De vijf boeken die het leven van Patrick Mullie veranderd hebben

Zondag, rustdag. Een ideaal moment om uzelf in de zetel te nestelen met een boek. Daarom polsen we iedere zevende dag van de week naar het favoriete leesvoer van een bekend gezicht. Vandaag vertelt Voedingsdeskundige Patrick Mullie het verhaal achter zijn vijf lievelingsboeken. "Tot 15 jaar geleden las ik leuke romans om bij weg te dromen, maar die tijd is voorbij."

Patrick Mullie is één van Vlaanderens bekendste voedingsdeskundigen. Hij staat vaak in het oog van de storm, want discussies over gezonde voeding kunnen fel oplaaien. Lezen is dan een manier om tot rust te komen. “Tot een uur of negen kijk ik televisie, daarna is het tijd voor een boek. Voor ik in bed kruip, heb ik altijd minstens één uur gelezen. Mijn kinderen hebben die gewoonte overgenomen. Vaak zeggen ze ’s avonds: ‘Mag ik nog eventjes lezen, alsjeblieft? Anders kan ik écht niet slapen.’”

Lezen doet Mullie niet in bed, maar zittend aan zijn bureau, omgeven door tot de nok gevulde bibliotheekkasten.  “Ik heb hier vele honderden boeken staan en ik koop nog voortdurend nieuwe boeken. Wetenschap lees ik meestal in het Engels, actualiteit en reisverhalen in het Nederlands. Ik ben opgevoed in het Frans en heb ook altijd graag Franse boeken gelezen. Vooral biografieën, daar ben ik altijd zot van geweest.”

Een terugkerend element in het lijstje van Mullie: zijn liefde voor eenzaamheid en isolement. “Dat komt waarschijnlijk door mijn prille kinderjaren,” zegt hij. “Ik ben als enig kind opgegroeid in een afgelegen huis in Hoegaarden, omgeven door uitgestrekte velden. Ik kon daar urenlang alleen doorbrengen, met Franse klassiekers als Balzac als enig gezelschap. Misschien heb ik zo een eerder gesloten karakter ontwikkeld.”

1. "Robinson Cursoe" - Daniel Defoe

“Robinson Crusoe" van Daniel Defoe, het eerste boek op de lijst van Mullie, is geschreven in de vorm van een fictieve autobiografie. De auteur van die autobiografie, Robinson Crusoe, vertelt hoe hij hij na een schipbreuk op een onbewoond eiland belandt. Daar bouwt hij in totale eenzaamheid een nieuw bestaan op. Zijn enig gezelschap: een papegaai, een hond en twee katten. Die eenzaamheid eindigt wanneer kannibalen het eiland bezoeken om gevangenen op te peuzelen. 

Patrick Mullie is vooral gefascineerd door het eerste deel van het verhaal: de eenzaamheid van een man die in totale isolatie moet overleven. “Ik denk dat die fascinatie iets te maken heeft met mijn eigen drang naar stilte en eenzaamheid,” vertelt hij. “Alleen-zijn brengt je dichter bij de essentie van het leven. Anderzijds is daar ook moed voor nodig, want alleen-zijn is moeilijk. Het is dubbel: als ik alleen ben, dan hunker ik naar de groep; en als ik in groep ben, dan hunker ik naar alleen-zijn.”

Mullie weet zelf hoe het voelt van alleen te zijn, afgesneden van de buitenwereld. “In de winter van 2000 heb ik dat aan den lijve kunnen ervaren. Ik was toen tien dagen moederziel alleen in Siberië. Het was één van de zwaarste ervaringen van mijn leven. Op een bepaald moment zat ik vast in een verschrikkelijke sneeuwstorm. De hele nacht hoorde ik geschreeuw, maar het sneeuwde te hard om te gaan kijken. ’s Ochtends bleek dat twee mannen waren doodgevroren, op het Baikalmeer. Ik vraag me nog altijd af, of ik toen iets had kunnen doen.”

2. "Reizen en lotgevallen van kapitein Hatteras" - Jules Verne

Ook het tweede boek op de lijst van Mullie is een avonturenroman. “Reizen en lotgevallen van kapitein Hatteras” van Jules Verne vertelt het verhaal van een expeditie naar de Noordpool. Kapitein John Hatteras, de held van het boek, beleeft tijdens die tocht de meest waanzinnige avonturen. Hij moet afrekenen met een muiterij, hongerige ijsberen en een vulkaan. “Onderweg vallen ontelbaar veel doden,” vertelt Mullie. “Maar toch was ik als kind al helemaal gepassioneerd door dit boek.”

