappe lach telkens als ze praat, van pure uitputting. Twee auto’s verder zie ik een vrachtwagen waar drie mensen in de open laadbak slapen, in de blote buitenlucht. Deze taferelen doen me denken aan een vluchtelingenkamp ergens ver weg. Maar hier?

    Twee dagen lang kunnen mensen hier gratis zorg krijgen. Onverzekerde mensen, slecht verzekerde mensen. Velen van hen hebben in geen jaren een tandarts of oogarts van dichtbij gezien. RAM zal vandaag voor ze zorgen. RAM, dat is Remote Area Medical, een soort Artsen zonder Grenzen, maar dan in het Amerikaanse binnenland. De organisatie leeft van privégiften en draait integraal op vrijwilligers.

    Voor de patiënten die hier in lange rijen staan aan te schuiven, is RAM een zegen: eindelijk kunnen ze die rotte tand laten trekken die hen al zo lang zeurende pijn bezorgt. Zonder verzekering is tandzorg pokkeduur.

    Michael moet zes tanden laten verwijderen, zegt hij. Als hij het zelf moet betalen, kost dat hem 1.450 dollar, en dat geld heeft hij niet. Hij kan al meer dan een jaar niet meer kauwen en de pijn is stilaan ondraaglijk. Later zie ik hem angstig afzien als zes van zijn voortanden getrokken worden. Ik hoor zijn tandbot kraken. Als RAM hier ooit terugkeert, dan zullen ze hem ook een nieuw gebit maken, nu nog niet. Eerst moet hij voort met een gapend gat in de mond. 

    Ik vraag hem hoe het met hem is na de ingreep. Zijn mond zit volgepropt met watten. Maar hij steekt zijn duim op. Hij is blij. Het is eventjes een mooie dag, verlost van veel ellende. Hij gaat naar huis met een zak pijnstillers. Zijn pijnvrije leven kan beginnen. Ik zie hier overigens ook mensen mét een ziekteverzekering, maar in het basiszorgpakket is er vaak geen terugbetaling voor oog-of tandzorg. Pech!

    RAM geeft ook gratis brillen weg voor Amerikanen die er zich geen kunnen permitteren. Heel wat mensen met migraine, omdat ze al jaren geen bril dragen terwijl dat wel zou moeten. Oude lenzen blijven ze lang na de houdbaarheidsdatum doorgebruiken, hun ogen prikken, of ze loensen nog wat harder. Soms komt een gezin langs met hun zoontje dat gedragsproblemen heeft op school. Blijkt dat het jongetje nooit kon volgen in de les omdat hij amper kon zien, maar dat helemaal niet durfde te zeggen. Een (gratis) brilletje doet wonderen voor zo’n kind. Ja, dit is Amerika, anno 2017. En ja, dit gebeurt écht. Geen ander Westers land kent zulke mensonterende toestanden. Dat Amerikanen gered moeten worden door een organisatie die normaal actief is in de armste delen van de wereld, bedenk ik, is toch wel een regelrechte schande.  

    Ja, dit is Amerika, anno 2017. En ja, dit gebeurt écht. 

    Maar, het is een hoopvolle dag in East Ridge, Tennessee. Tientallen rijen auto’s zijn de parking opgereden. Alle zorgzoekers krijgen een nummer toegewezen, in de volgorde waarin ze zijn aangekomen. Als ze wegrijden, zijn ze ook hun plaats kwijt. Vandaar dat er op deze plek zo veel mensen zijn blijven kamperen of overnachten, voor de deuren om zes uur in de ochtend opengaan. Tegen die tijd zijn zo’n 1000 volgnummers uitgedeeld. Per megafoon worden de nummers afgeroepen. Sommigen hebben uren gereisd om hier te zijn. Velen lachen al jaren niet meer met een glimlach, uit schaamte voor hun mond. Sommige mensen zijn zelfs hun baan verloren als ober, door hun lelijke gebit, of door voortanden die ontbreken. Hun bazen wilden hen geen klanten meer zien serveren. Slecht voor de business.

