Meest recent

    Tegen 2023 2 Nederlandstalige zetels minder in de Kamer

    Bij de eerstvolgende aanpassing van de zetelverdeling in de Kamer van Volksvertegenwoordigers aan de demografische evolutie in 2023 zal de Nederlandse taalgroep opnieuw twee zetels verliezen en er nog 85 overhouden. Sinds 1995 is het aantal al van 91 tot 87 gedaald, wat een totaal verlies betekent van zes zetels op minder dan 30 jaar tijd. Dat blijkt uit een berekening van Vives, een onderzoeksinstituut aan de Faculteit Economie van de KU Leuven.

    De zetelverdeling over de Belgische provincies wordt om de tien jaar in lijn gebracht met de demografische evolutie. De volgende keer dat dit gebeurt, is in 2023.

    Bij hun berekeningen gingen onderzoekers Gert-Jan Put en Bart Maddens uit van de demografische vooruitzichten van het Federaal Planbureau en Algemene Directie Statistiek. In 2023 zullen West-Vlaanderen en Limburg een zetel verliezen ten voordele van Brussel-Hoofdstad en de provincie Namen. "In de veronderstelling dat geen enkele Vlaamse partij de kiesdrempel van 5 procent haalt in Brussel-Hoofdstad betekent dit een nettowinst van twee zetels voor de Franse taalgroep", aldus beide onderzoekers.

    De Nederlandstalige partijen houden in 2023 85 zetels over, de Franstalige 65.     

    De verhouding tussen de Nederlandse en Franse taalgroep blijft in de periode 2023-2061 onveranderd. Wel verandert er tussen de provincies onderling heel wat. In de periode 2013-2061 verliest West-Vlaanderen drie zetels, Limburg en Henegouwen elk twee. West-Vlaanderen verliest een zetel in 2023, 2043 en 2061. Limburg in 2023 en 2053 en Henegouwen in 2033 en 2061. De provincies Antwerpen, Oost-Vlaanderen, Vlaams-Brabant, Namen en Waals-Brabant krijgen er in die periode elk een zetel bij. Antwerpen wint een zetel in 2033, Oost-Vlaanderen in 2053, Vlaams-Brabant in 2061 en Waals-Brabant in 2043. Namen wint er een in 2023, speelt die weer kwijt in 2043, maar krijgt er in 2061 weer een bij. Brussel-Hoofdstad wint er zelfs twee (in 2023 en 2043).