Mullie herkent de onbedwingbare aantrekkingskracht van het Hoge Noorden. Elk jaar trekt hij minstens één keer naar Scandinavië of naar Alaska. “Dit jaar nog maakte ik een trektocht in de buurt van Spitsbergen. Het was putje winter en de temperaturen daalden ’s nachts tot -30. Op dat moment is de minste fout dodelijk.”

Op die noordelijke expedities neemt Mullie altijd één boek mee. “Na een hele dag stappen ben ik altijd doodmoe, dus lezen is zeker niet evident. Bovendien probeer ik zo weinig mogelijk gewicht mee te zeulen. Daarom scheur ik ook elke gelezen bladzijde uit het boek en gebruik ik die om ’s avonds het vuur aan te steken. Het is al vaak gebeurd dat ik eerst moest lezen, voor ik kon eten. Anders moest ik pagina’s verbranden nog voor ik ze gelezen had.”

3. De wereld van Sofie" - Jostein Gaarder

“De wereld van Sofie”, het derde boek, is helemaal anders. Geen verlaten eilanden, geen kannibalen, geen uitgestrekte sneeuwvlaktes. Het boek gaat over een 14-jarig meisje, Sofie Amundsen, dat bij haar moeder woont. Op een dag ontvang ze anonieme berichtjes met daarop twee cryptische vragen: 1) Wie ben je? 2) Waar komt de wereld vandaan? Het is het begin van een lange zoektocht, waarbij Sofie stapsgewijs de geschiedenis van de Westerse filosofie ontdekt.

“Eigenlijk is het best een langdradig boek,” zegt Mullie. “Voor mij is het vooral bijzonder door de omstandigheden waarin ik het gelezen heb. Ik was in mei 1996 op trektocht in Quebec, met een vriend. Gedurende zeven dagen kwamen we niemand tegen. Ik las dit boek bij kaarslicht, omgeven door vreemde geluiden van wilde dieren. Totale afzondering, gekoppeld aan een schitterend landschap van meren, sneeuw en dennenbossen. Ik kon een zin lezen, en dan minutenlang mijmeren over die zin. Heerlijk, ik denk er nog altijd met weemoed aan terug.”

Filosofieboeken zijn verder niet aan Mullie besteed. “Ik heb sindsdien geen letter filosofie meer gelezen en ik ben van nature absoluut geen filosoof. Eigenlijk ben ik eerder nuchter en wiskundig van aard. Ik heb liever een handboek over statistiek dan over filosofie. Misschien ben ik wel een tikkeltje autistisch.”

4. "Nutritional Epidemiology" - Walter Willett

“Nutritional Epidemiology’ van Walter Willett is bij het grote publiek niet bekend. Onder voedingsdeskundigen is het nochtans een begrip. Het boek gaat over de complexe relaties tussen ziektes als kanker enerzijds en voeding anderzijds. “Het is een absolute mijlpaal in de voedingsleer,” zegt Mullie. “Walter Willett, de hoofdauteur, heeft fantastisch onderzoek gedaan. Hij is één van de reuzen in mijn vakgebied.”

Toen Mullie het boek ontdekte, snapte hij er aanvankelijk helemaal niets van. “Ik kon niet begrijpen dat mensen zulke moeilijke, onvatbare dingen kunnen schrijven. Dat ik er niks van snapte, frustreerde mij enorm. Ik werd er zò boos van, dat ik opnieuw ben gaan studeren. Eerst een master in de epidemiologie en de biostatistiek, daarna een doctoraat in de voedingsleer. Nu kan ik eindelijk zeggen dat ik het boek begrijp.”

5. "De naam van de roos" - Umberto Eco

“De naam van de roos” van Umberto Eco staat wél in ontelbare Vlaamse boekenkasten. De roman speelt zich af in een abdij in Noord-Italië, in de 14e eeuw. Broeder William Baskerville, de held van verhaal, wordt er geconfronteerd met zeven gruwelijke misdaden. Een misdaadroman, dus, maar dan eentje met veel filosofie en theologie en vol literaire verwijzingen.

“Het verhaal op zich vond ik niet zo belangrijk”, zegt Mullie. “Wat mij wel fascineerde waren de theologische discussies. Het feit of Jezus al dan niet zijn hemd bezat, is essentieel. Moet de kerk arm leven om tot de essentie te komen, of is luxe nodig om de gelovigen te imponeren? Dat spanningsveld tussen luxe en soberheid boeit mij wel.”

En jawel, ook hier is er een link met Mullies passie voor avontuurlijke trektochten. “Tijdens die expedities leer je afstand doen van het materiële. Je kan weinig meedragen en daardoor leer je de eenvoudige dingen weer naar waarde schatten. ’s Avonds in je tent liggen met een warme slaapzak en een gevulde maag, meer heb ik eigenlijk niet nodig. Geef mij dan nog een goed boek en ik ben oprecht gelukkig.” 

Meest gelezen