    "Een stukje derde wereld"

    Binnen zijn er zo’n 50 mobiele tandartspraktijken aan het werk. Een tandfabriek lijkt het bijna. Er wordt geboord, gesleurd, getrokken, en proper gemaakt. Overal hoor en zie ik gekreun. Grace is bang maar praat even met mij. Grace is hier samen met haar kindje van één jaar oud, een alleenstaande moeder. Ook haar mama is er, ook met rotte tanden die eruit moeten. Ik zeg aan Grace: “Straks de verlossing, eindelijk weg, die pijn?” Ze barst in huilen uit. “Het was meer dan hoog tijd”, zegt ze. “Ik zie al zo lang af. Ik heb zo veel pijn geleden, ik ben het beu.”  Haar betraande gezicht zit vol pukkels, en ze is ook nog een keer zwaarlijvig. Het is zo meelijwekkend om al die mensen hier samen te zien, en zo te zien lijden, in het rijkste land ter wereld. 

    Een dokter-vrijwilliger vertelt me: “Ze komen voor hun tanden, of hun ogen, maar ze lijden aan zo veel meer: hoge bloeddruk, een zwak hart, diabetes. Dat slechte gebit leidt tot nog meer problemen: bloedvergiftiging en de neiging om alleen nog maar rommel naar binnen te werken. Junk food, daar moet je bijna niet op kauwen, en dus is de hamburger populair, de milkshake, de zoete limonade, met alle gevolgen van dien…”

    “Dit is echt wel een stukje Derde Wereld”, zegt vrijwilliger en gepensioneerd tandarts Lown Reed. “En vaak lijden die mensen in stilte, ze zijn te verlegen en te eergevoelig om hulp te vragen, tot het niet anders meer kan.” Armoede leidt tot foute keuzes: drank en drugs om de pijn te stillen. Te veel zoete frisdrank, te veel koffie en sigaretten. Een vicieuze cirkel. 

    Dit is het Amerika ver weg van de show in het Witte Huis. 

    Geen verzekering, geen vangnet

    Hier komen een pak Amerikanen aankloppen die leven van voedselbonnen. Een gezin van vier krijgt zo’n 115 dollar per week om eten en drinken te kopen. Dat is 16 dollar per dag voor vier mensen. Probeer maar! Dan koop je dus het goedkoopste eten, meestal bewerkte chemische troep. Medische zorg is voor de meeste van deze mensen dus onbetaalbaar, en dus maak je of schulden, of je gaat gewoon niet naar de dokter en je leert de pijn te verbijten. Ik zie mensen uitzinnig van vreugde na het trekken van die pijnlijke tand. April knuffelt de jonge dokter uit Michigan die haar heeft geholpen. “Deze kerel is een held. De ingreep was pijnlijk, maar dat kan me geen barst schelen. Ik voel me verlost”, zegt ze. Ze kan de woorden met moeite uitspreken door de verdoving. 

    Waarom gebeurt dit in Amerika? 

    Het is nochtans beter dan vroeger. Door Obamacare zijn meer mensen dan ooit tevoren verzekerd. Nog altijd hebben 33 miljoen Amerikanen geen ziekteverzekering. Dat is één op de tien Amerikanen. De allerarmsten zijn wel verzekerd, via Medicaid, een door de overheid verstrekte zorgverzekering. Maar als je net niet arm genoeg bent, dan grijp je naast Medicaid, en dan ben je de klos. Geen verzekering, geen vangnet, geen tandzorg, geen oogarts, geen kankeronderzoek. Zoals die man die ik zag met zijn lange Kapitein Iglobaard. Al meer dan een jaar voelt hij bijna niets meer in zijn benen, en die gevoelloosheid is vaak het teken van verstopte aders, wat kan leiden tot een hartaanval of een herseninfarct. Charles heeft gekampeerd op de parking om zich eindelijk te kunnen laten onderzoeken. 

    Van de jungle naar de Verenigde Staten

    Eigenlijk verdient de organisatie Remote Area Medical (RAM) een Nobelprijs. En al zeker de bezielende stichter, de nu 81-jarige Stan Brock, die hier al de hele nacht rondloopt, als een barmhartige Samaritaan. Begin jaren 50 van de vorige eeuw stierf Stan Brock bijna, nadat hij een hoeftrap van een paard in zijn gezicht kreeg. Hij bevond zich in het regenwoud van het Amazonegebied, ergens tussen Brazilië en Guyana. Er was in geen velden en wegen een dokter in de buurt. Brock herstelde langzaam, na een maand, zonder dokter. Stan Brock, oorspronkelijk een Brit uit Lancaster,  leefde in die tijd als cowboy op een gigantische ranch met duizenden stuks vee, tussen de inheemse volkeren van de Amazone. Vele duizenden mensen zag hij doodgaan door mazelen, griep, of malaria. Na z’n eigen ongeluk besefte hij dat er iets moest gebeuren voor de indianen. Hij haalde zijn vliegbrevet en begon met een klein vliegtuigje dokters en medicijnen te vervoeren naar de jungle. 

    Dertig jaar later, in 1985, leidde dat tot de oprichting van zijn non-profitorganisatie RAM, Remote Area Medical, eerst actief in het Amazonewoud, daarna in Haïti en Oeganda. Tot hij ook een telefoontje kreeg uit de Amerikaanse staat Tennessee. En zo ontdekte Brock ook de noden van de VS. Duizenden vrijwilligers (dokters en verplegend personeel uit alle windstreken) hebben intussen al zo’n 660 keer een mobiel ziekenhuis opgezet. RAM heeft met gratis zorg ongeveer een half miljoen mensen geholpen. Ooit bedoeld voor afgelegen gebieden in ontwikkelingslanden, is de organisatie nu bijzonder actief in de Verenigde Staten.

    Stan Brock ging van school af toen hij 16 was. Nu is hij de Florence Nightingale van de Amerikaanse gezondheidszorg. De falende gezondheidszorg. Brock weet wat het is om geen cent te bezitten, om geen huis te hebben, en geen verzekering. Brock leeft als een Franciscus van Assisi. Hij heeft een matje dat hij elke nacht uitrolt in de kantoren van RAM in Tennessee. Een eigen huis heeft hij niet. Tegen mij zegt hij: “Nog nooit is een president op bezoek gekomen naar één van onze mobiele ziekenhuizen. Niet Trump, niet Obama, niet Bush of Clinton voor hem. Misschien moet de president dat toch een keer doen, en met de mensen praten. Misschien ontdekt Trump dan wel wat de echte noden van de mensen zijn. Misschien vallen de schellen hem dan van de ogen…”

    Nog nooit is een president op bezoek gekomen naar één van onze mobiele ziekenhuizen. 

    Per jaar organiseert RAM zo’n keer of twintig een pop-upkliniek, soms voor enkele honderden mensen in een ruraal gebied, soms voor duizenden mensen gedurende twee of drie dagen in een grote stad zoals Los Angeles. De dokters en verplegers doen het gratis, voor niets. Soms komen ze uit andere staten meehelpen. Grote harten zijn het. Ze regelen hun eigen vervoer, betalen hun eigen verblijfskosten.  Veel van het medische materiaal wordt geschonken. Ook apparatuur voor borstonderzoeken, aids- of diabetestesten. Op de parkeerplaats buiten maken ze in een truck lenzen en glazen voor nieuwe brillen. 

    Eerlijk? Je kan niet anders enorm onder de indruk zijn van deze vrijwilligers en het vuur waarmee ze mensen twee dagen hielpen. Dit zijn de helden van vandaag, geen twijfel over. Brock noemt zich alleen maar een oude cowboy die wat koffers draagt. Als je er even over nadenkt: het succes van Brocks pop-upkliniek is zowat de scherpst mogelijke aanklacht tegen het falende ziekteverzekeringssysteem van Amerika. 

    Wie meer wil weten over deze organisatie kan surfen naar RAMusa.org